Open Dag TBS-kliniek de Woenselse Poort

Vrijdag 16 juli was er een open dag bij de nieuwgebouwde TBS-kliniek xe2x80x9cde Woenselse Poortxe2x80x9d op het GGzE-terrein in Eindhoven. Het gebouw is deze week geopend. Ik had me aangemeld om het eens te komen bekijken. Je mocht geen tassen of telefoons mee naar binnen nemen, want het was een beveiligde zone. Om het hele terrein staat een hek van 5-6 meter hoog. Binnen de hekken staan verschillende gebouwen, zoals de leef-afdeling, de long-care en het arbeidsgebouw.

 

Als eerste kwam ik bij de huiskamers van de leefgroepen. Het zag er op zich wel mooi uit, hoewel er alleen nog maar stoelen, banken en kasten stonden (geen TV of ander dingen). Er waren veel ramen, veel licht, en een mooie binnentuin met rotsblokken erin verwerkt. Om de binnentuin lag een gang, met daaraan 2x 10 slaapkamers (2 units). En op de tweede verdieping ook (40 in totaal dus, over 4 units). Vanuit bijna elke hoek kun je de slaapkamerdeuren overzien, omdat de gangen zoveel ramen hebben.

De slaapkamers leken op cellen. Er was een dikke deur met een luikje, en die konden allebei op slot. In de kamer was een eigen natte ruimte met douche, wc en wasbak en ook die kon afgesloten worden  door de verpleging. Ook de kledingkast kon op slot gedaan worden.  Verder zaten er een alarmbelletje, lichtschakelaars en een huisradio in de kamer. En er was een lichtje dat aangaf of de deur op slot was of niet.

Naast elke slaapkamer zat een soort meterkastje, met daarin schakelaars om bepaalde zaken in de kamer af te sluiten of te bedienen, zoals stroom (bijv. bij herrie), licht en nachtlicht (controle), warm- en koud water (geen idee waarom dat afgenomen kan worden) en ook de intercom kan uit- en aangezet worden.

 

Dagelijks werken er 2 tot 3 verpleegkundigen op de afdeling (op 10 clienten dus). De meeste clienten gaan overdag naar therapie en arbeid en degenen zonder vrijheden blijven op de afdeling. Er is een multifunctionele ruimte naast de huiskamer op de afdeling voor gesprekken of therapie. Daar werd toevallig net een presentatie gegeven over Forensische Zorg. Het motto van de Woenselse Poort is dat veiligheid is opgebouwd uit: het gebouw, hekken, sluizen en kundig personeel (wat m.i. niet op de laatste plaats komt). In de TBS-zorg doet men risico-taxaties om de aanleiding en risicofactoren voor herhaling van het delict te identificeren en te behandelen.

Het verpleegkundig kantoor was een glazen hok (een xe2x80x9caquariumxe2x80x9d) vlak naast de huiskamer en de keuken. De keuken was mooi en groot, maar xe2x80″niet verwonderlijk- ook geheel afsluitbaar, en ook de besteklades konden apart op slot.  In het verpleegkundig kantoor stond een computer waarop de slaapkamerdeuren van de unit werden weergegeven, met daarbij de in- en uitgeschakelde elementen (slot, stroom, intercom enz.). Na wat rondvragen werd er gezegd dat er wel cameraxe2x80x99s in de algemene gangen hingen, en niet op de slaapkamers.

 

Voorbij het verpleegkundig kantoor en de huiskamer kwam ik bij de separeer-unit. Per afdeling was er een separeer (isoleercel) en xe2x80x9ceen high-care-ruimtexe2x80x9d.

Er was een grote voorruimte bij de separeer (ca 3 bij 4), met een tafeltje van stalen buizen en een houten plaat, waaraan 2 krukjes en een stoel zaten, ook van stalen buizen en hout. Dit xe2x80x9czithoekjexe2x80x9d stond midden tegen de muur vast aan de grond, en daar konden bijv. gesprekken gevoerd worden of er kan eventueel bezoek ontvangen worden.

Een grote schuifdeur gaf toegang tot de wasruimte: ook een kale ruimte van ca 3 bij 4, met aan de muur een wasbakje en in de hoek een vaste douchekop in de muur. Er was geen afscherming van de douche (dat is vernederend als je daar voor publiek moet douchenxe2x80xa6).

De separeercel zelf was ook ca 3 bij 4 meter, en had een hele dikke deur met een doorkijkluikje en daaronder ook een doorgeefluikje (voor voedsel enz.). Er stond een houten blokvorm als bed, vast aan de grond, en met grote gaten in het voeteneinde, waar de verpleging de benen van de client doorheen trekt, zodat diegene bij separatie niet direct op kan staan en mee naar de deur kan komen om te ontsnappenxe2x80xa6

Het was opvallend dat er een ingebouwde soort toilet was: een platte metalen spoelbak die je ook zelf door kan spoelen.  Ik vond het wel wat vreemd dat er een vrij laag raam boven deze wc was, dat lijkt me voor mannen erg onprettig. Het betreffende raampje  was van een klein open kastje en keek uit op de wasruimte. In dit open kastje achter het raam zaten 2 stopcontacten en kabelaansluitingen, voor bijv. een radio.

In de separeer zat enkel een alarmknopje, en er was dus niets wat je zelf kan bedienen.  Maar er was wel een extra deur in de separeercel. Dit was een tussendeur naar de individuele luchtruimte bij de separeer. De luchtruimte was een stenen binnenplaats van ca 3 bij 4 met een dikke muur waarin 2 doorkijkraampjes zaten, met schuifluikjes ervoor, en de bovenkant was gemaakt van een rooster waar zon en frisse lucht doorheen kwam. De tussendeur was stevig maar geen celdeur, en er zat een klink op zodat de client zelf op en neer kan, mits de verpleging de deur openstelt.

Naast de separeerdeur zat ook een meterkastje met een bedieningspaneel voor het licht, de screens (raambedekking), de stroom, koud water en de intercom.

 

Naast de separeercel lag de High Care-ruimte. Dat was iets nieuws, en zeker in de TBS-sector. De High Care ruimte is bedoeld voor mensen die intensievere zorg nodig hebben. Het is er rustiger dan op de leefgroep waar steeds mensen door de gangen lopen.

