Alarm! Nederlandse overheid wil afwijken van mensenrechten!

Diep geschokt ben ik, nu ik lees welke Verklaringen de Nederlandse Staat heeft toegevoegd aan de ratificatie van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen.

De Verklaringen bij Ratificatie betekenen dat Nederland het anders wil doen dan de VN voorschrijft. Het gaat dus om afwijkingen van de mensenrechtenstandaarden.

Aanvankelijk dacht ik dat Nederland die “interpretatieve verklaringen” had laten vallen,  – althans, dat is mij verteld door de Nederlandse delegatie op 13 juni 2016, zie mijn blog: http://punkertje.waarbenjij.nu/reisverslag/4921178/new-york-day-1-civil-society-crpd-forum  –
maar dat blijkt dus niet waar te zijn.
Ik weet niet waarom men mij onjuist heeft voorgelicht…. Ik vind het wel heel erg raar.

Dit is een enorme teleurstelling!

Zie hier de website van de VN (OHCHR) met de informatie over ratificaties en verklaringen: http://indicators.ohchr.org/
Klik op Nederland.
Klik op Declarations.
En scroll naar: Convention on the Rights of Persons with Disabilities.

Daar staat een extreem lange lijst met uitzonderingen die Nederland bij dit Verdrag wil aanhouden.

Hierbij valt enorm op, dat de uitzonderingen vooral over het system van gedwongen interventies gaan (wilsonbekwaam-verklaringen en gedwongen interventies).

 

Lees hier de Declarations of the Netherlands:

Déclarations made upon ratification (2016): “Article 10 The Kingdom of the Netherlands acknowledges that unborn human life is worthy of protection. The Kingdom of the Netherlands interprets the scope of Article 10, in line with the relevant case law of the European Court of Human Rights on this issue, to the effect that such protection – and thereby the term ‘human being’ – is a matter of national legislation. Article 12 The Kingdom of the Netherlands recognizes that persons with disabilities enjoy legal capacity on an equal basis with others in all aspects of life. Furthermore, the Kingdom of the Netherlands declares its understanding that the Convention allows for supported and substitute decision-making arrangements in appropriate circumstances and in accordance with the law. The Kingdom of the Netherlands interprets Article 12 as restricting substitute decision-making arrangements to cases where such measures are necessary, as a last resort and subject to safeguards. Article 14 The Kingdom of the Netherlands recognizes that all persons with disabilities enjoy the right to liberty and security of person, and a right to respect for physical and mental integrity on an equal basis with others. Furthermore, the Kingdom of the Netherlands declares its understanding that the Convention allows for compulsory care or treatment of persons, including measures to treat mental illnesses, when circumstances render treatment of this kind necessary as a last resort, and the treatment is subject to legal safeguards. Article 15- The Kingdom of the Netherlands declares that it will interpret the term ‘consent’ in article 15 in conformity with international instruments and national legislation which is in line with these instruments. This means that, as far as biomedical research is concerned, the term ‘consent’ applies to two different situations: 1. Consent given by a person who is able to consent, and 2. In the case of persons who are not able to give their consent, permission given by their representative or an authority or body provided for by law. The Kingdom of the Netherlands considers it important that persons who are unable to give their free and informed consent receive specific protection taking into consideration the importance of the development of medical science for the benefit of persons with a disability. In addition to the permission referred to under 2. above, other protective measures as included in international instruments are considered to be part of this protection. Article 23 With regard to Article 23 paragraph 1(b), the Kingdom of the Netherlands declares that the best interests of the child shall be paramount. Article 25 The Kingdom of the Netherlands interprets article 25 (a) to concern access to health care and the affordability of health care, and confirms that discrimination in such matters is not allowed. The Kingdom of the Netherlands considers it also important that health care professionals may determine which health care is provided based on medical grounds and its expected (in)effectiveness. The individual autonomy of the person is an important principle laid down in Article 3 (a) of the Convention. The Kingdom of the Netherlands understands Article 25 (f) in the light of this autonomy. This provision is interpreted to mean that good care involves respecting a person’s wishes with regard to medical treatment, food and fluids, and that a decision to withhold any of these can also be based on medical grounds. Article 29 The Kingdom of the Netherlands is fully committed to ensure the effective and full exercise by persons with disabilities of their right and opportunity to vote by secret ballot. It recognizes the importance of persons with disabilities to have, where necessary, at their request, assistance in voting. To safeguard voting by secret ballot without intimidation, as provided for in article 29 (a) (ii), and to ensure the principle of one vote per person, the Kingdom of the Netherlands declares that it will interpret the term ‘assistance’ in article 29 (a) (iii) as assistance only to be effected outside the voting booth, except with regard to assistance required due to a physical disability, in which case assistance may also be permitted inside the voting booth.”

