VWS Rondetafel-gesprek over wetsvoorstel Verplichte GGZ

Op maandag 31 oktober 2016 ging ik naar de Tweede Kamer in Den Haag voor een Rondetafel-gesprek met de vaste Kamercommissie VWS over Wetsvoorstel Verplichte GGZ. Zie ook https://www.tweedekamer.nl/vergaderingen/commissievergaderingen/details?id=2016A03872

Ik was uitgenodigd als spreker namens Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights.

Het Rondetafel-gesprek bij VWS was een soort hoorzitting, waarbij verschillende groepen hun visie op het Wetsvoorstel Verplichte GGZ gaven. De Kamerleden van de Commissie VWS konden vervolgens nadere vragen stellen. Het Rondetafel-gesprek dient ter voorbereiding van de verdere behandeling van Wetsvoorstel Verplichte GGZ in de Tweede Kamer.

Vooraf was aan alle sprekers gevraagd om een Position Paper te sturen.
Lees hier het position paper van Stichting  Mind Rights tegen Wetsvoorstel Verplichte GGZ: wvggz_positionmindrights_oktober2016
En zie hier Bijlage 1:
wvggz-positionmindrights_bijlage1_crpd_guidelinesarticle14

En Bijlage 2:
wvggz_positionmindrights_bijlage-2_waarom-gedwongen-ggz-behandeling-verboden-moet-worden

Zie de lijst met alle position papers hier: https://www.tweedekamer.nl/vergaderingen/commissievergaderingen/details?id=2016A03872

Het Rondetafel-gesprek begon om 10 uur in de Groen van Prinstererzaal. Er waren 4 blokken met sprekers. In totaal waren er 24 sprekers.  Zoals ik in mijn vorige bericht al aangaf, maakte ik me wel zorgen om de verwachtte toonzetting van het debat. Maar ik was goed voorbereid, en ik hoopte echt dat het me zou lukken om als voorlaatste spreker een sterk punt te maken. Dus ik kwam strijdvaardig binnen, en nam plaats op de publieke tribune.

Om 10 uur begon het eerste blok over: Wetenschap, adviescolleges, rechtsbescherming en juridische aspecten. In elk blok kregen de sprekers elk 2 minuten om hun standpunt te presenteren, en daarna konden de Kamerleden vragen stellen.

Mw. Ploem (AMC/UvA) sprak over de Thematische Wetsevaluatie Gedwongen Zorg van ZonMw, en over verdere procedurele harmonisatie van de wetgeving om de bestaande praktijken mee te faciliteren. Dit was niet vernieuwend, maar “meer van hetzelfde”.
(zie voor mijn visie op deze Thematische Wetsevaluatie mijn eerdere bericht: https://tekeertegendeisoleer.wordpress.com/2015/03/17/schokkend-gebrek-aan-kennis-bij-thematische-wetsevaluatie-gedwongen-zorg/ )

Dhr. Ruys, (Raad voor de Rechtspraak) sprak eveneens over de procedurele harmonisatie, vooral mbt strafrechtelijke sector (TBS) en de civielrechtelijke sector (GGZ), en het faciliteren van de geplande “gemakkelijke uitwisseling daartussen”.

Mw. B. Frederiks (VUmc)  sprak over Wetsvoorstel Zorg en Dwang mbt mensen met verstandelijke beperking en ouderen. Ze pleitte dat wetsvoorstel Zorg en Dwang minder rechtsbescherming biedt dan wetsvoorstel Verplichte GGZ, en dat dit verschil niet legitiem was, en “in strijd met het VN-Verdrag” (dat klonk bijna als een “recht op gelijke mishandeling” ). Ik was het dus maar ten dele met haar eens. In mijn visie zijn beide wetsvoorstellen onrechtvaardig.

Dhr. J. Dute (Radboud Universiteit Nijmegen) sprak zijn zorgen uit over de harmonisatie, afstemming en verschillen tussen verschillende sectoren en de Wetsvoorstellen Verplichte GGZ, Zorg en Dwang, en Forensische Zorg.
(Het viel mij enorm tegen dat hij niets zei over het VN-Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen, aangezien hij ook bij het College voor de Rechten van de Mens werkt. Hoe kan hij in deze context dit VN-Verdrag negeren en buiten beschouwing laten? Ik vond dit erg deprimerend, en eerlijk gezegd zelfs onbehoorlijk voor een lid van het College voor de Rechten van de Mens.)

Dhr. T-P. Widdershoven (Stichting PVP) sprak vervolgens over de formele rechtpositie van clienten, en benadrukte het gebrek aan kaders voor huisregels, en de grote impact hiervan op de rechten van clienten. Dat was op zich een goed punt. Daarnaast stelde hij o.a. dat “dwang bij ‘wilsbekwaam verzet’ in strijd is met het VN-verdrag”. Helaas: hiermee gaf hij blijk van de valkuil om onrechtmatigheden binnen bestaande normenkaders nu opeens te betitelen als “schending van het VN-verdrag”. In plaats van een nieuw normenkader te hanteren: Alle dwang is in strijd met het VN-verdrag.

Dhr. van Marle (Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming) vergeleek de aansluiting tussen de 3 wetsvoorstellen (Forensische zorg, GGZ en VG/PG) met een lappendeken, en sprak over verschillen in behandelkaders en rechtspositie tussen strafrechtelijke sector (Forensische Zorg) en civielrechtelijke sector (GGZ).

Na deze 6 sprekers begon ik me al een beetje ellendig te voelen, omdat men te positief was over de wetsvoorstellen, alsof dwangtoepassing een goede zorg-oplossing is. En alsof voortzetting van dwang een goede zaak is, en alsof er alleen verbetering binnen de bestaande modellen mogelijk is. En ook werd de inhoud van het VN-Verdrag niet correct neergezet door de sprekers, terwijl zij in principe te boek staan als wetenschappelijke en juridische experts ter zake. Hoe kan het dat een VN-verdrag, 10 jaar na haar verschijning, in Nederland nog steeds zo onbekend en onbemind is bij de professionals? Ik begrijp gewoon niet hoe dit kan in Nederland.

Gelukkig kwamen er tijdens de discussietijd vragen van Kamerleden (R. Leijten/SP en L. Voortman/GroenLinks) over de toepasselijkheid van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen voor deze wetgeving. En als allerlaatste spreker van dit blok gaf Jos Dute aan dat het General Comment over artikel 12 van het VN-Verdrag aangeeft dat geen enkele vorm van gedwongen zorg aanvaardbaar is onder het VN-Verdrag, en hij voegde daaraan toe dat hij daar zelf als persoon desondanks anders over dacht.

Ik was oprecht blij dat Jos Dute hardop erkende dat dwang niet is toegestaan onder het VN-verdrag, en ook zijn eerlijkheid over zijn persoonlijke standpunt op dit vlak vond ik toch wel netjes. Ik heb hem in de wandelgangen bedankt voor deze opmerking over het General Comment over CRPD artikel 12.

Rond 11 uur begon Blok 2: Overheid en rechterlijke macht.
In dit blok werd door de aanwezige vertegenwoordigers vanuit gemeenten en het justitiele apparaat veel tijd besteed aan het “aanpakken van verwarde personen” en de beheersing van openbare orde. Het ging nauwelijks over zorg.

Dhr. de Jonge (Vereniging Nederlandse Gemeenten/G4) pleitte voor een snelle invoering van wetsvoorstel Verplichte GGZ, wat hij een barmhartige wet vond om “mensen die een gevaar voor zichzelf of anderen zijn beter te beschermen, inclusief door ambulante dwang”.

Mw. Spies (Aanjaagteam verwarde personen) was ook onverdeeld positief over het wetsvoorstel Verplichte GGZ, wat “een instrument was voor een sluitende aanpak van verwarde personen”.

Dhr. Hofstee (Openbaar Ministerie) plaatste kanttekeningen bij de rolverdeling en procedures, met name op het gebied van gegevensuitwisseling tussen GGZ, politie, OM en eventueel andere actoren.

Dhr. Aalbersberg (Nationale Politie) hoopte dat Wetsvoorstel Verplichte GGZ resulteert in de broodnodige 24/7 beschikbaarheid van zorg, want “het is de vraag of het humaan is om een patient in handboeien af te voeren”. Hij zei letterlijk dat dwang averechts werkt en stress oplevert voor de client. (Ik vond dat een goed punt, maar dat WVGGZ de oplossing zou zijn is een slechte conclusie).

Dhr. Crone (burgemeester Leeuwarden /G32) bracht de welbekende casus van de vermoorde ex-politica nog maar eens over het voetlicht, en stelde dat “enkel ingrijpen bij gevaar” naar zijn mening te weinig was, en dat er behoefte was aan meer mogelijkheden “om in te grijpen wanneer de familie zich zorgen maakt”. (ook deze spreker leek dwang als goede zorg te beschouwen, en pleitte voor meer “preventieve opsluiting  ter voorkoming van criminaliteit en overlast op straat” – Dit is een enorm achterhaalde opvatting, en expliciet in strijd met de mensenrechten).