De High Care-ruimte leek eigenlijk op een slaapkamer, met eigen wc/douche-ruimte en kledingkast (beiden afsluitbaar uiteraard..). Maar het was wel kleiner dan de separeercel, en de deur kon ook op slot. Er was een extra kast met een doorkijkraam, waarachter bijv. een TV neergezet kon worden (eventueel achter slot). Het bed had geen gaten voor de benen. Het was veel milder dan de separeer. Vreemd genoeg was hier dan weer geen toegang tot een binnentuintje bij..

In deze ruimte wilde men ook extra mogelijkheden gaan aanbrengen voor rustgev
ende lichteffecten en geluiden. Op dit moment galmde het er nog als een lege celxe2x80xa6

De High Care ruimte is nog niet in gebruik, want er zijn nog geen clienten in het nieuwe gebouw, dus het zal afwachten zijn hoe de High Care hier toegepast gaat worden.  Een spannende ontwikkeling.

 

Ik liep verder naar de tweede verdieping, waar alles eigenlijk hetzelfde was als op de begane grond. Ook hier was erg mooi gebruik gemaakt van het daglicht dat door koepels in het plafond naar binnen scheen. Het gebruik van daglicht gaf het gebouw een relatief open sfeer (en aangezien de clienten toch vele uren per dag de muren bestuderen, is het toch wel belangrijk dat het gebouw er goed uitziet).  

In plaats van toegang tot de binnentuin, kon men op de tweede verdieping een binnenbalkon op, met glazen wanden en een metalen dakrooster. Het uitzicht was goed. De hele vleugel met 4 units was overzichtelijk vanuit daar, en het zonlicht en de frisse lucht waren prettig. Het binnenbalkon was in principe vrij toegankelijk vanuit de afdelingen op de tweede verdieping.   

 

Ik kwam onderweg nog een client tegen die vertelde over de oude luchtplaats bij de separeer op de oude TBS-afdeling. Daar zit namelijk een dak boven de luchtplaats, waardoor er dus geen direct zonlicht binnenkomt. Hij maakt zich sterk om dit te veranderen, want clienten hebben o.a. de vitamine D nodig uit zonlicht. Hij is goed bezig en ik denk dat het hem zal lukken om dit voor elkaar te krijgen. Op dit moment wordt er immers nog steeds verbouwd en gerenoveerd op het TBS-terrein, en het zou dus zo meegenomen kunnen worden in de verbouwplannen.

 

De looproute voor bezoekers leidde mij verder naar het volgende gebouw dat toegankelijk was voor bezoekers: het Arbeidsgebouw. Ik liep over het binnenterrein, waar nog een uitgebreid groen wandelgebied aangelegd zal worden. Nu zag het er nog uit als een centrale zandvlakte, met een sportveldje en een tuinbouw-gedeelte met een klein trekkertje. Ook stonden er 2 kippen en 2 konijnen in een rennetje buiten.

In het arbeidsgebouw was een ruimte voor houtbewerking, 2 inpakafdelingen en een ruimte voor ambachtelijke arbeid (o.a. keramiek en wenskaarten). Het zag er echt uit als een bedrijfje, met professionele apparaten en grote magazijndeuren naar buiten. Er zijn standaard 2 begeleiders bij de arbeidsgroepen (1 voor overzicht en 1 voor meer individuele aandacht).

In het Arbeidsgebouw was de beheers-sfeer minder op de voorgrond. Alleen de hekken voor de ingang van het gebouw waren op een hele lelijke manier voorzien van rollen prikkeldraad bovenaan, en dat zag er echt primitief en redelijk oorlogsachtig uit, zeker vergeleken bij de strak-afgewerkte  5 meter hoge high-tech hekken met omklapsysteem die het hele terrein van de Woenselse Poort omgeven.  Dat prikkeldraad past niet meer in deze tijd vind ik.  

 

Het was indrukwekkend om het gebouw te bezichtigen. Het was wel een mooi gebouw met veel licht, maar er waren enorm veel beheersmaatregelen, veel sloten en de mogelijkheid om elke kamer volledig te strippen. Waarom zou men iemand zijn wc op de slaapkamer willen ontnemen, terwijl er in de separeer wel een wc isxe2x80xa6 Waarom wil men warm en koud water af kunnen sluiten, of de intercom..? Is dat als straf? Kan dit dan ook allemaal in een gewone gevangenis? (dat weet ik niet).

 

Ik weet wel dat zorg iets anders is dan beheersing.  Een psychose, een verslaving of een agressieprobleem kun je er niet uitwerken door harde maatregelen te nemen, maar men zal diegene daadwerkelijk mogelijkheden moeten aanreiken om zijn gevoelens en uitingen beter te kanaliseren en een andere manier te vinden om om te gaan met bepaalde situaties. Dat gaat niet door deuren dicht te gooien. Er moeten nieuwe deuren geopend worden voor deze groep. Maar met slechts 2 of 3 verpleegkundigen om 10 clienten te begeleiden vraag ik mij af of dit gebouw werkelijk iets nieuws gaat bieden voor de TBS-geplaatsten. Hoe gaat men bijvoorbeeld High Care bieden, als men feitelijk geen verpleegkundigen vrij kan maken voor individuele intensieve zorg (die langer duurt dan een vast contactmoment).

De tijd zal het ons leren. We zullen moeten wachten op de eerste ervaringsverhalen van de clienten van de Woenselse Poort.

 

 

Advertenties

Verslag miniconferentie GGZ Oost Brabant xe2x80" Huize Padua

Op donderdag 8 juli 2010 ging ik naar GGZ Oost Brabant Huize Padua in Boekel. Daar was de 5e miniconferentie van het Zuidelijk Netwerk voor de ontwikkeling van High Care. Het thema was clienten- en familieparticipatie. Het was een erg warme dag.

 

De conferentie begon om 10.30 met een kopje koffie en de rondleiding, wat een vast onderdeel van de miniconferenties is. Ik was net op tijd ter plaatse om aan te sluiten bij een rondleiding bij Princepeel 1 en 2.