Declarations made upon signature (2007): “The Kingdom of the Netherlands hereby expresses its intention to ratify the Convention on the Rights of Persons with Disabilities, subject to the following declarations and such further declarations and reservations as it may deem necessary upon ratification of the Convention. Article 10 The Kingdom of the Netherlands acknowledges that unborn human life is worthy of protection. The Kingdom interprets the scope of Article 10 to the effect that such protection – and thereby the term ‘human being’ – is a matter for national legislation. Article 15 The Netherlands declares that it will interpret the term ‘consent’ in Article 15 in conformity with international instruments, such as the Council of Europe Convention on Human Rights and Biomedicine and the Additional Protocol concerning Biomedical Research, and with national legislation which is in line with these instruments. This means that, as far as biomedical research is concerned, the term ‘consent’ applies to two different situations: 1. consent given by a person who is able to consent, and 2. in the case of persons who are not able to give their consent, permission given by their representative or an authority or body provided for by law. The Netherlands considers it important that persons who are unable to give their free and informed consent receive specific protection. In addition to the permission referred to under 2. above, other protective measures as included in the above-mentioned international instruments are considered to be part of this protection. Article 23 With regard to Article 23 paragraph 1 (b), the Netherlands declares that the best interests of the child shall be paramount. Article 25 The individual autonomy of the person is an important principle laid down in Article 3 (a) of the Convention. The Netherlands understands Article 25 (f) in the light of this autonomy. This provision is interpreted to mean that good care involves respecting a persishes with regard to medical treatment, food and fluids.”

 

*

Het is bijna niet te geloven dat Nederland met deze stellingen komt, zelfs nadat het CRPD-Committee reeds vele verduidelijkende artikelen ter jurisprudentie heeft uitgegeven, zoals o.a.:

de General Comment no.1 on article 12 Equal recognition before the law, (2014) http://www.ohchr.org/EN/HRBodies/CRPD/Pages/GC.aspx

de Guidelines on article 14 Liberty and security of the person, (2015) te vinden op: http://www.ohchr.org/EN/HRBodies/CRPD/Pages/CRPDIndex.aspx

de oproep van 2 Speciale VN-Rapporteurs: Dignity must prevail (2015) http://www.ohchr.org/en/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=16583&LangID=E

 

De Verklaringen bij Ratificatie betekenen dat Nederland het anders wil doen dan de VN voorschrijft. Het gaat dus om afwijkingen van de mensenrechtenstandaarden.
Het is werkelijk onbegrijpelijk dat de Nederlandse overheid hiervoor kiest.

Er zijn namelijk zoveel inspanningen, ook in de GGZ zelf, om dwang uit te bannen en humane zorg te leveren.
Zoals bijvoorbeeld:

De ontwikkeling van High Intensive Care Psychiatrie (HIC), http://hic-psy.nl/

En het Dolhuys Manifest: Nederlandse GGZ separeervrij! , zie http://www.hetdolhuys.nl/nieuws/de-isoleercel-is-rijp-voor-het-museum-

 

Dwang was gedurende de laatste 25 jaar al een “laatste redmiddel dat vermeden dient te worden, en zo min mogelijk gebruikt, omdat het namelijk geen therapeutische waarde heeft, en nadelig kan zijn” (grondslag uit MI-principles en wet BOPZ).

We hebben allemaal kunnen zien dat het gebruik van het “ultimum remedium” desondanks al 25 jaar lang toeneemt, en dat het huidige systeem van “zo min mogelijk dwang” dus niet werkt.