Dhr. Griffioen (Nationale Politie) vertelde dat de politie een “verward persoon” niet naar een politiecel wil brengen, maar vaak is er bij de GGZ geen plek en ‘zitten alle separeers vol’, en dan wordt iemand ter overbrugging toch een tijd in een politiecel opgesloten. Dat is niet goed voor de client. Er is gespecialiseerde zorg nodig.
Ik vond dit best een goed verhaal, behalve dan dat de naam en soort van de cel (separeer versus politiecel) ook weer niet veel uitmaakt, het gaat om zorg, maar dat was ook de conclusie van deze spreker, komend vanuit de praktijk. Ik kon me hier op zich wel in vinden. (eindelijk weer iemand met een zinnige bijdrage aan dit debat).

Mw. van Buren (woningcorporatie Aedes) sprak over de verantwoordelijkheden van woningbouwcorporaties mbt leefbaarheid in wijken, en verwachtte dat “dwang achter de voordeur” (ambulante dwang) een groot deel van de sociale problemen in wijken kan oplossen. (ook weer pijnlijk ouderwets)

Daarna was het tijd voor de vragen van de Kamerleden van de Commissie VWS. Zij vroegen vooral om verduidelijking, zoals: Hoe wordt de persoon centraal gezet, en hoe wordt de rol van familie versterkt. Helaas waren er geen hoogtepunten, alleen maar dieptepunten in dit deel van het debat. De antwoorden van de sprekers namens het Aanjaagteam, de gemeenten en de woningbouwcorporatie werden weliswaar gepresenteerd in mooie zorgtermen, maar het ging niet over zorg. Het bleef maar gaan over dwang als oplossing voor tal van maatschappelijke problemen, en hoofdzakelijk als een wondermiddel voor overlastbestrijding, en de hoge verwachtingen die zij van wetsvoorstel Verplichte GGZ hebben.

Daarna begon de lunchpauze. Het was geen goede ochtendsessie geweest. Ouderwetse visies hadden de overhand bij de sprekers. Maar omdat bij het eerste blok toch wel enorm duidelijk was geworden dat het VN-Verdrag daadwerkelijk vraagt om de afschaffing van dwang in de zorg, kon ik toch hoopvol en optimistisch blijven. De meningen van de Kamerleden zijn immers nog in vorming, vandaar dit Rondetafelgesprek. De race is nog niet uitgelopen.

Na de lunchpauze, om 13.15, begon Blok 3: zorgpartijen.
(De meeste juristen en gemeentelijke vertegenwoordigers waren alweer vertrokken tijdens de middagpauze, en leken blijkbaar geen interesse te hebben om de opvattingen uit het veld zelf te horen in blok 3 en 4, zorgpartijen en clienten/familie…  Dit is eigenlijk ronduit schandalig, zeker gezien de invloed die deze juridische/gemeentelijke groep heeft op dit traject. Gelukkig was de IGZ inspectie wel de hele dag vertegenwoordigd op de publieke tribune, hetgeen getuigt van oprechte interesse)

Dhr. Klompenhouwer (GGZ Nederland) was positief over wetsvoorstel Verplichte GGZ, maar zag nog wat juridische bezwaren rond de verschillen in burgerrechten tussen de diverse groepen.

Dhr. Backx (GGD/GHOR ) sprak over het belang van de OGGZ (Openbare GGZ, ambulante GGZ) voor preventie en als vangnet, en pleitte voor sterkere positionering van OGGZ voor een betere kwaliteit van zorg.

Dhr. E. Prinsen, (psychiater bij Dimence) benadrukte dat het primaire doel in de GGZ is om zorg te verlenen, en dwang te voorkomen, en dat beveiliging een te grote plaats heeft gekregen in wetsvoorstel Verplichte GGZ. Het gaat niet over “verwarde personen”, en is geen politietaak. GGZ is een specialisme, maar dat wordt nu opeens niet meer erkend door de wetgevers. Opsluiten vanwege “vreemd gedrag” zoals de observatiemaatregel beschrijft, is absoluut onwenselijk, zeker in het licht van dwangpreventie. Hij had veel fundamentele kritiek op wetsvoorstel Verplichte GGZ.
Ik was echt superblij met deze wijze woorden van nota bene een psychiater in dit debat. Erg hoopgevend.

Mw. H. Tamsma (NVvP) was eveneens bezorgd dat de WVGGZ van behandelwet, nu een beveiligwet is geworden, met veel nieuwe expliciete verwijzingen naar veiligheid, terwijl het aspect veiligheid reeds opgenomen was in het bestaande criterium van “doelmatigheid” onder BOPZ en WVGGZ. Doelmatigheid houdt in dat de behandeling ertoe moet leiden dat het gevaar verdwijnt.

Dhr. Vader (Leger des Heils) sprak over de toename van verwarde mensen op straat, en benadrukte dat wetsvoorstel Verplichte GGZ weinig concrete handvatten biedt om teloorgang tegen te gaan. Hij pleitte voor meer “drang” , wat hij uitlegde als bijvoorbeeld “verplichte begeleiding voor mensen die minder zelfsturing hebben”, vergelijkbaar met de reclassering. (Ik vond dit eerlijk gezegd maar een eng idee. Dwang is geen zorg.)

Dhr. Bluiminck (Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland) benadrukte dat vanwege de inherente verschillen tussen de doelgroepen van GGZ en VG/PG, de verschillen tussen de wetsvoorstellen Zorg en Dwang en Verplichte GGZ volgens hem te rechtvaardigen zijn.

Daarna was het weer tijd voor de vragen van de Kamerleden van de Commissie VWS. De vragen gingen over de rolverdeling en plichten bij het verlenen van gedwongen zorg, en over informatie-uitwisseling en overlegstructuren, over toezicht en richtlijnen voor ambulante dwang, over kostendekking (vooral bij preventie als er geen diagnose is), en over de sociale dimensie van GGZ-problematiek en gedrag.
Vooral Dhr. E. Prinsen was wederom een sterke pleitbezorger van het sociale model, en benadrukte dat het merendeel van de WVGGZ-doelgroep geen overlastgevers zijn, en dat het onzin is om de buurt verplicht te informeren over diagnoses, hetgeen bovendien ook in strijd kan zijn met goed hulpverlenerschap waarbij maatwerk centraal staat.
Verder werd duidelijk dat er geen richtlijnen zijn voor ambulante dwang, en het toezicht is ook nog niet uitgewerkt (toezicht achter de voordeur is een zeer complex vraagstuk op zichzelf). Ook is het door de theoretische opdeling van sectoren niet altijd duidelijk welke wet er nu van toepassing is op een bepaalde persoon, bijvoorbeeld iemand met een combinatie van verstandelijke beperking en GGZ-problemen. Dit is niet praktisch, en zou simpeler moeten stelden de sprekers.

Het was een interessante discussie, waarbij er aanzienlijke kritiek was op wetsvoorstel Verplichte GGZ, en er vooral werd gepleit dat beveiliging iets anders is dan zorg. Daar kon ik me helemaal in vinden.  Ik was echt blij dat de hulpverleners zich verzetten tegen de trend van verharding en toenemende beheersmaatregelen die momenteel door andere partijen wordt opgedrongen. Wederom hoopgevend.

Om 14.35 begon het laatste blok, Blok 4: patienten en hun familie en omgeving.
Ik nam plaats in het rijtje met sprekers.

Marjan ter Avest (LPGGZ) benadrukte dat de observatiemaatregel, waarbij mensen 3 dagen kunnen worden opgesloten op basis van enkel een vermoeden en zonder rechterlijke toets, sowieso in strijd is met het VN-Verdrag, en dat deze maatregel moet worden geschrapt. Wat nodig is, is preventie en 24/7 beschikbare zorg, en terugdraaien van bezuinigingen op sociale ondersteuning.

Bert Stavenuiter (Ypsilon) vertelde dat Ypsilon blij is dat de rol van de familie sterker is uitgewerkt in het wetsvoorstel Verplichte GGZ, maar noemde vervolgens een reeks aan zorgen en verbeterpunten voor het wetsvoorstel. Echt tevreden is Ypsilon dus ook niet met dit wetsvoorstel.

May-May Meijer (ervaringsdeskundige) vertelde over haar negatieve ervaringen met dwangmedicatie, en benadrukte het belang van vrijwillige zorg en de rol van familie. Net als LPGGZ pleitte ze voor het schrappen van de observatiemaatregel. Ook onderstreepte ze het belang van goede terminologie. Over ambulante dwang zei ze: “dan was ik waarschijnlijk van huis weggelopen” (en dat is precies wat mijn achterban ook zegt).

Daarna was ik, Jolijn Santegoeds (Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights) aan de beurt.
Ik benadrukte dat dwang iets heel anders is dan zorg, en dat wetsvoorstel Verplichte GGZ in strijd is met het VN-Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen, en dus ingetrokken moet worden. Wat nodig is, is een wet die goede zorg regelt, ook in crisissituaties. Daarbij heb ik ook de petitie: Wetgevers: Regel zorg, in plaats van dwang! overhandigd aan de Commissie VWS. (het aanbieden van een petitie tijdens spreektijd schijnt niet volgens de procedures te zijn, maar er werd ter plekke een uitzondering gemaakt, en de petitie is overhandigd via de bode).
Na mijn speech kreeg ik applaus vanaf de publieke tribune (als enige), dat was een mooie statement.

Lees hier mijn 2 minuten speech 2-minuten-speech-tegen-wvggz
Klik hier om de petitie: Wetgevers: Regel zorg, in plaats van dwang! in te zien.