We begonnen bij Princepeel 1 (P1). Dat is een afdeling voor xe2x80x9clangdurig opgenomen (zeer) intensieve zorgafhankelijke clienten met  ernstige gedragsstoornissenxe2x80x9d. Dus dat was een woonafdeling voor intensieve zorg, en geen acute-crisisafdeling, hoewel er wel een crisisbed is voor mensen van elders op het terrein.

 

Het was een oud en onoverzichtelijk gebouw met veel gangen, deuren en doorgangen, waardoor ik al vrij snel mijn orientatiegevoel kwijt was. Het plafond zat laag (kenmerk van oude gebouwen), maar het gebouw was wel onderhouden en schoon.

 

Op allebei de vleugels (P1 en P2) verbleven 12 clienten, dus 24 in totaal. Er werken gemiddeld 2 of soms 3 verpleegkundigen per unit (dus per 12 clienten) en er is maar 1 nachtdienst voor allebei de units met 24 bedden in totaal. Ik vond het erg schrijnend om te horen  dat er maar zo weinig personeel was.

 

De eerste 4 bedden bij P1 vormden een aparte sub-unit voor langdurige intensieve zorg , waarbij 1-op-1-begeleiding nodig was (P1A). Ik merkte direct op dat er niet eens genoeg verpleegkundigen waren om dit daadwerkelijk waar te maken, en dat ik het dus vreemd vond dat men dan zegt dat hier 1-op-1-begeleiding geboden wordt. De verpleegkundige die ons rondleidde werd zichtbaar een beetje ongemakkelijk en zei dat ze xe2x80x9cook hier net als op alle afdelingen te maken hebben met personeelsgebrek vanwege bezuinigingen, en dat ze doen wat ze kunnen om met de beperkte middelen toch goede zorg te leveren xe2x80x9dxe2x80xa6.   Maar ik vind dat ondermaatse zorg niet de norm mag zijn.

 

We liepen voorbij een biljarttafel naar de rest van de woonafdeling (P1B). De meeste slaapkamers waren werkelijk ruim, omdat het oude 3 en 4-persoonskamers waren die nu voor 1-persoon zijn. Dat was wel weer echt goed om te zien. Een bewoner vertelde vol trots dat hij er al 12 jaar woonde, en dat hij de allergrootste kamer had. Op mijn vraag hoe het hem beviel op deze afdeling zei hij dat het goed was. Dat is voor mij een belangrijke indicator.  

Op alle kamers was een internetaansluiting en er was ook een computer voor algemeen gebruik op de groep. (Er stond zelfs een computer in een ruime rookkamer op de groep).In de huiskamer stond een tafel met stoelen en een zithoek met TV. En er was een doorgang naar de binnentuin, die hoofdzakelijk bestond uit een terras en een schutting. De verdere aankleding van de tuin moest nog gebeuren.

P1A en P1B hebben aparte binnentuinen omdat er onderling wel eens wrijving en overlast was. Nu het gescheiden is, is het veel rustiger voor iedereen.

 

Het volgen van therapie is een vrijwillige keuze, maar er is geen aanbod van therapie binnen de gesloten afdeling, alleen op het terrein. Dan is er dus begeleiding nodig om de persoon te brengen en halen (en er zijn maximaal 3 verpleegkundigen per unit dus dat moet letterlijk ingepland worden). Op de afdeling zelf was er eigenlijk niet veel te doen (rondhangen, roken, computeren, TV kijken en jezelf bezig houden op je eigen kamer..). In het weekend is er helemaal geen aanbod van activiteiten, en er zijn dan ook vaak meer incidenten, net als xe2x80x99s nachts (NB dit is een bekend gegeven in de GGZ).

 

Deelname aan gezamenlijke maaltijden is ook niet verplicht. Clienten kunnen ervoor kiezen om alleen op de kamer te eten, of zelf te koken. Er is een boodschappendag waar clienten zich voor in kunnen schrijven, en dan gaat er een busje naar Boekel.

Er is 1 persoon die zelf kookt, maar die vond het rond etenstijd eigenlijk altijd te druk in de gemeenschappelijke keuken. Die client heeft nu een eigen fornuis op de eigen kamer gekregen. Het verbaasde mij werkelijk dat men zoxe2x80x99n persoonlijke oplossing op maat had weten te realiseren. Dat is echt een goede stap in de goede richting. (vroeger moest de client zich altijd aanpassen, en nu past men het gebouw en de omstandigheden aan!!). Dit vind ik een zeer goede ontwikkeling en ik ben blij om te zien dat men werkelijk vraaggestuurde zorg probeert te leveren, waarbij de client en zijn/haar wensen en behoeften de leidraad zijn. Dat is zeer positief.

 

Daarna kwamen we bij de 2 separeercellen die er op de unit waren. De separeercellen zijn eigenlijk afgekeurd door de inspectie, maar ze zijn nog gewoon in gebruik (ongeveer wekelijks!). Ze zijn afgekeurd omdat het plafond te laag is (niet op 3 meter), en er is geen krijtbord, geen binnentuin, en behalve het bed en de po is er alleen een belknopje (dus voor bediening van licht en luxaflex, verwarming, radio enz is de client volledig afhankelijk, tv kijken is niet mogelijk). Er is geen camera, maar wel een intercom (waarmee ze afluisteren hoe het gaat met de persoon). De separeer bij Huize Padua had wel een relatief ruim vloeroppervlak voor een cel, maar het was een tegelvloer en het was er behoorlijk donker, en het leek wel of er een soort tralies in het raam zaten. Het voelde echt een beetje als een ouderwetse kerker.

De jongeman die ons rondleidde vertelde ons dat het nog de vraag was wat er nu met de separeercellen moet gaan gebeuren: verbouwen of wegdoen, of iets anders. Het hele gebouw is erg oud. Er is in ieder geval wel vloerverwarming en airconditioning aangelegd in cel om xe2x80x9chet verblijf nu alvas
t minder onaangenaam te makenxe2x80x9d. Ook zal de tegelvloer in samenwerking met de clientenorganisatie voorzien gaan worden van een iets vriendelijker materiaal (zeil).