Het VN-Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen brengt nu verandering. Na 25 jaar lang “proberen om dwang te voorkomen”, wordt de norm nu verlegd, en erkent men dat dwang niet hetzelfde is als zorg. Dwang dient te verdwijnen. Eenieder heeft recht op goede zorg.

Ratificatie zonder uitzonderingen zou de ontwikkeling van humane zorg versterken. Echter, de Nederlandse overheid blijkt dwang te willen behouden!! Dit is een bizarre keuze, die teruggedraaid moet worden.

Wat nodig is, is zorg, geen dwang!

Het is nu nog belangrijker dan ooit om je stem te laten horen.

Ik wil daarom iedereen vragen om onze petitie te ondertekenen:

 Wetgevers Regel zorg in plaats van dwang!

https://www.openpetition.eu/nl/petition/online/wetgevers-regel-zorg-in-plaats-van-dwang

Advertenties

Nederlandse ratificatie-wet op gespannen voet met VN-verdrag – artikel 14

We zitten in een spannende tijd. Het is inmiddels vast wel bekend; er is een nieuw VN-verdrag sinds 2006: Het Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen (CRPD).

 

De ratificatie (goedkeuring) van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen staat in Nederland gepland op 1 juli 2015. Daarmee zijn wij een van de laatste landen van Europa die dit verdrag ondertekenen, zie ook de publicatie: Nederland als laatste van medisch model naar mensenrechtenmodel?

 

De Nederlandse staat is momenteel bezig met een ratificatie-wet (Kamerstuk 33 992 / R2034). De toelichting van het ratificatie-wetsvoorstel (Kamerstuk 33 992 / R2034 nr.3) beschrijft de interpretatie die de Nederlandse Staat geeft aan het VN-verdrag, en  beschrijft de beoogde uitvoering van het VN-verdrag in Nederland. Het ratificatie-wetsvoorstel is echter niet in overeenstemming met het VN-verdrag. Er bestaan nog grote verschillen tussen de visie van de Nederlandse Staat, en de visie van de Verenigde Naties.

 

Het VN-verdrag verbiedt dwang in de GGZ, o.a. op basis van artikel 14 Vrijheid en veiligheid van de persoon.

 

Article 14, Liberty and security of person
1. State Parties shall ensure that persons with disabilities, on an equal basis with others:
a.Enjoy the right to liberty and security of person
b.Are not deprived of their liberty unlawfully or arbitrarily, and that any deprivation of liberty is in conformity with the law, and that the existence of a disability shall in no case justify a deprivation of liberty

 

Dit betekent dat het hebben van een beperking of diagnose geen rol mag spelen in beslissingen over vrijheid en opsluiting, want dat zou discriminerend zijn. Een beperking of diagnose is geen keuze, maar een persoonlijke eigenschap. En persoonlijke eigenschappen mogen geen grond zijn voor vrijheidsbeperking, want elk mens heeft recht op vrijheid, ongeacht afkomst, leeftijd, geslacht, beperking enz.

 

In het Nederlandse ratificatie-wetsvoorstel wordt dwang in de GGZ o.a. benoemd onder artikel 14.

 

Onder artikel 14 (midden pagina 51) stelt de overheid: ” Het gevaarscriterium (Artikel 1, onderdeel f, van de wet BOPZ) voorkomt dat een stoornis van de geestvermogens als zodanig, dus enkel het bestaan van een handicap, een grond voor opname zou kunnen zijn. Alleen als een persoon met een stoornis van de geestvermogens zichzelf of anderen in gevaar brengt, kan de rechter een machtiging afgeven voor gedwongen opname.”

Ook over het wetsvoorstel Verplichte GGZ, zeggen zij (op pagina 52): ” Onder het wetsvoorstel Verplichte GGZ is verplichte zorg slechts mogelijk als uiterste middel indien >> het gedrag van een persoon als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot aanzienlijk risico op ernstige schade voor hemzelf of voor een ander >>  Ook in dit wetsvoorstel is het hebben van een psychische stoornis als zodanig, dus enkel het bestaan van een handicap, geen grond voor verplichte zorg.”