Als allerlaatste spreekster kwam Mw. A.-M. Bruijs (Alzheimer Nederland), en ook zij verwierp de observatiemaatregel voor “verwarde personen”, want dit biedt totaal niet de zorg en aandacht die mensen met dementie nodig hebben, en is dus geen oplossing. Wat nodig is, is meer zorg en specialisatie, en betere kennis bij leken en omstanders.

Daarna volgden de vragen van de VWS-commissieleden. Zij vroegen vooral of de wet gepast was, waar het om gaat, en wat er als belangrijkste punt beter kan.

Op hoofdlijnen waren wij als sprekers het wel met elkaar eens, bijvoorbeeld dat goede zorg dwang kan voorkomen, en dat er structurele tekorten zijn in de zorg waardoor dwang veelvuldig wordt toegepast.
Maar er waren ook verschillen. Zo is LPGGZ (met een gemixte achterban) niet tegen alle vormen van dwang, maar streven naar zo min mogelijk dwang. Ypsilon gaf aan vroeger wel geheel tegen dwang te zijn geweest, maar inmiddels richten zij zich op “best practices”. Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights is wel tegen alle vormen van dwang, en stelt dat de hoofdvraag voor wetgeving niet moet gaan over: “wanneer dwang toepassen”, maar moet gaan over: “Hoe kunnen we goede zorg verlenen in crisissituaties”.
Goede communicatie, eigen regie, goede bejegening, inzet van ervaringsdeskundigen, en echt luisteren naar de persoon werden aangehaald als cruciale aspecten waar het om gaat in de zorg. En LPGGZ benadrukte dat de verandering van het criterium voor dwangtoepassing van “voorkomen van schade” naar “voorkomen van ernstig nadeel” een zeer ongewenste ontwikkeling is, en ook daarover waren we het eens.

Toen was de tijd op, en werd het Rondetafelgesprek afgesloten.
Mw. Leijten, de voorzitter, gaf aan dat er op woensdag 23 november 2016 een volgende VWS-vergadering is over wetsvoorstel Verplichte GGZ, getiteld: Tweede nader verslag.

Daarna werden we gevraagd om de zaal te verlaten. Ik kreeg diverse complimenten vanuit het publiek, dat het een sterk en helder verhaal was geweest. Ik heb ook nog wat gepraat met Grietje en Annemarie, die speciaal waren gekomen om mijn standpunt te steunen. En daarna ging ik terug richting Eindhoven.

*

Het was een geslaagd debat. Aanvankelijk vreesde ik dat het een enorm deprimerende dag zou worden, maar dat was het niet. Wellicht kam dat omdat ik ditmaal uitgenodigd was om te spreken, en ook nog eens een petitie bij me had, en me daardoor veel minder machteloos voelde dan andere keren, zelfs wanneer er vreselijke misvattingen en stigmatiserend taalgebruik werden gebezigd.

Na afloop van het rondetafelgesprek voelde ik me zelfs echt goed en trots op mezelf. Ik had de indruk dat mijn verhaal de aanwezigen wel aan het denken had gezet, hoewel er verder geen enkele vraag over het VN-verdrag werd gesteld.

Het was bovendien een echte mijlpaal om uitgenodigd te zijn om te spreken in de Tweede Kamer.Dit is een enorme verbetering tov vorig jaar, toen we niet uitgenodigd waren, zie ook https://tekeertegendeisoleer.wordpress.com/2015/10/20/reactie-op-wetsvoorstel-verplichte-ggz-is-nederland-nog-een-rechtsstaat/
“Na 10 jaar willen ze nu eindelijk een keer naar me luisteren”.

Op 20 november 2016 bestaat Stichting Mind Rights officieel 10 jaar (Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! is enkele jaren ouder).  En op 23 november is het volgende debat over de WVGGZ. Ik hoop dat er iets veranderd.

Ik merk dat het hele wetsvoorstel-traject me enorm raakt. De primaire oorsprong van mijn activisme ligt in mijn eigen ervaringen met onrecht, en het besef “dat de wet veranderd moet worden” om anderen dit leed te besparen. Het raakt me nu enorm, dat wetsvoorstel Verplichte GGZ nu toch zo op tafel ligt, ondanks onze vele acties. Elke ontwikkeling in het wetsvoorstel-traject levert een psychosociale achtbaan op voor mij, tussen hoop en vrees, tussen mijn grootste droom (verandering bereiken) en mijn grootste nachtmerrie (wederom geen gehoor vinden). Dit hakt er elke keer weer in.
Ik zou het echt onverteerbaar vinden als wetsvoorstel Verplichte GGZ wordt aangenomen, en als ik zou moeten concluderen dat al mijn inspanningen uiteindelijk tot geen enkel werkelijk resultaat leiden, en dat ik me opnieuw heel machteloos ga voelen, net zo machteloos als in de isoleercel, waar mijn stem ook niet gehoord werd….

Het is nog onduidelijk wat de politici zullen gaan doen met dit wetsvoorstel. Het is nu tijd om te blijven lobbyen voor verandering in lijn met het VN-verdrag, en dus: het afschaffen van dwang in de GGZ. Dat dwang niet helpt tegen psychische problemen, en daarom geen zorg genoemd kan worden, is toch niet zo moeilijk te begrijpen lijkt mij. Dit onrecht moet gewoon stoppen.

Ik heb in ieder geval mijn best gedaan bij dit Rondetafel-gesprek. Meer kan ik niet doen.
Ik heb nog steeds hoop.

Hoe mooi zou het zijn als Nederland inzet op vernieuwing. Er is inmiddels heel veel kennis ontwikkeld over dwangreductie in de klinische psychiatrie (o.a. via de projecten Dwang en Drang, en HIC, www.hic-psy.nl ). Hier is overheidsgeld aan besteed. De overheid zou juist nu de opdracht moeten geven om deze lijn voort te zetten, en een totaal ander wetsvoorstel gaan voorbereiden, over goede zorg en behoud van rechten tijdens crisissituaties. De bouwstenen zijn al deels geidentificeerd (conclusies van projecten Dwang en Drang, en HIC). Als Nederland, als kenniseconomie, nu inzet op het “leggen van de puzzel”, het formuleren van een nieuw kader (zorg in plaats van dwang), dan zou Nederland kunnen voldoen aan de internationale verwachtingen op het vlak van mensenrechten, zorg en innovatie.  Ik zie echt kansen voor Nederland mbt echte vernieuwing. Er zijn talrijke initiatieven, als puzzelstukjes.
Ik zal blijven proberen om de WVGGZ van tafel te krijgen. Het is echt mogelijk om het in Nederland ontzettend veel beter te doen, en ervoor te zorgen dat mensen met psychosociale problemen in crisissituaties goede zorg en ondersteuning krijgen, en dat dwang naar het museum gaat.

Er is hoop. Steeds meer mensen gaan “out of the box” denken, en er is groeiend draagvlak voor zorg in plaats van dwang. Langzaam sijpelt de bewustwording door. En ook al gaat het langzaam, er is dus wel beweging. Opvattingen in de GGZ beginnen te schuiven op allerlei vlakken (ook het werk van prof. Jim van Os is daar een voorbeeld van).

Ik kijk terug op het debat met gemengde gevoelens (hoop en vrees), maar toch vooral positief, omdat ik blij was dat ik een stem mocht hebben, en mijn bijdrage ging goed. En nu maar hopen dat de politici ervoor zullen kiezen om zorg te regelen in plaats van dwang!

Advertenties

Mind Rights position paper tegen WVGGZ

Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights is uitgenodigd om deel te nemen aan het rondetafelgesprek over Wetsvoorstel Verplichte GGZ (WVGGZ), aanstaande maandag 31 oktober 2016 bij de Tweede Kamer in Den Haag. Het is op zich goed nieuws dat ons standpunt op de agenda staat.

Het (openbare) rondetafelgesprek over het Wetsvoorstel Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg wordt gehouden door de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport, op maandag 31 oktober 2016 van 10.00 tot 15.20 uur, ter voorbereiding van de verdere behandeling van het wetsvoorstel.  (Voor meer info zie ook:  https://www.tweedekamer.nl/vergaderingen/commissievergaderingen/details?id=2016A03872 )

Ik ben de voorlaatste spreker, in het laatste blok:  Blok 4: Patiënten en hun familie en omgeving (14.35-15.20 uur). Er zijn nog 22 andere sprekers, en de bijeenkomst duurt bijna de hele dag.

Het rondetafelgesprek zal pittig worden, dat weet ik vrij zeker. Nog niet iedereen is even overtuigd van nieuwe mogelijkheden. Ik ga mijn uiterste best doen om draagvlak voor een nieuwe koers in lijn met het VN-Verdrag te vinden. Het wordt een zeer spannende Halloween-dag op deze manier, dat sowieso.

Inmiddels heb ik ook het WVGGZ Position paper van Stichting Mind Rights ingestuurd, met daarin ons standpunt tegen Wetsvoorstel Verplichte GGZ.