Er was een kleine voorruimte met een kale wc en douche (zonder gordijn…).  Soms doet men alleen de deur naar de gang op slot en blijft de voorruimte toegankelijk voor de client tijdens separatie, maar xe2x80x9cals iemand erg onrustig is en bijv. gaat bonkenxe2x80x9d dan gaat de celdeur op slot. (ook hier zie je dus dat onwenselijk gedrag zoals bonken en verzet bestraft wordt met een sanctie c.q. vrijheidsbeperking, en de persoon krijgt geen ondersteuning bij het rustigworden, geen zorg dus. Ik zie dit gebruik van de isoleercel als een poging tot conditionering).

 

Er waren ook Kamerprogrammaxe2x80x99s waarbij sommigen ingesloten werden op hun eigen kamer, vooral xe2x80x99s nachts.  Gelukkig konden niet alle slaapkamerdeuren op slot voor een kamerprogramma, maar er waren er wel  een  paar met een extern slot. De rondleider vertelde:  xe2x80x9c sommige clienten zijn veel rustiger als ze veel op hun eigen kamer zijn. De Inspectie is zelfs komen kijken naar de situatie van een persoon met een eigen toilet op de kamer, en de Inspectie heeft de oplossing goedgekeurdxe2x80x9d… Iemand vroeg lichtelijk sarcastisch: xe2x80x9cO, dus de persoon mag oud worden op die kamer?xe2x80x9d. Dat was echt een erg goede opmerking.

Ook was mij opgevallen dat er een kamerdeur op P1A op slot kon, waarbij je helemaal niet naar binnen kon kijken (dan wordt iemand dus werkelijk afgesloten van elke vorm van toezicht en contact, en men kan enkel gokken wat er achter de deur gebeurd, met alle risicoxe2x80x99s van dien). Gesloten kamers worden door het personeel vaak enkel  betreden met 2 personen (dus de nachtdienst maakt doorgaans geen enkele deur open, tenzij de persoon dringend iets nodig heeft en dit aanhoudend verzoekt, dan wordt er assistentie geregeld om de deur te openen).

 

Tenslotte kwamen we bij de crisiskamer, dat was de allerlaatste kamer van de hele lange gang. Daar wil men mogelijk een comfortroom van gaan maken. Dat is op zich wel een positief idee.

 

P2 was eenzelfde soort afdeling, maar dan voor vervolgbehandelingen binnen een TBS-kader (hoofdzakelijk vanuit de Rooyse Wissel). TBS-clienten die behoefte hebben aan een langer durende psychiatrische behandeling, waarbij de noodzaak van een forensische kliniek niet langer nodig is kunnen op P2 opgenomen worden. Er zijn maximaal 10 plaatsen voor deze forensische doelgroep (dat is een afspraak met de gemeente). Deze clienten kunnen hier dus ook niet blijven wonen. Het gaat hier om behandelen. Er zaten alleen mannen.

 

Ook hier waren de eerste 4 kamers bestemd voor degenen die de meest intensieve zorg nodig hadden. Maar het leek alsof de mate van xe2x80x9cintensieve zorgxe2x80x9d bepaald werd door de intensiviteit van insluiting en kamerprogrammaxe2x80x99s.  

Hier zat ook de persoon die een eigen Frans toilet en douche op zijn kamer had gekregen (waarover ook de casuistiek-bespreking ging). Deze persoon had weerstand tegen het reguliere sanitair en bevuilde dit keer op keer. Dat leidde tot grote problemen in het samenleven op de afdeling, en deze jongen had ongeveer een jaar in een isoleercel in Eindhoven gezeten voordat hij bij P2 terecht kon. Bij P2 hebben ze inmiddels een manier gevonden om de vervuiling te stoppen, door de jongen een eigen toilet op zijn kamer te geven (dat is onconventioneel en zeer vernieuwend en goed). De kamer was er ook groot genoeg voor, omdat het een oude meerpersoonskamer was. Het is een unieke oplossing op maat.

Maar toch blijft het wrang dat deze jongeman nog steeds zoveel ingesloten wordt op zijn kamer.  Is een leven op een afgezonderde kamer het maximaal haalbare voor deze persoon? Of komt het gewoon door personeelsgebrek dat men geen andere oplossing kan aanbieden? Hoe kan deze jongen nu leren om om te gaan met het leven als hij de kans daar niet voor krijgtxe2x80xa6. Waar blijft zijn energie dan? Heeft de jongen zelf nog wel hoop?

 

Verpleegkundigen voelen zich soms onveilig in de lange uitgestrekte gangen. Soms moet een hulpverlener op de afdeling  ca 200 meter afleggen om bij een collega te komen. Vooral vanwege de lage bezetting is men bang dat er wel eens iets zou kunnen gebeuren. Er hangen wel cameraxe2x80x99s in de gangen, zodat er enig overzicht is vanuit het afgelegen hulpverlenerskantoortje.

 

Clienten moeten hun vrijheden hier min of meer verdienen door zich goed te gedragen (bij onwenselijk gedrag worden vrijheden ingetrokken). Er is geen intern therapie-aanbod op de afdeling, maar als de clienten vrijheden hebben kunnen ze elders op het terrein therapie volgen (halen/brengen door verpleging). Het wegloopgevaar is laag, omdat clienten weten dat de behandeling een kans is om uit de TBS te komen en ze daardoor vaak redelijk gemotiveerd zijn om mee te werken en longstay-TBS te voorkomen.

 

Tenslotte hielden we nog een casus-bespreking over de jongeman met het eigen toilet op de kamer. Onze rondleider vertelde dat Project Dwang en Drang een verandering in het denken had veroorzaakt. Nu kijkt men samen wat er nodig is voor de client, en als het nodig is verbouwt men zelfs de afdeling. Het draait nu werkelijk meer om de client en men wil zelfs voor de xe2x80x9cmoelijkste clientenxe2x80x9d een pakket op maat zien te vinden, zodat de persoon ergens anders ook weer verder kan.

 

Het was weer een heftige en indrukwekkende rondleiding. De bereidheid tot aanpassing van de omgeving voor de client, zoals het aanbrengen van een fornuis of een Frans toilet op de eigen kamer van een bewoner is uniek en getuigt van inzicht in de zorgmissie.

Maar de afgekeurde separeercellen zijn hier nog steeds in gebruik (ongeveer wekelijks). Er zijn kamerprogrammaxe2x80x
99s achter totaal gesloten deuren zonder enige contactmogelijkheid (dat is isolatie, volledig afgezonderd). En er is te weinig personeel om de zorg te leveren die men zegt te leveren (xe2x80x9c1-op-1-begeleidingxe2x80x9d).

