Schokkend gebrek aan kennis bij Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg

Vorige week, op dinsdagmiddag 10 maart 2015 ging ik naar het AMC in Amsterdam, waar de Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg gepresenteerd zou worden.

Zie hier de Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg in Pdf-formaat: http://www.zonmw.nl/nl/publicaties/detail/thematische-wetsevaluatie-gedwongen-zorg/

De presentatie bij het AMC werd vooral door juristen, studenten en psychiaters bezocht. Persoonlijk vond ik het een hele zware en pijnlijke bijeenkomst. Het ging namelijk over het toestaan van dwangtoepassing in de zorg, en over de beperkte aansluiting van de wetgeving in verschillende sectoren (GGZ, VG, PG, Forensische zorg en Jeugd). Hieruit volgde een aantal aanbevelingen. (allemaal te lezen in de publicatie Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg).

Ik heb de publicatie meermaals doorgebladerd, maar niet geheel gelezen, omdat ik er hartkloppingen en zweetaanvallen van krijg, omdat er zoveel kromme analyses in staan.

Bijvoorbeeld in paragraaf 2.3 over de Verenigde Naties, staat op pagina 43-45 een paragraaf over het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen (CRPD, en in het Nederlands: VPH), met daarin o.a. dit:

Het VPH is met name gericht op het tegengaan van discriminatie.  In veel bepalingen staat centraal dat een persoon met een handicap in gelijke mate toegang moet kunnen hebben tot voorzieningen als onderwijs, gezondheidszorg, rechtssysteem en arbeidsmarkt als personen zonder een handicap. Naast bepalingen met directe betekenis op het terrein van gedwongen zorg, zoals artikel 14, kan het VPH op een meer indirecte manier kan bijdragen aan de rechtsbescherming in relatie tot gedwongen zorg, met name waar dit verdrag de aangesloten staten ertoe verplicht om mensen met een handicap ondersteuning te bieden bij het nemen van beslissingen en hun procedurele rechten te waarborgen (zie de artikelen 13 en 15 VPH). Dit kan aan de orde zijn in situaties waarin wilsonbekwame patiënten worden geconfronteerd met omstandigheden die als vrijheidsbeperking of vrijheidsbeneming kunnen worden gekarakteriseerd. De bepalingen van het VPH kunnen dan mensenrechten die in andere verdragen (als het EVRM) worden genoemd aanvullen of accentueren.[1]

De VPH voorziet in een Committee on the Rights of Persons with Disabilities. Deze commissie publiceerde in maart 2014 een ‘general comment’ betreffende de inhoud van art. 12 van het verdrag en de samenhang tussen art. 12 en een aantal andere verdragsbepalingen[2]. De commissie hangt het standpunt aan dat het VPH toepassing van gedwongen zorg bij mensen met beperkingen verbiedt , omdat er dan sprake zou zijn van het maken van een ongerechtvaardigd onderscheid op basis van die beperking. Hierop is kritiek geuit door Blankman, die erop wijst dat de nogal absolute stellingname van het comité zich niet verdraagt met andere internationale verdragen, zoals het EVRM, die dwangbehandeling weliswaar typeren als een uiterst middel, maar niet helemaal uitsluiten.[3] Blankman pleit ervoor dat de Nederlandse regering, in het kader van de ratificatie van het VPH, zich nadrukkelijk uit laat over de interpretatie van art. 12.

Ik zie hierin een aantal zeer aanstootgevende misvattingen.

1. Men heeft kritiek op een VN-verdrag dat in samenwerking met alle lidstaten van de VN tot stand is gekomen (incl. Nederland), en men toont nu enige onwil tov implementatie van de mensenrechten in Nederland. Dat staat in schril contrast met de waarden in de Nederlandse samenleving, waar respect voor de mensenrechten een groot goed is.

2. Men stelt een publicatie met kritiek van ene Blankman als waardevoller dan de internationale afspraken. Dit lijkt me niet verdedigbaar onder internationaal recht, en het impliciete argument dat het VN-verdrag niet bij de Nederlandse cultuur zou passen is een cliche die men feitelijk niet in Nederland zou verwachten. Het zou veel logischer zijn als men zich zou inspannen om de mensenrechten volledig te realiseren.

3. Men stelt oude regionale verdragen, zoals het EVRM, boven recente internationale VN-verdragen. Het EVRM dateert uit 1950 en is juist ontstaan in navolging van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (VN). Dus nu de VN-verdragen voortschrijden, is het logisch dat ook het EVRM aangepast zal gaan worden. Het is dan ook vreemd dat men statisch blijft vasthouden aan het (verouderde) EVRM als uitgangspunt.

4. Men lijkt een zeer beperkte interpretatie van de toepasselijkheid van de mensenrechten te voorstaan, en te pleiten voor een afwijkende interpretatie van artikel 12 in Nederland.  Ook dit is juridisch niet verdedigbaar, want mensenrechten gelden voor iedereen in gelijke mate, en artikel 12 (handelingsbevoegdheid, recht op eigen beslissingen) is bovendien een voorwaarde voor alle andere rechten (zoals kiezen waar te wonen, welke zorg, welke levensstijl enz.) Het beperken van artikel 12 betekent feitelijk dat men bepaalde mensen niet voor vol aanziet, en mensenrechtenverdragen stellen juist dat elk mens meetelt en rechten heeft, ongeacht handicap, beperking, of psychosociale problemen.