Lees hier het  Mind Rights position paper tegen WVGGZ: wvggz_positionmindrights_oktober2016
En zie hier Bijlage 1:
wvggz-positionmindrights_bijlage1_crpd_guidelinesarticle14

En Bijlage 2:
wvggz_positionmindrights_bijlage-2_waarom-gedwongen-ggz-behandeling-verboden-moet-worden

De lijst met Position Papers van alle sprekers, is te vinden op: https://www.tweedekamer.nl/vergaderingen/commissievergaderingen/details?id=2016A03872

*

Op maandag 31 oktober zullen we ook onze petitie: Wetgevers Regel zorg,  in plaats van dwang! aanbieden aan de Tweede Kamerleden. Wil je meehelpen om ons pleidooi kracht bij te zetten?  Ondertekenen kan nog steeds!
Zie: https://www.openpetition.eu/nl/petition/online/wetgevers-regel-zorg-in-plaats-van-dwang

Het debat op de tribune bijwonen kan ook. Het rondetafelgesprek heeft een openbaar karakter en vindt plaats in het gebouw van de Tweede Kamer (Groen van Prinstererzaal). In verband met de uitgebreide veiligheidsmaatregelen is het nodig om op tijd aanwezig te zijn en een geldig legitimatiebewijs mee te nemen.

Via https://www.tweedekamer.nl/home  kunnen debatten ook online gevolgd worden.

 

Hoorzitting Tweede Kamer over ratificatie VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen

Gisteren, maandag 9 februari 2015, ging ik naar de Tweede Kamer in Den Haag voor de Hoorzitting over de ratificatie van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen. De Hoorzitting was bedoeld om de leden van de Tweede Kamer Commissie van VWS, te informeren over de reacties van veldpartijen op de ratificatie-wetsvoorstellen mbt het VN-verdrag.

 

Ik was geen spreker maar zat op de publieke tribune. Ik had me erg verheugd op de Hoorzitting, omdat dit een mijlpaal zou zijn voor de erkenning van mensenrechtenschendingen door dwang in de zorg. Dit thema zou oa onder de aandacht worden gebracht door de Coalitie voor Inclusie, door LPGGZ en door het College voor de Rechten van de Mens. Ik had er erg veel zin in om dit te aanschouwen.

 

Vooral de erkenning door het College voor de Rechten van de Mens is daarbij een mijlpaal, aangezien ik daar vorig jaar nog enkele zeer heftige discussies heb gehad (zie o.a. https://tekeertegendeisoleer.wordpress.com/2014/04/16/zwaar-gesprek-bij-college-voor-de-rechten-van-de-mens-op-24-maart-2014/ ). Er is nu dus sprake is van een visie-verandering.

 

Het officiele schriftelijke advies van het College voor de Rechten van de Mens  over de ratificatie-wetsvoorstellen bevat een kritische passage over dwang in de GGZ:

 

Het College wijst er op dat het toezichthoudend VN-Comité bij het verdrag benadrukt dat gedwongen behandeling door psychiatrische en andere medische professionals strijd oplevert met de beginselen van het recht op persoonlijke integriteit (artikel 17), de vrijwaring van foltering (artikel 15) en de vrijwaring van geweld en misbruik (artikel 16). Mensen met een beperking hebben het recht een medische behandeling te kiezen. Het gedwongen opleggen van een behandeling is volgens het Comité dan ook een inbreuk op artikel 12 van het verdrag.1 Ook wanneer mensen in (psychiatrische) instellingen in crisissituaties geraken moet de Staat hun handelingsbekwaamheid respecteren.

Het College vraagt uw Kamer bij de behandeling van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en de Wet zorg en dwang na te gaan of de verplichtingen ten aanzien van dwang in de zorg op grond van de verplichtingen uit het verdrag aanpassing behoeven.

(bron: Pagina 8 Advies College voorde Rechten van de Mens: http://www.mensenrechten.nl/publicaties/detail/34841 )

 

De omslag in de visie van het College voor de Rechten van de Mens is een belangrijke doorbraak, en ik keek er erg naar uit om dit werkelijk benoemd te horen worden in de Tweede Kamer. Dat is wellicht voor het eerst dat er echt serieus over het afschaffen van dwang wordt gesproken, een mijlpaal in de geschiedenis van de clientenbeweging.

 

Vol goede moed ging ik naar Den Haag. Om 10.00 begon de Hoorzitting over ratificatie van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen.

 

De sprekers waren verdeeld over 3 blokken, en kregen elk 2 minuten om hun expert-visie toe te lichten, waarna de Kamerleden nog enkele verhelderende vragen konden stellen.

 

De eerste spreker was Dick Houtzager van het College voor de Rechten van de Mens. En hij zei het!! Hij benoemde 3 hoofdpunten:  toegankelijkheid, gelijke behandeling en regie, en bij het punt regie benoemde hij dat herzien moest worden of wetsvoorstel Zorg en Dwang en wetsvoorstel Verplichte GGZ aan het mensenrechtenverdrag voor de rechten van personen met beperkingen voldoet met het oog op ondersteuning. En dit geldt ook voor wetten over curatele, bewind en mentorschap. Ook is het College bereid om de rol van monitoring op zich te nemen.

 

Ik was blij om dit standpunt van het College voor de Rechten van de Mens te horen, ook al was het nogal summier en droog geformuleerd (er was ook maar heel weinig spreektijd). Het is een mijlpaal.

De dag begon dus goed.

 

Blok 1 vervolgde met een bijdrage vanuit de VGN (Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland), waarbij gesteld werd dat de mate van specialisatie in de zorg ook heeft bijgedragen aan exclusie, omdat de kennis van de sector niet is doorgevoerd naar de buitenwereld. Hierdoor ontstaan er oa veel problemen zijn bij de overgangen in de keten, zoals bijvoorbeeld in de bejegening van een persoon met een verstandelijke beperking in de periode voor, tijdens en na justitiele detentie. VGN pleitte er dan ook voor om de kennis die verzameld is in de sector door te voeren in de rest van de samenleving.

 

Daarna kwam aan bod: Toegankelijkheid van sport (NOC-NSF), toegankelijkheid van de horeca (Horeca Nederland), inclusie van personen met beperkingen in de bouw-uitvoering (Bouwend Nederland), de relatie tussen inclusief openbaar vervoer en specifiek doelgroep-vervoer (Connexxion/Veolia).

De laatste bijdrage van Blok 1 ging over het grote knelpunt mbt zorgvraag en indicatiestelling (WMO-onderzoek wat vaak fout gaat), waardoor op allerlei plaatsen in het land, mensen niet de zorg krijgen waar zij recht op hebben (ANBO).

 

De vragen van de Kamerleden gingen vervolgens hoofdzakelijk over toegankelijkheid, waarbij de genodigde sprekers benadrukten dat inclusie en toegankelijkheid begint met besef en bewustwording, geillustreerd met een voorbeeld van het voorlezen van de menu-kaart in de horeca (dat kost eigenlijk niets, maar het begint bij een besef van gastvrijheid en inclusie).

Helaas werd er niets meer gezegd over dwang in de GGZ.

 

Na een korte pauze van 5 minuten begon Blok 2.

 

Illya Soffer van Iederin gaf een treffende uiteenzetting van het belang van regie, inclusie en de mensenrechten in het VN-verdrag: Dat het gewoon is dat ik er ook ben. Het VN-verdrag biedt een routebeschrijving om stap voor stap tot inclusie te komen, en om beeldvorming, houdingen en gedrag ten aanzien van personen met beperkingen te veranderen. Het voeren van eigen regie, zeggenschap en keuzes behoort normaal te zijn voor ieder mens, ook voor personen met beperkingen. Iederin pleit voor een daadkrachtige implementatie en stelde dat de huidige ambities van de regering teleurstellend zijn.

 

Daarna volgde een bijdrage over de toegankelijkheid van kieslokalen en het stemproces (Kiesraad), waarbij de huidige ambitie van de regering (25% toegankelijkheid) als ondermaats wordt beschouwd.

 

Daarna sprak Conny Kooijman van LFB (vereniging door en voor verstandelijk gehandicapten) over de toegankelijkheid van informatie en voorzieningen in de samenleving voor personen met een verstandelijke beperking, zoals ontoegankelijke brieven van instanties, OV-voorzieningen en reis-informatie, het stemproces bij verkiezingen, en allerlei andere aspecten van het leven in de samenleving als medemens. Ook benadrukte Conny dat het wegvallen van subsidies een groot probleem is, waardoor de belangenorganisatie onder druk komt te staan. Betaalde krachten zijn nu onbetaald, en doen het werk als vrijwilligerswerk, en ervaren bijkomende druk van de participatiewet (verplicht betaald werk zoeken).

 

De volgende spreker was Nic Vos de Wael namens het Landelijk Platform GGZ (LPGGZ,). Hij sprak over het terugdringen van separeren in de GGZ. De ontwikkeling van High en Intensive Care in de GGZ (www.hic-psy.nl) laat zien dat het separeren teruggedrongen kan worden tot 0 of bijna 0, door het humaniseren van de zorg en het aanbieden van intensieve 1 op 1 zorg. Maar er bestaan grote verschillen tussen instellingen, en enkele instellingen melden een toename van dwang vanwege de bezuinigingen. Het VN-verdrag is een kans om goede zorg te realiseren en de afgevlakte ambitie om dwang terug te dringen te doen herleven. Het LPGGZ pleit ervoor om de interpretatieve verklaring mbt artikel 14 te schrappen, en wil graag het debat aangaan over het VN-verdrag en de GGZ. Het LPGGZ vindt dat wetsvoorstel Verplichte GGZ en wetsvoorstel Zorg en Dwang getoetst moeten worden aan het VN-verdrag.  Daarnaast benoemde LPGGZ het thema arbeid (slechts 20% heeft betaald werk) en illustreerde het thema inclusie met de problematische nieuwe regelgeving waarin de mogelijkheid bestaat om mensen een woning te weigeren op basis van overlast-meldingen uit het verleden, maar het is natuurlijk niet veiliger om deze mensen op straat te laten staan.  Het LPGGZ benadrukte: ratificatie is niet vrijblijvend en discriminerende wetten moeten worden tegengegaan.