De verpleegkundige die ons rondleidde gaf ook toe: xe2x80x9cWe kunnen hooguit zorg bieden tot 10 uur xe2x80x99s avonds, en voordat de nachtdienst komt moeten we zorgen dat het veilig is op de afdeling. Dan wordt er soms preventief gesepareerd of wordt iemand preventief ingesloten op zijn eigen kamer.xe2x80x9d

De behoeften van de client zijn ook hier dus nog niet volledig leidend voor het zorgaanbod.

 

Om 12.30 gingen we naar de Brouwershof waar de lunch en het middagprogramma plaatsvonden. Het was erg heet, zoxe2x80x99n 32 graden, en inspanningen werden dus vermeden en we deden het rustig aan. Om 13.30 begon het middagprogramma met diverse sprekers.

 

Het welkomstwoord werd gedaan door psychiater Remy Roest, tevens actief in de regionale M&M-commissie (M&M = Middelen en Maatregelen voor dwangtoepassing in de GGZ)

Remy vond dat er in de hele GGZ nog teveel  xe2x80x9chospital basedxe2x80x9d wordt gedacht, waarbij het bestaande zorgaanbod als een vaststaand kader wordt beschouwd en er dus weinig vernieuwing optreedt. Hij hield een stevig pleidooi voor het gedachtengoed van de herstelbeweging.

De huidige GGZ richt zich nog vaak op (biomedische) symptoomvermindering en  xe2x80x9cclinical recoveryxe2x80x9d, maar eigenlijk moet de GGZ streven naar xe2x80x9cpersonal recoveryxe2x80x9d van de client, waarbij het welzijn van de client de leidraad is en diegene kan leren omgaan met zijn/haar eigen kwetsbaarheden in het leven. Daarbij is ondersteuning en begeleiding op de leefgebieden dus van cruciaal belang. Dit is wat men noemt xe2x80x9ccommunity based carexe2x80x9d (sociale psychiatrie).

De herstelbeweging gaat uit van hele andere waarden als de xe2x80x9chospital basedxe2x80x9d benadering.  Zaken als hoop, keuze, persoonlijke doelen en kwetsbaarheden staan centraal bij de herstelvisie.

Projecten Dwang en Drang waren volgens Remy Roest vaak ook te vaak hospital based, zeker als het ging over High Care afdelingen.  

Het klonk een beetje alsof hij het zwart-wit zag: alsof de projecten voor Minder dwang geen ruimte lieten voor herstelgerichte zorg.  Ik zie het juist als een verlengde van elkaar.

 

Daarna hield Yolande Voskes een presentatie over Clienten- en Familieparticipatie bij High Care en dwangreductie, en ze gaf een overzicht van de resultaten van een verkenning binnen GGZ Oost Brabant.

Yolande legde kort uit wat het Zuidelijk Netwerk is: Een samenwerkingsverband van 5 GGZ-instellingen voor de ontwikkeling van High Care en het terugdringen van dwang in de GGZ. Het Zuidelijk Netwerk wordt ondersteund door VUMC voor het wetenschappelijke kader, en ik (Jolijn Santegoeds) ben als onderzoekspartner aangesteld om het clientenperspectief te behartigen in het Zuidelijk Netwerk.

 

Het Zuidelijk Netwerk onderzoekt de benodigde bouwstenen en systematiek voor het opzetten van High Care (intensieve zorg) in de GGZ, om zo dwangtoepassingen te voorkomen en ook in de moeilijkste situaties zorg te kunnen bieden. De verschillende aspecten van High Care worden weergegeven in de xe2x80x9cHigh Care piramidexe2x80x9d.

 

  HighCare_piramide

De clientenraad van GGZ Oost Brabant is trouwens niet voor gehele afschaffing van de separeer, omdat sommige clienten wel vrijwillig gesepareerd willen worden. De clientenraad van GGZ Oost Brabant geeft aan:  xe2x80x9cNatuurlijk zijn we voor afschaffen van separatie in deze vorm maar er moet gelegenheid blijven je vrijwillig af te zonderenxe2x80xa6 zeg maar het met een krantje op de wc moment!xe2x80x9d

Men wil dwangtoepassing dus wel voorkomen, en daarvoor loopt er een project bij GGZ Oost Brabant xe2x80x9cDrang naar minder dwang xe2x80x9c.

 

Yolande vertelde iets over de geschiedenis van de clientenparticipatie: In de jaren xe2x80x9860 en xe2x80x9970 was er voor het eerst sprake van een clientenbeweging, aanvankelijk gericht op het verkrijgen van fundamentele rechten, waarbij de vreselijke ervaringen van clienten voor het eerst enige erkenning kregen.

In de jaren xe2x80x9990 werden de eerste clientenraden opgericht, die geraadpleegd konden worden bij het ontwikkelen van kwaliteit en beleid in de instelling. Dit is de eerste erkenning van xe2x80x9cErvaringskennisxe2x80x9d. Dit is inmiddels uitgegroeid tot het erkennen van Ervaringsdeskundigheid en clientenparticipatie kent inmiddels vele vormen:  deelname in zelfhulp, in clientenraden, in kwaliteitsprojecten, in voorlichting via cursussen en scholing, en ervaringsdeskundigen in de zorg op afdelingen.

 

Vervolgens vertelde Yolande iets over de participatie van naastbetrokkenen en clienten bij GGZ Oost Brabant. Uit een interview naar het betrekken van familie en naastbetrokkenen bij 2 afdelingen van GGz Oost Brabant kwam naar voren dat vooral de samenwerking tussen hulpverleners en familie een aandachtspunt was voor verbetering, en daarbij
zijn de Triade-kaart, Spiegelgesprekken, de Modelregeling betrokken omgeving, en de cursus Familie als Bondgenoot  belangrijke ondersteunende middelen. Ook het samenwerken met de clientenraad en de familieraad is een extra aandachtspunt.