 

 

Maar toch is het gevaarscriterium binnen de visie van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen een discriminerende constructie. Er bestaat namelijk al een algemeen systeem om “gevaarlijk gedrag” mee aan te pakken, namelijk de algemene wet die geldt voor iedereen. Als een zogeheten gezond persoon gevaarlijk gedrag vertoont, dan wordt dit getoetst aan de algemene wetgeving die voor iedereen geldt, met o.a. aspecten als: is er een wet overtreden, is daar bewijs voor, wat is de verdediging, en welke kaders zijn er voor een redelijke sanctie. Als er –gekoppeld aan een diagnose of beperking- een apart systeem met aparte wetten bestaat, dat bepaalde mensen uitzondert van bepaalde rechten, en veel verder ingrijpt op de persoonlijke vrijheden dan de algemene wet ingrijpt in het leven van zogeheten gezonde burgers, dan is dat discriminatie op basis van beperking.

 

Straf is straf. Zorg is zorg.

 

Vrijheidsbeperking en de ontneming van fundamentele rechten heeft niets te maken met goede zorgverlening. De term verplichte zorg suggereert dat de Nederlandse overheid dwang in de GGZ nog steeds beschouwt als een werkzame, heilzame kwalitatieve zorg-interventie. Maar dwang draagt niet bij aan geestelijk welzijn. Dwang is ouderwetse symptoombestrijding, en leidt tot meer trauma’s, meer strijd, meer problemen, en meer kans op nieuwe escalaties. Dwang is achterhaald.

Echte zorg vereist een goede zorgrelatie.

 

Het VN-verdrag roept op tot een grote verandering in de GGZ, waarbij dwang niet langer verward wordt met zorgverlening.

 

Voor bestraffing cq vrijheidsbeneming geldt de algemene wetgeving voor iedereen op gelijke voet. Discriminatie op basis van een beperking is verboden. Goede zorg heeft niets met vrijheidsbeneming te maken, en dus is vrijheidsbeneming op basis van het gevaarscriterium gekoppeld aan een diagnose een discriminerende constructie.

 

Dit wordt ook bevestigd in de recente Verklaring van het CRPD Committee over artikel 14
zie http://www.ohchr.org/EN/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=15183&LangID=E

 

 

In de praktijk betekent dit dus dat dwang moet verdwijnen uit de zorg. Opsluiting is geen zorg, maar een straf. Straf en zorg dienen volledig gescheiden te zijn.

 

Zorg is een vrije keuze. Vanuit respect voor diversiteit mag men iemand immers niet dwingen om zijn/haar persoonlijkheid te veranderen (dat zou marteling en wrede, inhumane en vernederende behandeling of bestraffing zijn, en dat is verboden). Mensen met beperkingen hebben dezelfde rechten als gezonde mensen, stelt het VN-verdrag.  Je hebt het recht om “ziek” te zijn, stelde het Europese Hof (Pleso v. Hungary, 2 oktober 2012). Gezondheid mag dus geen voorwaarde voor vrijheid zijn.

 

De wet geldt voor iedereen. Beslissingen over straf en vrijheidsbeneming dienen op basis van gelijkwaardigheid voor de algemene wet te worden besloten (dus geen preventieve opsluiting op basis van vermoedens, aannames en vooroordelen gelinkt aan diagnoses).

Het opleggen van een eventuele straf of vrijspraak dient te geschieden op basis van een zorgvuldige afweging, waarbij alle omstandigheden in ogenschouw worden genomen, en er in principe geen rigide, buitenproportionele of contraproductieve maatregelen hoeven te worden opgelegd, maar juist rechtvaardigheid wordt nagestreefd. Er zijn constructies mogelijk die passende consequenties op maat mogelijk maken ( dat heet “ reasonable accomodation ” ), zodat er geen disproportionele strafbelasting is.  Zorg kan echter nooit als straf opgelegd worden. Zorg is zorg. Straf is straf.

 

Goede zorg kan escalaties voorkomen, en daarmee kunnen sociale problemen, en de roep om gedwongen interventies, en ook straffen voorkomen worden. Dit blijkt o.a. uit de projecten Dwang en Drang ,  de ontwikkeling van High/Intensive Care in de psychiatrie (HIC, www.hic-psy.nl/ ), de signaleringsplannen,
de Crisiskaart  , de inzet van Eigen Kracht-conferenties  en ook inhet buitenland met bijv. Open Dialogue in Finland (zie de documentaire van 74-minuten op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=HDVhZHJagfQ ).