Ik was blij dat het LPGGZ deze punten verwoordde.

 

Daarna werd er nog gesproken over de onduidelijkheden rond de rol en plichten van werkgevers mbt inclusie van personen met beperkingen  (VNO-NCW MKB Nederland),  over toegankelijkheid van winkels en webshops, en de ontwikkeling van een platform voor winkeliers voor informatie-uitwisseling mbt concrete instrumenten en aanpak (Detailhandel Nederland), en over premieberekening, risico-ontwikkeling en verzekerbaarheid  (Verbond van Verzekeraars).

 

Een krachtige bijdrage kwam vervolgens van Eva Westerhoff van Dovenschap. Zij was uitgenodigd als spreker, maar de Tweede Kamer had er niet aan gedacht om een gebaren-tolk te regelen, dus dat had ze zelf maar gedaan, en niet enkel voor zichzelf, maar ook zodat de Kamerleden haar konden begrijpen (die opmerking was een treffende illustratie van de tweeledigheid van inclusie, en bracht de Kamerleden lichtelijk in verlegenheid). Ze vertelde dat tal van aanpassingen nodig zijn in de Nederlandse wetgeving om barrieres weg te nemen voor de inclusie van doven en slechthorenden, zodat ook zij hun talenten kunnen benutten, hetgeen uiteindelijk een kostenbesparing is (geen uitkering maar een opleiding en werk). Ze pleitte expliciet voor de erkenning van de Nederlandse gebarentaal als officieel erkende Nederlandse taal, want dat is nu niet zo, hetgeen leidt tot veel problemen mbt voorzieningen.

 

De laatste bijdrage van Blok 2 was van LOC en ging over inclusief design (design for all). Veel voorzieningen zijn nu “exclusief” dwz. enkel ingericht op mensen zonder beperkingen, en aanpassingen zijn vaak duur en soms niet eens mogelijk. Door voorzieningen “inclusief” vorm te geven (toegankelijk OV, eenvoudig aanpasbare woningen enz.) worden de hoge aanpassingskosten omlaag gebracht of zelfs overbodig, en kunnen mensen met beperkingen ook zelfstandig meedoen in de samenleving, hetgeen een recht is en geen extraatje.

 

Na Blok 2 werden er ook weer vragen gesteld, wederom vooral over concrete doelgroep-voorzieningen en toegankelijkheid, en over de organisatie van clientenorganisaties (door bezuinigingen is dit voor bijna iedereen vrijwilligerswerk, en inkomsten zijn veelal versnipperde project-subsidies met een grote administratielast, en veel lokale initiatieven zijn gestopt terwijl de decentralisaties van de zorg en sociale voorzieningen nu juist vragen om lokale belangenbehartiging).

 

Na de lunchpauze van 30 minuten begon Blok 3, het laatste blok van deze bijeenkomst.

Peter Hoogenveen van de Coalitie voor Inclusie sprak over de tendens in de huidige samenleving waarbij iedereen met een streepje uitgesloten wordt, hetgeen leidt tot een onhoudbare en onbetaalbare situatie. Mensen met een beperking zijn geen kostenpost, maar de uitsluiting is de kostenpost. Het is zaak om de toegankelijkheid van de samenleving te repareren, hetgeen weerspiegeld wordt in de uitspraak: van medisch naar sociaal model.  Gelijkheid voor de wet betekent dat zeggenschap en beslissingen van een persoon niet overgenomen kunnen worden door een ander, en het VN-verdrag stelt dat er zonodig begeleiding beschikbaar moet zijn ter ondersteuning van de uitoefening van de wil en wensen van de persoon. Er kan geen voorbehoud zijn op zelfbeschikking. Meedoen is een recht, dus in plaats van lange discussies zou de Nederlandse staat ambitie moeten tonen, en bijv. mbt verkiezingen de norm stellen op 90-100% toegankelijke stemlocaties ipv de huidige 25%.

 

Daarna werd er gesproken over: het advies om nader onderzoek te doen naar procedures en aanpassingskosten voor bestaande ondernemers in geval van verzoeksprocedures voor aanpassingen (Actal)

 

Hadewych Cliteur van de koepel van ouderenorganisaties (CSO) sprak over de positie van ouderen,  die steeds langer thuis wonen, echter vaak in niet-levensloopbestendige woningen, waarvan de aanpassing complex en duur is. Ouderen ondervinden vaak tal van barrieres in de samenleving, zoals toenemende digitalisering, en een afname van voorzieningen als pinautomaten, buurtwinkels, kerken enz. De ratificatie van het VN-verdrag biedt kansen om niet enkel te kijken naar de gezondheidszorg, maar ook naar de kwaliteit van leven en de toegankelijkheid van de samenleving voor ouderen. Het VN-verdrag is geen bezigheidstherapie, en net als veel andere sprekers benadrukte ze dat er een gedegen plan van aanpak voor implementatie dient te komen.

 

Vanuit de Oogvereniging werd er aandacht gevraagd voor tal van barrieres die gelijkwaardig meedoen verhinderen voor blinden en slechtzienden, zoals het OV-chipkaart-systeem dat niet toegankelijk is, ontoegankelijke websites en informatie, problematische toegang tot het stemproces bij verkiezingen, en voorzieningen die blindegeleidehonden weigeren enz. Slechts 39% heeft betaald werk.

 

Daarna volgde een bijdrage vanuit de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over lokale implementatie waarbij er diversiteit bestaat tussen gemeenten bij het vormgeven van gemeentelijke beleid en praktische voorzieningen. Enkele gemeenten houden al rekening met het VN-verdrag als leidraad bij beleid (o.a. Middelburg en Utrecht).

 

Daarna werd er vanuit de NS gesproken over de (on)toegankelijkheid van het spoorwegvervoer, waarbij benadrukt werd dat de fysieke aanpassing van treinen zeer lastig is ivm de afschrijftijd van 30 jaar, maar de NS hoopt wel elk jaar iets te verbeteren….  (dit was geen indrukwekkende bijdrage).

 

Gerrit van der Meer van de Landelijke Clientenraad mbt sociale zekerheid (LCR) stelde eveneens dat er een goed plan van aanpak voor implementatie nodig is, en dat er een discrepantie bestaat tussen de participatiewet en het VN-verdrag, mbt discriminatie op het vlak van arbeid. Een inclusieve samenleving is veel rijker dan een samenleving die mensen uitsluit.

 

Daarna was er een bijdrage van Aline Saers van PerSaldo (belangenorganisatie van PGB-houders). Eigen regie is een voorwaarde voor participatie en maatschappelijke deelname, en eigen regie is bovenal een basisrecht. Uitsluiting van personen met beperkingen vindt nog dagelijks plaats, en het is nu nodig om stappen te zetten die echt bijdragen aan volwaardig meedoen en inclusie. Er zijn nog veel barrieres, zoals bijvoorbeeld: de lijst met verzekerde zorg bevat geen hulp buitenshuis (moet je dan maar altijd binnenblijven?). Ook zijn de voorzieningen opgedeeld over verschillende loketten en regels, waardoor het een enorm grote uitdaging wordt om levenslange en levensbrede ondersteuning te regelen. Door het zorgdomein te koppelen aan het VN-verdrag, komt participatie en inclusie van personen met beperkingen op de agenda. De huidige wetten en regels dienen getoetst te worden aan het VN-verdrag , en gemeenten dienen voorwaarden mb inclusie en participatie te stellen aan zichzelf en anderen.

 

De laatste spreker was Jacqueline Kool vanuit Disability Studies. Ratificatie van het VN-verdrag is een historisch moment omdat personen met beperkingen worden erkend als burgers, net als anderen. Personen met beperkingen hebben nog vaak te maken met discriminatie en uitsluiting, o.a. op het vlak van autonomie en eigen regie. Het VN-verdrag benadrukt het belang van actie om gelijkheid te realiseren. Een rode draad in het VN-verdrag is het participatiebeginsel: Nothing about us, without us. Dit impliceert dat de ervaringsdeskundigheid en kennis van personen met beperkingen dient worden erkend en benut bij kennisontwikkeling, en ook bij beleidsvorming en uitvoering van het VN-verdrag. Het thema eigen regie is een belangrijk thema in het VN-verdrag.  De huidige terugloop van voorzieningen bijt de uitvoering van het VN-verdrag.

 

Daarna was het tijd voor de vragen van de Kamerleden over Blok 3.