Voor het onderzoek naar clientenparticipatie is de clientenraad geraadpleegd, en clientenparticipatie bij GGZ Oost Brabant vindt bijvoorbeeld plaats door enquetes en afdelingsbezoeken van de clientenraad, het terugkoppelen van bevindingen naar de Raad van Bestuur, en het uitdragen van het clientenperspectief zoals bijvoorbeeld met xe2x80x9cde 10 gouden suggesties voor separerenxe2x80x9d. Ook heeft de clientenraad de inzet van ervaringsdeskundigen op de afdelingen mede geinitieerd.

 

De inzet van ervaringsdeskundigen op de afdeling wordt door alle betrokkenen ervaren als een goede ontwikkeling. De ervaringsdeskundige vervult vaak een brugfunctie in het contact met de client en de omgeving (hulpverleners, familie enz.).

Maar er zijn ook nog veel onduidelijkheden over de verschillende rollen die een ervaringsdeskundige kan hebben. Moet een ervaringsdeskundige bijvoorbeeld hetzelfde kunnen als een hulpverlener? Wat is het werkdomein? Daarover is nog veel onduidelijkheid.

 

Yolande besloot haar presentatie met de opmerking dat het effect van de inzet van ervaringsdeskundigheid moeilijk aan te tonen is, omdat een specifiek onderzoeksinstrument ontbreekt.

Maar volgens mij zijn de vele persoonlijke situaties in de zorg sowieso moeilijk meetbaar omdat elke zorg per persoon op maat moet zijn, en er kan dus geen dubbelblind onderzoek gedaan worden.

Ik vraag me trouwens ook af of er uberhaupt zoxe2x80x99n instrument is om het effect van de inzet van verpleegkundigen en andere hulpverleners te meten (dat zou ik dan wel eens willen zienxe2x80xa6). Al met al zou men denk ik het beste de client-tevredenheid kunnen onderzoeken.  Het welzijn van de client is immers de belangrijkste indicator van zorgkwaliteit.

 

Daarna was het woord aan Henriette aan de Stegge, ervaringsdeskundige bij GGZ Oost Brabant. Ze vertelde over clientenparticipatie in de projectgroep xe2x80x9cdrang naar minder dwangxe2x80x9d, waar zij zelf vanaf het begin deel van uitmaakt. Henriette heeft meegewerkt aan de folder met de 10 gulden suggesties voor separatie en ze bezoekt afdelingen om suggesties en verbeterpunten te verzamelen. Het werk bij de projectgroep bestond vooral uit vergaderen, meedenken, schrijven van artikelen en het bijwonen van conferenties.  Ze vond het vergaderen met de projectgroep vaak vrij ingewikkeld en best saai (vooral vanwege het jargon en de procedures). Henriette heeft bovendien een uitzonderingpositie ervaren, omdat ze geen collega-ervaringsdeskundigen had en ze het allemaal alleen moest doen. Ook bevat haar contract als ervaringsdeskundige weinig zekerheid, omdat dit op projectbasis wordt afgegeven. Maar de vrijheid om te pionieren was toch ook wel een positieve ervaring en deelname in de projectgroep is ook erg leerzaam voor haarzelf, omdat ze meer antwoord had op de vraag xe2x80x9cwaarom gaat het zo in de zorgxe2x80x9d.

 

Er was een extra pauze ingelast vanwege de hitte en daarna was het woord aan Karin van Hoof, eveneens een ervaringsdeskundige bij GGZ Oost Brabant. Karin gaf een presentatie over Clientenparticipatie op de afdeling. Ze werkt 18 uur per week op de afdeling Carrilion C van de instelling Coudewater in Rosmalen (14 bedden voor volwassenen van 18-50 jaar).  Haar missie is het verbeteren van de zorgkwaliteit bij gesloten verblijf en separatie.

Behalve persoonlijk contact door haar aanwezigheid op de groep, heeft ze ook een contactschrift op de afdeling neergelegd, waarin clienten kunnen aangeven waar ze aandacht voor willen vragen. Karin neemt de punten mee in het overleg en de evaluaties, en een van de punten die er speelde was het gebrek aan therapeutisch aanbod (tijd, aandacht en ruimte voor de client).

Gaandeweg is het idee ontstaan om van de opslagruimte naast de separeer een comfortroom te maken. De clienten hebben daarbij aangegeven wat hun wensen zijn voor de chillroom en hebben de ruimte gezamenlijk ingericht.  Dat proces van samenwerking is door iedereen als zeer positief ervaren.

Karin ziet de chillroom als een concreet voorbeeld van de uitwerking van haar kerntaak: samenwerken om de zorg te verbeteren. Er zijn bruggenbouwers nodig om dingen te veranderen. Het was een duidelijke presentatie met een heldere boodschap:  Een ervaringsdeskundige kan een goede tussenpersoon zijn, om tot nader contact te komen.

 

Daarna kwam er een presentatie vanuit de familieraad door Albert Verberne. Hij is sinds 2008 werkzaam bij de Familieraad van GGZ Oost Brabant. Zijn missie is het stimuleren van familiebeleid naar de werkvloer, want er zijn nog geen gebaande paden voor familieparticipatie. Er is al wel een FamilieVertrouwensPersoon aanwezig.

Albert vindt dat familie adviesrecht moet hebben over de behandeling. Hij vroeg zich af waarom het verkrijgen van psychische hulp altijd zo lang moet duren, terwijl dat in de medische sector toch wel anders geregeld is. Hij maakte zich druk om het feit dat er xe2x80x9caltijd zo veel over en weer gepraat moet worden, voordat men iets doetxe2x80x9d. Hij gaf een voorbeeld over zijn eigen zoon, die hij op wilde laten nemen. De zoon verzette zich tegen de opname, en daardoor gebeurde er lange tijd niets vanuit de hulpverlening. Albert Verberne zei hierover xe2x80x9cdat verzet juist een symptoom was van schizofrenie, en dat opname gewoon simpelweg moest plaatsvinden in zoxe2x80x99n gevalxe2x80x9d. Nou, dat was wel een erg ouderwetse opvatting om te denken dat gevoelens als angst, paniek en wantrouwen geen rol spelen bij mensen met schizofrenie. Alsof verzet zomaar een plotselinge actie is, en geen reactie op het een of het ander. Alsof contact geen zin meer heeft, alsof het zielloze monsters zijnxe2x80xa6. Ik was zo ontdaan door deze opmerking, dat ik de discussie hierover maar even liet schieten. Ik wist eigenlijk ook wel dat het merendeel van de aanwezigen ook niet meer gelooft in xe2x80x9cverzet als ziekteverschijnselxe2x80x9d. Met
deze meneer zou ik gewoon een keer een wat langere persoonlijke discussie moeten voeren. Dat hoefde niet op dit podium. Het leek alsof iedereen dat gevoel deelde, want na de presentatie hoorde je eigenlijk enkel wat gezucht uit de zaal.