Bij al deze initiatieven staat respectvolle bejegening, crisispreventie en ondersteuning van herstel centraal.

 

Het is dus mogelijk om dwang te vervangen door goede zorg (met name crisispreventie).

 

In Nederland zijn er een heleboel hoopgevende initiatieven in de GGZ , en er is een groeiende weerstand tegen dwangtoepassing (denk aan de vastgebonden Brandon ). Clienten, naasten en hulpverleners hebben zich allang verenigd tegen dwang (zie ook intentieverklaring mbt het voorkomen van dwang in de GGZ ). Eigenlijk is onze samenleving en ook de zorgpraktijk klaar voor de omslag van dwang naar zorg. Het is een wens van velen.

 

Alleen laat de Nederlandse overheid het nog wel afweten. De teksten in het ratificatie-wetsvoorstel getuigen allerminst van inzicht in de moderne mensenrechtenstandaarden, en in plaats van te benoemen welke inspanningen er worden geleverd om dwang uit te bannen, beschrijft de overheid “hoe goed zij is in het uitvoeren van dwang”. Dat druist uiteraard volledig in tegen de strekking van het VN-verdrag.

 

Aan het eind van de paragraaf over artikel 14 in het ratificatie-wetsvoorstel (onderaan pagina 54), legt de Nederlandse overheid een  interpretatieve verklaring af:

 

The Kingdom of the Netherlands provides an interpretive declaration on CRPD article 14.
The Kingdom of the Netherlands recognises that all persons with disabilities enjoy the right to liberty and security of person, and a right to respect for physical and mental integrity on an equal basis with others. Furthermore, the Kingdom of the Netherlands declares iots understanding that the Convention allows for compulsory care or treatment of persons, including measures to treat mental illnesses, when circumstances render treatment of this kind necessary as a last resort, and the treatment is subject to legal safeguards.

 

Ook deze verklaring van de Nederlandse Staat geeft aan dat hun begrip van de mensenrechten voor personen met beperkingen nog in de kinderschoenen staat, en dat de Nederlandse Staat keihard inzet op het handhaven van dwang, in plaats van het afschaffen van dwang, en het realiseren van goede zorg in- en ter preventie van crisissituaties.

 

Het is de vraag hoelang dat overheidsstandpunt nog houdbaar is in onze samenleving. Dat is dus erg spannend. Het is niet ondenkbaar dat de Verenigde Naties een dergelijke interpretatie onvoldoende vinden. En het is ook niet ondenkbaar dat de samenleving toch weet aan te sturen op de beoogde verandering.

 

Als je het mij vraagt heeft dwang in de zorg in ieder geval zijn langste tijd gehad.

 

Wil je meehelpen om dwang te laten verdwijnen uit de GGZ?

Teken onze petitie: Wetgevers: Regel zorg in plaats van dwang in de GGZ
Het is hard nodig dat de GGZ verandert, en daarvoor zijn andere wetten nodig.
Laat mensen niet in een isoleercel zitten tijdens moeilijke tijden. Keer hen niet de rug toe. Geef je stem om te laten zien dat Nederland klaar is voor de omslag van dwang naar zorg!
Om de petitie te ondertekenen, vul je je email-adres in op deze site: http://www.avaaz.org/nl/petition/Aan_de_Voorzitter_en_de_leden_van_de_Tweede_Kamer_der_StatenGeneraal_Wetgevers_Regel_zorg_in_plaats_van_dwang_in_de_GGZ_3/?copy

 

Een andere wereld is mogelijk!

 

 

 

 

 

 

Nadere info over het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen:

bericht: Je hoeft niet 100% gezond te zijn om mensenrechten te hebben
publicatie: Nederland als laatste van medisch model naar mensenrechtenmodel?
publicatie: Herstel de depressie in het clientenrecht

 

 

Zie ook de website van het VN-comite voor het Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen, het CRPD Committee, http://www.ohchr.org/en/hrbodies/crpd/pages/crpdindex.aspx

 

Het CRPD Committee benadrukt in enkele officiele toelichtingen expliciet dat dwangtoepassing in de GGZ niet langer toelaatbaar is. Zie