 

De eerste vraag was van Kamerlid Renske Leijten (SP) en zij vroeg aan de sprekers of zij konden aangeven welke wetten er gewijzigd dienden te worden voor een goede uitvoering van het VN-verdrag. Er werden tal van wetten genoemd, zoals kieswet, participatiewet, zorgverzekeringswet, quotumwet, omgevingswet, ziektewet, WIA, onderwijs en langdurige zorg. Maar er werd niets meer gezegd over dwang in de GGZ (wet verplichte GGZ en wet Zorg en Dwang) , terwijl de Coalitie voor Inclusie hier in principe ook onze belangen zou behartigen…

Dat trok ik even niet. Ik voelde me vergeten, en dat had ik niet verwacht, omdat ik binnen de Coalitie juist gehoor vindt (en het staat wel in de schriftelijke reactie, p4-5 http://www.vnverdragwaarmaken.nl/images/vninfo/14-0411_Bijlage_Alliantie.pdf ).

Misschien was het juist daarom, dat ik het ongelooflijk schokkend vond dat dit thema “vergeten” werd. Het voelde opeens weer alsof men alles belangrijker vindt dan het lot van de mensen die opgesloten zitten in isoleercellen, onderworpen aan dwang in de GGZ… Het voelde als uitsluiting, terwijl ik er juist op rekende dat het ditmaal anders zou zijn… dat deed echt pijn, en ik werd er zelfs onverwacht emotioneel van, dus toen ben ik maar heel even weggegaan naar de wc.

 

Daarna heb ik nog naar de laatste vragen en antwoorden geluisterd, wat o.a. ging over good practices, proportionaliteit van aanpassingen, gemeentelijk beleid (individueel maatwerk versus algemeen beleid) en clientenparticipatie.

 

Het viel me wel op dat de vragen van de Kamerleden voornamelijk praktisch van aard waren (welke voorzieningen en wijzigingen zijn er nodig), en het leek alsof dit vanuit een “ouderwets” zorg-perspectief werd benaderd (in het licht van versnipperde zorgkosten en haalbaarheid, grenzend aan symptoombestrijding), terwijl het gaat over inclusie: meedoen is een basisrecht.  Deze omslag in denken zag ik nog niet terug in de vragen.

 

Rond 15.00 was de sessie afgelopen. De Tweede kamer zal nu gaan kijken of er nog een consultatie-ronde en/of hoorzitting nodig is voordat men overgaat tot parlementaire behandeling van de ratificatie-wetsvoorstellen.

 

Ik had echt een dubbel gevoel toen ik wegging: Enerzijds was ik echt blij omdat het College voor de Rechten van de Mens, en ook LPGGZ, het punt hadden gemaakt dat dwang in de GGZ niet langer toelaatbaar is onder de nieuwe mensenrechtenstandaarden. Dat is een mijlpaal!
Maar ik was ook teleurgesteld dat dit thema aan het einde van de sessie alweer uit beeld was geraakt, en het is pijnlijk en zorgelijk dat de spreker van de Coalitie voor Inclusie ons zomaar eventjes vergat (dat hoort niet te kunnen). Maar ja, de spreektijd was ook erg kort, en wellicht was hij overdonderd door de vraag. Het was vast een eenmalige vergissing. Maar toch, in de toekomst moet dit wel beter, want mensen in isoleercellen, mensen onderworpen aan dwang in de zorg, mogen niet langer worden vergeten als het gaat over mensenrechten! 

 

Ik ben echt benieuwd hoe dit verder zal gaan.

Persoonlijke verklaring: 16 years old, depressed and tortured in psychiatry

Het is 10 december 2014, de dag van de mensenrechten. Daarom wil ik vandaag aandacht vragen voor de mensenrechtenschendingen door dwang in de psychiatrie in Nederland.

Vandaag publiceer ik mijn verklaring van mijn persoonlijke afschuwelijke ervaringen met mensenrechtenschendingen door dwang in de psychiatrie.

Eerder dit jaar, in maart 2014, werden mijn klachten over mensenrechtenschendingen door dwangtoepassing in de psychiatrie zeer serieus genomen door de VN Special Rapporteur on Torture and other Cruel, Inhuman or Degrading Treatment or Punishment en de VN Special Rapporteur on the Right of Everyone to the Enjoyment of the Highest Attainable Standard of Physical and Mental Health, die een alarmerende brief stuurden aan de Nederlandse Staat.

Zie evt. dit eerdere blog-bericht over de brief van de VN Special Rapporteurs

Zie ook de TV-uitzending van EenVandaag van 29 mei 2014:  Het einde van de isoleercel? http://www.eenvandaag.nl/buitenland/51755/het_einde_van_de_isoleercel_

 

Helaas reageerde de Nederlandse overheid niet zoals gehoopt, en stonden zij afwijzend tegenover het verzoek van de VN Special Rapporteurs om een onderzoek te starten naar mijn persoonlijke klachten.

Nu, 20 jaar na 1994 is het mij nog steeds niet gelukt om mijn dossier door een rechter te laten toetsen. Persoonlijk vind ik het noodzakelijk om de doofpot nu te doorbreken, door mijn ervaringen publiekelijk te delen, zodat eenieder weet welke taferelen aan het zicht onttrokken zouden zijn gebleven in het huidige Nederlandse systeem. Ik beschouw het als mijn plicht om dit bizarre onrecht te melden, en als dat niet op de reguliere weg kan, dan moet het blijkbaar via een persoonlijke publicatie.

Hier dient het nodige van geleerd te worden, zodat andere mensen dit leed bespaard kan blijven.

Mijn verklaring is in het Engels, zodat deze zaak ook door internationale ogen gevolgd kan worden.

Klik hier voor mijn Engelstalige verklaring over mijn persoonlijke ervaringen met dwang in de psychiatrie:16 years old depressed and tortured in psychiatry

Nederlandse ratificatie-wet op gespannen voet met VN-verdrag – artikel 14

We zitten in een spannende tijd. Het is inmiddels vast wel bekend; er is een nieuw VN-verdrag sinds 2006: Het Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen (CRPD).

 

De ratificatie (goedkeuring) van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen staat in Nederland gepland op 1 juli 2015. Daarmee zijn wij een van de laatste landen van Europa die dit verdrag ondertekenen, zie ook de publicatie: Nederland als laatste van medisch model naar mensenrechtenmodel?

 

De Nederlandse staat is momenteel bezig met een ratificatie-wet (Kamerstuk 33 992 / R2034). De toelichting van het ratificatie-wetsvoorstel (Kamerstuk 33 992 / R2034 nr.3) beschrijft de interpretatie die de Nederlandse Staat geeft aan het VN-verdrag, en  beschrijft de beoogde uitvoering van het VN-verdrag in Nederland. Het ratificatie-wetsvoorstel is echter niet in overeenstemming met het VN-verdrag. Er bestaan nog grote verschillen tussen de visie van de Nederlandse Staat, en de visie van de Verenigde Naties.

 

Het VN-verdrag verbiedt dwang in de GGZ, o.a. op basis van artikel 14 Vrijheid en veiligheid van de persoon.

 

Article 14, Liberty and security of person
1. State Parties shall ensure that persons with disabilities, on an equal basis with others:
a.Enjoy the right to liberty and security of person
b.Are not deprived of their liberty unlawfully or arbitrarily, and that any deprivation of liberty is in conformity with the law, and that the existence of a disability shall in no case justify a deprivation of liberty

 

Dit betekent dat het hebben van een beperking of diagnose geen rol mag spelen in beslissingen over vrijheid en opsluiting, want dat zou discriminerend zijn. Een beperking of diagnose is geen keuze, maar een persoonlijke eigenschap. En persoonlijke eigenschappen mogen geen grond zijn voor vrijheidsbeperking, want elk mens heeft recht op vrijheid, ongeacht afkomst, leeftijd, geslacht, beperking enz.

 

In het Nederlandse ratificatie-wetsvoorstel wordt dwang in de GGZ o.a. benoemd onder artikel 14.

 

Onder artikel 14 (midden pagina 51) stelt de overheid: ” Het gevaarscriterium (Artikel 1, onderdeel f, van de wet BOPZ) voorkomt dat een stoornis van de geestvermogens als zodanig, dus enkel het bestaan van een handicap, een grond voor opname zou kunnen zijn. Alleen als een persoon met een stoornis van de geestvermogens zichzelf of anderen in gevaar brengt, kan de rechter een machtiging afgeven voor gedwongen opname.”

Ook over het wetsvoorstel Verplichte GGZ, zeggen zij (op pagina 52): ” Onder het wetsvoorstel Verplichte GGZ is verplichte zorg slechts mogelijk als uiterste middel indien >> het gedrag van een persoon als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot aanzienlijk risico op ernstige schade voor hemzelf of voor een ander >>  Ook in dit wetsvoorstel is het hebben van een psychische stoornis als zodanig, dus enkel het bestaan van een handicap, geen grond voor verplichte zorg.”

 

 

Maar toch is het gevaarscriterium binnen de visie van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen een discriminerende constructie. Er bestaat namelijk al een algemeen systeem om “gevaarlijk gedrag” mee aan te pakken, namelijk de algemene wet die geldt voor iedereen. Als een zogeheten gezond persoon gevaarlijk gedrag vertoont, dan wordt dit getoetst aan de algemene wetgeving die voor iedereen geldt, met o.a. aspecten als: is er een wet overtreden, is daar bewijs voor, wat is de verdediging, en welke kaders zijn er voor een redelijke sanctie. Als er –gekoppeld aan een diagnose of beperking- een apart systeem met aparte wetten bestaat, dat bepaalde mensen uitzondert van bepaalde rechten, en veel verder ingrijpt op de persoonlijke vrijheden dan de algemene wet ingrijpt in het leven van zogeheten gezonde burgers, dan is dat discriminatie op basis van beperking.