 

Er kwam weer een extra pauze, en daarna was ik zelf de laatste spreker van de dag, en er werd me gevraagd of ik de mensen wakker kon houden in de hitte. Dat lukte me inderdaad.

Ik begon met een korte tijdslijn van mijn persoonlijke ervaringen, en benoemde daarbij de instellingen die ik in het verleden al van dichtbij heb meegemaakt, zowel als familielid als client; Dat waren Huize Padua, Carrilion C, (en toen Reinier van Arkel) en tenslotte de GGzE. Dus ik heb al een flink deel van het Zuidelijk Netwerk leren kennen via mijn eigen ervaringen. Vooral vanwege mijn ervaringen bij Reinier van Arkel ben ik activist geworden tegen het gebruik van dwang en isoleercellen in de GGZ.

Activisme is ook vorm van clientenparticipatie. Ik ben inmiddels op verschillende vlakken actief: als consultant voor instellingen en ook in het Zuidelijk Netwerk, waar ik steevast mijn mening geef over dwang en drang en alternatieven. Ook geven wij veel xe2x80x9congevraagd adviesxe2x80x9d door folders en acties, met als doel om mensen bewust te maken van het clientenperspectief bij dwangtoepassingen. Daarnaast ben ik ook betrokken in de klankbordgroep van het wetsvoorstel Verplichte GGZ.  Vooral bij beleidszaken is clientenparticipatie vaak niet op maat georganiseerd, maar het is een zware belasting (dikke pakken papier, veel jargon, veel procedures, zelf zoeken naar informatie, strakke deadlines enz.). Voor beleidszaken moet je doorgaans autodidact zijn en alles zelf uitvinden. Het is niet vanzelfsprekend om betrokken en op de hoogte gehouden te worden bij ontwikkelingen.

Ook in het Zuidelijk Netwerk blijkt het niet vanzelfsprekend om  clienten te betrekken bij de zaken die clienten aangaan, zoals de ontwikkeling van High Care. Er zijn namelijk 5 verschillende GGZ-instellingen die meedoen met het Zuidelijk Netwerk, en bij 3 van de 5 miniconferentie kwamen geen lokale clienten of ervaringsdeskundigen aan het woord.  Ik zit als enige ervaringsdeskundige in de projectgroep van het Zuidelijk netwerk, maar ik vind 1 enkele ervaringsdeskundige toch wel te weinig om van een gedegen weergave van het clientenperspectief te kunnen spreken.

 

Om die reden wordt op 15 september in Eindhoven de conferentie Shop till you stop georganiseerd, waarbij clienten- en familieperspectieven centraal staan. Het centrale thema is dwangreductie en goede zorg, en er zullen diverse concrete instrumenten uit de clienten-en familiesector worden gepresenteerd, die ontwikkeld zijn om dwang te voorkomen en goede zorg te verlenen. Deze conferentie zal een aanvullende bron zijn om het clientenperspectief in het Zuidelijk Netwerk te kunnen meenemen.

 

Ik sloot af met de kreet: Geef je mening! En dat gebeurde toen ook en voordat ik het wist stond ik de aansluitende discussie te leiden waaraan ongeveer de hele zaal deelnam.

Er ontstond een discussie over de inzet van ervaringsdeskundigen op afdelingen, en daaruit kwam naar voren dat er nog erg veel onduidelijkheden zijn en dat er behoefte is aan een xe2x80x9cvakbondxe2x80x9d voor ervaringsdeskundigheid om het specialisme en de eigenheid van ervaringsdeskundigen te beschermen, en te voorkomen dat het profiel vertroebeld en gehospitaliseerd wordt. Er zijn al wel organisaties van ervaringsdeskundigen, maar die mogen dus iets actiever opstaan.

Ook werd er vanuit de zaal gepleit voor een andere woordkeuze dan het reguliere jargon, om zo de organisatie open te maken voor de nieuwe denkwijze vanuit de High Care visie. Daarmee stemde iedereen in, en dat zal ook zeker aandacht krijgen in het Zuidelijk Netwerk.

 

Na afloop stond ik nog met wat mensen te praten, en ik kreeg veel complimenten over mijn presentatie. Toen kwam de psycholoog Jan Mertens van de CIBU in Venray (van GGZ Noord- en Midden Limburg) naar mij toe. Hij vertelde dat hij mijn verslag van mijn werkbezoek op 13 april 2010 had gelezen (zie ook http://tekeertegendeisoleer.web-log.nl/tekeertegendeisoleer/2010/04/verslag-minicon.html) . Hij gaf aan dat ze bij de CIBU iets met mijn kritiek wilden doen, en dat ze wilden kijken of ze iets konden veranderen, dat er innovatiebudget was, en dat ze ervaringsdeskundigen zochten om advies te geven. Ik bood direct aan dat ik best nog een keer langs kon komen bij de CIBU in Venray om mee te denken, en daar bleek de psycholoog op uit te zijn.

We hebben contactgegevens uitgewisseld om een afspraak te maken. Ik ben erg blij dat mijn kritische mening bij de CIBU gewaardeerd wordt, en dat men er iets mee wil gaan doen!

 

Gesprek met Jeroen Muller van Arkin, Amsterdam

Gisteren, maandag 5 juli 2010 ging ik naar Amsterdam voor een gesprek met Jeroen Muller, voorzitter van de Raad van Bestuur van Arkin, GGZ-instelling in Amsterdam. Ik stuur Jeroen Muller regelmatig email-nieuwsbrieven en hij had me uitgenodigd om eens nader kennis te komen maken, want in Amsterdam wil men ook van de isoleercellen af.

Toen ik aankwam bij het gebouw van Arkin ging het brandalarm net af, maar dat bleek aan een monteur te liggen, dus ik kon gewoon naar binnen. Ik ging naar de tweede verdieping waar ik om 13.00 werd verwacht door Jeroen Muller op zijn kantoor.