 

Straf is straf. Zorg is zorg.

 

Vrijheidsbeperking en de ontneming van fundamentele rechten heeft niets te maken met goede zorgverlening. De term verplichte zorg suggereert dat de Nederlandse overheid dwang in de GGZ nog steeds beschouwt als een werkzame, heilzame kwalitatieve zorg-interventie. Maar dwang draagt niet bij aan geestelijk welzijn. Dwang is ouderwetse symptoombestrijding, en leidt tot meer trauma’s, meer strijd, meer problemen, en meer kans op nieuwe escalaties. Dwang is achterhaald.

Echte zorg vereist een goede zorgrelatie.

 

Het VN-verdrag roept op tot een grote verandering in de GGZ, waarbij dwang niet langer verward wordt met zorgverlening.

 

Voor bestraffing cq vrijheidsbeneming geldt de algemene wetgeving voor iedereen op gelijke voet. Discriminatie op basis van een beperking is verboden. Goede zorg heeft niets met vrijheidsbeneming te maken, en dus is vrijheidsbeneming op basis van het gevaarscriterium gekoppeld aan een diagnose een discriminerende constructie.

 

Dit wordt ook bevestigd in de recente Verklaring van het CRPD Committee over artikel 14
zie http://www.ohchr.org/EN/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=15183&LangID=E

 

 

In de praktijk betekent dit dus dat dwang moet verdwijnen uit de zorg. Opsluiting is geen zorg, maar een straf. Straf en zorg dienen volledig gescheiden te zijn.

 

Zorg is een vrije keuze. Vanuit respect voor diversiteit mag men iemand immers niet dwingen om zijn/haar persoonlijkheid te veranderen (dat zou marteling en wrede, inhumane en vernederende behandeling of bestraffing zijn, en dat is verboden). Mensen met beperkingen hebben dezelfde rechten als gezonde mensen, stelt het VN-verdrag.  Je hebt het recht om “ziek” te zijn, stelde het Europese Hof (Pleso v. Hungary, 2 oktober 2012). Gezondheid mag dus geen voorwaarde voor vrijheid zijn.

 

De wet geldt voor iedereen. Beslissingen over straf en vrijheidsbeneming dienen op basis van gelijkwaardigheid voor de algemene wet te worden besloten (dus geen preventieve opsluiting op basis van vermoedens, aannames en vooroordelen gelinkt aan diagnoses).

Het opleggen van een eventuele straf of vrijspraak dient te geschieden op basis van een zorgvuldige afweging, waarbij alle omstandigheden in ogenschouw worden genomen, en er in principe geen rigide, buitenproportionele of contraproductieve maatregelen hoeven te worden opgelegd, maar juist rechtvaardigheid wordt nagestreefd. Er zijn constructies mogelijk die passende consequenties op maat mogelijk maken ( dat heet “ reasonable accomodation ” ), zodat er geen disproportionele strafbelasting is.  Zorg kan echter nooit als straf opgelegd worden. Zorg is zorg. Straf is straf.

 

Goede zorg kan escalaties voorkomen, en daarmee kunnen sociale problemen, en de roep om gedwongen interventies, en ook straffen voorkomen worden. Dit blijkt o.a. uit de projecten Dwang en Drang ,  de ontwikkeling van High/Intensive Care in de psychiatrie (HIC, www.hic-psy.nl/ ), de signaleringsplannen,
de Crisiskaart  , de inzet van Eigen Kracht-conferenties  en ook inhet buitenland met bijv. Open Dialogue in Finland (zie de documentaire van 74-minuten op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=HDVhZHJagfQ ).

Bij al deze initiatieven staat respectvolle bejegening, crisispreventie en ondersteuning van herstel centraal.

 

Het is dus mogelijk om dwang te vervangen door goede zorg (met name crisispreventie).

 

In Nederland zijn er een heleboel hoopgevende initiatieven in de GGZ , en er is een groeiende weerstand tegen dwangtoepassing (denk aan de vastgebonden Brandon ). Clienten, naasten en hulpverleners hebben zich allang verenigd tegen dwang (zie ook intentieverklaring mbt het voorkomen van dwang in de GGZ ). Eigenlijk is onze samenleving en ook de zorgpraktijk klaar voor de omslag van dwang naar zorg. Het is een wens van velen.

 

Alleen laat de Nederlandse overheid het nog wel afweten. De teksten in het ratificatie-wetsvoorstel getuigen allerminst van inzicht in de moderne mensenrechtenstandaarden, en in plaats van te benoemen welke inspanningen er worden geleverd om dwang uit te bannen, beschrijft de overheid “hoe goed zij is in het uitvoeren van dwang”. Dat druist uiteraard volledig in tegen de strekking van het VN-verdrag.

 

Aan het eind van de paragraaf over artikel 14 in het ratificatie-wetsvoorstel (onderaan pagina 54), legt de Nederlandse overheid een  interpretatieve verklaring af:

 

The Kingdom of the Netherlands provides an interpretive declaration on CRPD article 14.
The Kingdom of the Netherlands recognises that all persons with disabilities enjoy the right to liberty and security of person, and a right to respect for physical and mental integrity on an equal basis with others. Furthermore, the Kingdom of the Netherlands declares iots understanding that the Convention allows for compulsory care or treatment of persons, including measures to treat mental illnesses, when circumstances render treatment of this kind necessary as a last resort, and the treatment is subject to legal safeguards.

 

Ook deze verklaring van de Nederlandse Staat geeft aan dat hun begrip van de mensenrechten voor personen met beperkingen nog in de kinderschoenen staat, en dat de Nederlandse Staat keihard inzet op het handhaven van dwang, in plaats van het afschaffen van dwang, en het realiseren van goede zorg in- en ter preventie van crisissituaties.

 

Het is de vraag hoelang dat overheidsstandpunt nog houdbaar is in onze samenleving. Dat is dus erg spannend. Het is niet ondenkbaar dat de Verenigde Naties een dergelijke interpretatie onvoldoende vinden. En het is ook niet ondenkbaar dat de samenleving toch weet aan te sturen op de beoogde verandering.

 

Als je het mij vraagt heeft dwang in de zorg in ieder geval zijn langste tijd gehad.

 

Wil je meehelpen om dwang te laten verdwijnen uit de GGZ?

Teken onze petitie: Wetgevers: Regel zorg in plaats van dwang in de GGZ
Het is hard nodig dat de GGZ verandert, en daarvoor zijn andere wetten nodig.
Laat mensen niet in een isoleercel zitten tijdens moeilijke tijden. Keer hen niet de rug toe. Geef je stem om te laten zien dat Nederland klaar is voor de omslag van dwang naar zorg!
Om de petitie te ondertekenen, vul je je email-adres in op deze site: http://www.avaaz.org/nl/petition/Aan_de_Voorzitter_en_de_leden_van_de_Tweede_Kamer_der_StatenGeneraal_Wetgevers_Regel_zorg_in_plaats_van_dwang_in_de_GGZ_3/?copy

 

Een andere wereld is mogelijk!

 

 

 

 

 

 

Nadere info over het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen:

bericht: Je hoeft niet 100% gezond te zijn om mensenrechten te hebben
publicatie: Nederland als laatste van medisch model naar mensenrechtenmodel?
publicatie: Herstel de depressie in het clientenrecht

 

 

Zie ook de website van het VN-comite voor het Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen, het CRPD Committee, http://www.ohchr.org/en/hrbodies/crpd/pages/crpdindex.aspx

 

Het CRPD Committee benadrukt in enkele officiele toelichtingen expliciet dat dwangtoepassing in de GGZ niet langer toelaatbaar is. Zie

 

 

Petitie aan wetgevers: Regel zorg in plaats van dwang in de GGZ

Wij hebben uw steun nodig om de GGZ te veranderen.

Er zijn andere wetten nodig.
Teken onze petitie, als je vindt dat de Tweede Kamer goede zorg moet regelen in plaats van dwang in de GGZ.

***
Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights heeft een petitie tegen Wetsvoorstel Verplichte GGZ gelanceerd:

Petitie:  * Wetgevers: Regel zorg, in plaats van dwang in de GGZ *
http://www.avaaz.org/nl/petition/Aan_de_Voorzitter_en_de_leden_van_de_Tweede_Kamer_der_StatenGeneraal_Wetgevers_Regel_zorg_in_plaats_van_dwang_in_de_GGZ_3/

Wij verzoeken om intrekking van wetsvoorstel Verplichte GGZ.

Wetsvoorstel Verplichte GGZ (Kamerstuk 32399) staat toe dat kwetsbare mensen op een ruwe wijze behandeld worden.

Het doel van de Nederlandse GGZ is niet: Kwetsbare mensen ruw behandelen, maar het doel is: goede zorg verlenen in crisissituaties.

Dwangtoepassing in de GGZ is een probleem, en geen oplossing!

De werkelijke hoofdvraag voor wetgeving mbt zorg in crisissituaties zou moeten zijn:
“Hoe te voorzien in een goed zorgaanbod in crisissituaties dat dwang overbodig maakt?”