 

Ik vertelde over mijn eigen ervaringen en waarom ik activist ben geworden. Hij wist nog niet dat ik degene was die de publieke commotie rond het overlijden van Wim Maljaars had aangezwengeld.

 

Jeroen Muller vertelde vervolgens over zijn vroegere werk als psycholoog, en hoe hij gaandeweg was doorgegroeid van afdelingshoofd tot aan bestuursvoorzitter van Arkin (fusie van Jellinek, Mentrum, AMC en nog een paar). Hij vertelde hoe pijnlijk hij het vond om de familie van Wim te woord te staan, en te moeten uitleggen hoe het kan dat Wim overleden was in de zorg, en ook de verhalen van clienten vielen Jeroen zwaar. Hij heeft daarna besloten dat eenzame opsluiting in een isoleercel niet meer van deze tijd is, en dat die risicovolle handeling niet gepast is in de zorg.  De kwaliteit van zorg moet omhoog. Hij heeft als doel gesteld om het separeren in 3 jaar tot nul te reduceren. (Amsterdam isoleercelvrij).

Jeroen Muller zei dat hij eigenlijk te laat opgemerkt had dat het AMC zoxe2x80x99n zorgenkindje was in de organisatie. Alles wat fout kon gaan ging daar ongeveer fout. Jeroen Muller gaf ook eerlijk toe dat er nog steeds wel afdelingen waren waar hij zijn eigen kinderen ook niet heen zou brengen. Dit heeft zijn aandacht en hij vroeg of ik hem advies kon geven mbt het terugdringen van dwang, het motiveren van bijv. psychiaters en verpleegkundigen, het omgaan met gecompliceerde doelgroepen (bijv. de xe2x80x9czware jongensxe2x80x9d die vaak een achtergrond van GGZ, justitie en verslaving hebben) enz.

 

We hadden een goed gesprek over zaken als beeldvorming (angst en veiligheid) en het belang van het uitdragen van successen en goede PR. Daarnaast heb ik het nieuwe VN-verdrag inzake de rechten van personen met beperkingen (CRPD) aangehaald, wat ik zeker een bijkomende motivatie vind om de verandering nu echt te maken.

Daarna vertelde ik nog wat over het IC-concept dat ontwikkeld wordt via het Zuidelijk Netwerk (de High Care-piramide met een brede basis van preventie (bijv. gastvrijheid), en een steeds specialistischer middenstuk oplopend tot een specialistische top van gerichte de-escalerende zorg-interventies, waaronder bijv. de High Care-consultatieteams vallen die bij de GGzE worden ingevoerd om de hulpverleners bij te staan in de interactie in moeilijke situaties enz.) Jeroen vond het een zeer bruikbaar model om de veelheid aan goede initiatieven te structureren en te stroomlijnen en zo een getrapt zorgaanbod te realiseren.

 

Ik vroeg of er ook speciale aandacht was om dwangmedicatie te verminderen en ik hield een kort pleidooi dat een overheersend medisch model de mens reduceert tot een stofwisselingscomplex, waarbij men gaat denken dat de xe2x80x9cstoornisxe2x80x9d met een pilletje te verhelpen is, waardoor diepgang in het contact niet meer belangrijk lijkt.

Jeroen Muller bleek ook een voorstander te zijn van Sociale Psychiatrie en vindt ook dat er meer aandacht moet komen voor integrale zorg, met aandacht voor welzijn en de leefgebieden van de client (woonsituatie, dagbesteding, zinvolle relaties enz.).

 

Jeroen Muller vertelde nog wat over de ontwikkelingen die in Amsterdam plaatsvinden. De verbeterplannen zijn per afdeling opgesteld, vanwege de grote onderlinge verschillen. Er wordt structureel overlegd met alle projectleiders, ervaringsdeskundigen en ex-clienten, en  iedereen in de organisatie wordt actief betrokken bij de doelstelling om separeren af te schaffen.

Ongeveer de helft van alle isoleercellen in de GGZ van Amsterdam is reeds buiten gebruik gesteld (immers: wat er niet is, kan je ook niet gebruiken). Daarnaast is de gemiddelde duur van een separatie afgenomen van xe2x80x9cdagenxe2x80x9d naar een gemiddelde van xe2x80x9curenxe2x80x9d. Ook is er in toenemende mate draagvlak voor de afschaffing van separatie. Het merendeel van de organisatie Arkin omarmt het doel om separeren af te schaffen, behalve de psychiaters, waarvan meer dan de helft sceptisch blijft en het zich niet voor kan stellen.

 

Tenslotte zei Jeroen Muller nog dat het best wel moeilijk was om tegen de achtergrond van forse bezuinigingen rond te komen met alle projecten. Ik zei dat ik daar wel een oplossing voor zag: De dure Commissies Verplichte GGZ, die de staat echt miljoenen zullen gaan kosten, leveren voor de client maar weinig verandering in de zorgkwaliteit op (xe2x80x9coude wijn in nieuwe zakkenxe2x80x9d). De Commissie is bedoeld om te adviseren OVER de client en de xe2x80x9cverplichte zorgxe2x80x9d, maar men zou SAMEN MET de client een acceptabele oplossing moeten vinden (zorg = zorg, straf= straf). Vandaar dat wij het EindhovensModel hebben bedacht, waarbij de EigenKrachtConferentie de spil vormt van de zorgindicatie (zonder dwang). De echte expertise over het leven van een persoon zit namelijk bij diegene zelf en het eigen persoonlijke netwerk, en het vaak is het mogelijk om met vereende krachten een acceptabele oplossing te vinden, waarbij iedereen zich gehoord voelt.

De EigenKrachtConferentie is niet alleen vele malen goedkoper in de uitvoering van de procedure (veel minder boboxe2x80x99s), ook resulteert het in beter maatwerk waardoor verkeerde interventies en bijbehorende kosten worden vermeden, en het is ook nog eens veel effectiever en dus ook op lange termijn besparend. Efficiency wordt steeds belangrijker.

 

Het was een prettig gesprek, en wellicht zal er in de toekomst nog een nauwere samenwerking gestart worden tussen mij en Arkin.