Er is een transitie nodig in het GGZ-crisiszorg-aanbod.
Daarvoor zijn andere wetten nodig.

Wij verzoeken aan de Tweede Kamer:
Regel goede zorg, in plaats van dwang.

Om de hele petitie te lezen en te ondertekenen, ga naar:
http://www.avaaz.org/nl/petition/Aan_de_Voorzitter_en_de_leden_van_de_Tweede_Kamer_der_StatenGeneraal_Wetgevers_Regel_zorg_in_plaats_van_dwang_in_de_GGZ_3/

(Onderteken de petitie op de bovenstaande website, door je email-adres in te vullen)

De petitie zal aangeboden worden aan de Tweede Kamer op een nog te bepalen tijdstip. Hierover volgt tzt nader bericht.

Regel goede zorg ipv dwang_Avaaz

Recente activiteiten en Reactie op Tweede Nota van Wijziging Wetsvoorstel Verplichte GGZ

Hieronder een verslag van diverse activiteiten:

Reactie op Tweede Nota van Wijziging Wetsvoorstel Verplichte GGZ
Afgelopen week, op 8 juli 2014, heb ik een reactie gestuurd naar de Ministeries van VWS en V&J, en naar diverse politici, over de Tweede Nota van Wijziging van Wetsvoorstel Verplichte GGZ. Stichting Mind Rights was niet benaderd door de ministeries voor deze consultatie, maar kreeg toch inzage via andere connecties, en bracht daarna ongevraagd advies uit. Het is heel schokkend dat het gevaarscriterium steeds verder wordt opgerekt: Nu spreekt men van “ernstig nadeel voor zichzelf of anderen” (bestwil-criterium). Dat is veel ruimer dan gevaar of schade. De deur naar dwangtoepassing wordt dus weer wagenwijd opengezet met deze nieuwe wijzigingen. Het is onwaarschijnlijk dat deze absurde verruiming gaat leiden tot een vermindering van dwangtoepassing.

Even schokkend is het feit dat Nederland zich met wetsvoorstel Verplichte GGZ en de voorgestelde wijzigingen steeds verder distantieert van de internationale ontwikkelingen en de mensenrechtenstandaarden. Sinds de totstandkoming van het VN-Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen is er een internationale cultuurverandering gaande mbt de rechten van clienten. Er is een nieuwe visie met nieuwe normen. In het kort: Dwang is geen goede zorg, en wanneer gedwongen psychiatrische interventies ernstige pijn of lijden veroorzaken, dan valt het onder mishandeling en marteling. Dwangtoepassing in de zorg dient uitgebannen en verboden te worden. Tekorten in het systeem zijn geen rechtvaardiging voor mishandeling. De zorg dient op peil te worden gebracht. Goede zorg kan dwang overbodig maken. Het is nodig om te investeren in zorg en niet in dwang. Helaas gaat het Wetsvoorstel Verplichte GGZ niet over het verlenen van goede zorg in crisissituaties, integendeel: dwang wordt makkelijker: de mogelijkheden, criteria en inhoud van dwang wordt verruimd onder de WVGGZ. Dat staat haaks op internationale ontwikkelingen: De VN pleit voor een absoluut verbod op alle vormen van dwang in de zorg.

Lees hier de Reactie van Stichting Mind Rights op Tweede Nota van Wijziging WVGGZ

 

Dwangcijfers in Argus-rapport en Nieuwsuur
Verder heb ik uiteraard ook het nieuwe ARGUS-rapport bekeken, uitgekomen op 17 juni 2014: Zes jaar ARGUS- registratie van vrijheidsbeperkende interventies in de GGz in 2012 en ontwikkelingen ten opzichte van voorgaande jaren, http://www.ggznederland.nl/uploads/assets/Rapport%20-%20zes%20jaar%20argus%2017062014.pdf.pdf. Dit rapport bevat de dwangcijfers per instelling over 2012. Het verwerken van de gegevens kostte blijkbaar bijna 2 jaar (het is nu 2014). Dat betekent dat men pas na 2 jaar een overzicht c.q. inzicht heeft van de dwangpraktijken. Wat zegt dat over de rechtsbescherming van clienten!! Moeten zij 2 jaar wachten voordat men afwijkende trends signaleert? Krijgen zij dan na 2 jaar excuses als er een kliniek onder de maat scoort? Of komt de inspectie dan kijken 2 jaar te laat?? Dat is mosterd na de maaltijd, en de instelling zal dan zeggen dat er elk jaar weer veel nieuwe ontwikkelingen zijn en dat de data alweer verouderd zijn… Wat heb je aan cijfers die 2 jaar te laat komen??!! (bijv. als de klachtenprocedures al geweest zijn enz.)

Ook heb ik de uitzending van Nieuwsuur gezien op 17 juni 2014: Opsluiten psychiatrie: 60 extreme gevallen. http://nieuwsuur.nl/onderwerp/662367-opsluiten-psychiatrie-60-extreme-gevallen.html .
De openingszin van het item is: “Eenzame opsluiting in de psychiatrie is sinds een aantal jaren niet meer geaccepteerd, maar het gebeurt nog vaak: In 2012 bijvoorbeeld 10.000x”. Dat cijfer is afschuwelijk hoog, zeker voor iets dat niet meer geaccepteerd is. Dat zijn ontzettend veel mensen die er een diep trauma bij hebben gekregen!! In 2012 zaten 60 mensen zeer langdurig in eenzame opsluiting (langer dan 3 maanden). Het is onbegrijpelijk dat deze afschuwelijke verwaarlozing nog steeds kan plaatsvinden in Nederland, zonder echte sancties vanuit inspectie of de wetgeving.

De Nederlandse staat is inmiddels al tweemaal berispt mbt dwangtoepassing in de GGZ, en verschillende VN-organen drukken hun zorgen uit om de torenhoge dwangcijfers in Nederland (zie de  Reactie van Stichting Mind Rights op Tweede Nota van Wijziging WVGGZ). Men signaleert jaarlijks dat er torenhoge dwangcijfers zijn in Nederland, maar wanneer leidt dat tot consequenties?? Wanneer worden de clienten gered van deze verwaarlozing en mishandeling??!

 

Het moet anders: geen dwang maar zorg!
Bekijk hier nogmaals de uitzending van EenVandaag van 29 mei 2014: Het einde van de isoleercel? http://www.eenvandaag.nl/buitenland/51755/het_einde_van_de_isoleercel_
Nederland moet het omgaan met psychosociale crisissituaties echt anders gaan aanpakken! Zonder dwang en met zorg.

Stichting Mind Rights heeft in reactie op de Tweede Nota van Wijziging van de WVGGZ uiteengezet hoe het anders aangepakt kán worden: De WVGGZ moet van tafel, en er moet een wet komen die goede zorg in crisissituaties regelt en dwang overbodig maakt. Lees hier de  Reactie van Stichting Mind Rights op Tweede Nota van Wijziging WVGGZ.

 

Overige activiteiten:

Japanse delegatie bestudeert inzetten Eigen Kracht-conferenties ter voorkoming van dwang
Verder was er deze week op 11 en 12 juli een delegatie uit Japan in Nederland, om meer te leren over het inzetten van Eigen Kracht-conferenties om dwang en institutionalisering in de GGZ te voorkomen. Japan heeft het hoogste aantal dwangtoepassingen in de GGZ van de hele wereld, ongeveer 4x zo hoog als het gemiddelde van de OECD-landen (Belgie staat op enige afstand op nummer 2, en Nederland staat op 3). Mari Yamamoto, Yoshikazu Ikehara en Reiko Iciki uit Japan hebben een trainingsworkshop van 2 dagen gevolgd bij de Eigen Kracht-Centrale in Amsterdam (www.eigen-kracht.nl ), gegeven door Hedda van Lieshout (Eigen Kracht-centrale) en ik. Gert Schout (projectmanager/onderzoeker Eigen Kracht bij BOPZ) deed ook een bijdrage via Skype. We zijn erg trots dat deze Japanse delegatie speciaal is afgereisd naar Nederland om te leren over ons project met Eigen Kracht-conferenties ter voorkoming van dwang in de GGZ. 🙂

 

Human Rights Committee
Aankomende week ben ik weer een aantal dagen in Geneve (van 14-17 juli), samen met Tina Minkowitz (USA), Hege Orefellen (Noorwegen) en de Japanse delegatie. We gaan naar de 111e sessie van het Human Rights Committee. Het Human Rights Committee werkt aan een document over vrijheidsbeperking (Draft General Comment no.9 on the right to liberty and security of persons). Het Human Rights Committee heeft ook de ICCPR-review van Japan en Ierland op het programma staan. Ik ga met het World Network of Users and Survivors of Psychiatry (WNUSP, www.wnusp.net) proberen het bewustzijn van het Human Rights Committee te vergroten mbt de mensenrechtenschendingen door dwang in de zorg, en de schaduwrapporten van NGO’s en cliëntenorganisaties uit Japan en Ierland ondersteunen. Ook zal WNUSP proberen invloed uit te oefenen op het document over vrijheid en vrijheidsbeperkingen, door een seminar te organiseren voor de leden van het Human Rights Committee over dwangtoepassing en mensenrechten. Mijn reisverslagen zijn te vinden op www.punkertje.waarbenjij.nu