Men lijkt wel te kunnen lezen, en te begrijpen dat het VN-verdrag gedwongen zorg verbiedt. Maar men lijkt van mening dat dit niet toepasselijk is voor Nederland….

En dat terwijl het afschaffen van dwang, het terugdringen tot 0, al een afgesproken doel was in de GGZ sector!!!! Er zijn intentieverklaringen ondertekend door de veldpartijen, en inspanningen om dwang terug te dringen worden geleverd in de GGZ, VG, PG, Jeugd en ook in de forensische zorg. (project Dwang en Drang, ontwikkeling van HIC)

De zorgsector zelf wil van dwang af.
De clienten en familie willen van dwang af.
De internationale verdragen verplichten ons om dwang af te schaffen.

Hoe kunnen de Nederlandse juristen dan nog komen met aanbevelingen voor het nog verder legaliseren en doorvoeren van dwangtoepassing in de zorgketen???Het zijn nota bene juristen, die zouden beter moeten weten.

Het was erg pijnlijk, temeer omdat het 10 maart 2015 was, exact 1 jaar na het verschijnen van het jaarrapport van de Special Rapporteur on Torture (Mendez, A/HRC/25/60 Add2.) waarin deze zijn bezorgdheid uit over zware mensenrechtenschendingen  in mijn persoonlijke zaak. Zie ook: https://tekeertegendeisoleer.wordpress.com/2014/03/17/vn-erkent-zware-mensenrechtenschendingen-in-nederlandse-psychiatrie/

De alarmbellen bij de Nederlandse beleidsmakers en bestuurders die af hadden moeten gaan na deze brief van de Special Rapporteurs, lijken het niet te doen. Zelfs de boze brief van de VN lijkt vruchteloos, hetgeen voor mij als persoon uiteraard uitermate pijnlijk en frustrerend is.

In de Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg (verschenen in september 2014) staat op pagina 39 ook een korte paragraaf over marteling (Convention against Torture and other Cruel, Inhuman or Degrading Treatment or Punishment) :

De inhoud van het verdrag komt overeen met het betreffende verdrag van de Raad van Europa en behoeft in dit kader geen nadere bespreking. Vermeldenswaard zijn wel de observaties van het CAT met betrekking tot gedwongen zorg in Nederland. In een commentaar uit mei 2013 is de commissie nogal kritisch over de Nederlandse situatie inzake “forced internment in mental health care”. Het gaat de commissie daarbij met name om de frequente toepassing van afzondering, fixatie en dwangmedicatie. Ook meent de commissie dat er onvoldoende onafhankelijk onderzoek wordt gedaan naar de “excessive use” van dwangmiddelen in de psychiatrie.[4] In oktober 2013 ontving de Nederlandse regering een verzoek om inlichtingen van twee ‘special rapporteurs’ van de VN (waaronder de ‘special rapporteur on torture and inhuman treatment’) over een individuele klacht van een Nederlandse ingezetene met betrekking tot dwangtoepassing in de psychiatrie. In deze brief spreken de rapporteurs nog geen oordeel uit, maar er klinkt wel een zeer terughoudende visie op de toepassing van gedwongen zorg binnen instellingen in door, zoals blijkt uit de volgende passage: “It is essential that an absolute ban on all coercive and non-consensual measures, including restraint and solitary confinement of people with psychological or intellectual disabilities, should apply in all places of deprivation of liberty, including in psychiatric and social care institutions (…), with the sole possible exception of temporary measures to prevent harm to the patient or others, and strictly limited to the exigencies of the circumstances”.[5] In december 2013 reageerde de Nederlandse regering op de vragen en opmerkingen van de rapporteurs, door uiteen te zetten welke rechtswaarborgen zijn opgenomen in de geldende (Bopz) en komende (Wvggz) wetgeving met betrekking tot dwangtoepassing in de psychiatrie.[6] 

Ook in deze passage zijn een aantal zaken pijnlijk opvallend.

  1. Men doet nogal lichtzinnig over de bezorgdheid van het CAT-Committee en de Special Rapporteurs, (o.a. te zien aan de schrijfstijl en woordkeuze zoals: vermeldenswaard). Echter een berisping van de VN is een van de zwaarste acties die de VN kan ondernemen, waarbij zij hun vermoedens verduidelijken en doorgaans vragen om opheldering en oplossing waar nodig. Dergelijke alarmerende berispingen dienen niet onopgelost te blijven, maar vragen om een pro-actieve aanpak, die ik helaas niet kan bespeuren in deze Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg.
  2. Men verkiest een conservatieve interpretatie van de brief van de Special Rapporteurs en mist de beide signalen in de brief, te weten:
    1. De beschreven zaak dateert uit 1994, en ook onder de regelgeving van 1994 (MI-principles) kan dwangbehandeling marteling en mishandeling zijn.
    2. De referentie aan het rapport A/HRC/22/53 (Torture in Health care settings) en de slotvraag in de brief (What measures have been undertaken to impose an absolute ban on all forced and non-consensual medical interventions against persons with disabilities, including the non-consensual administration of psychosurgery, electroshock and mind-altering drugs such as neuroleptics, the use of restraints and solitary confinement, for both long- and short-term application? ) dragen beiden een zeer sterk richtinggevend signaal, nl. dat gedwongen zorg onder marteling en mishandeling valt, en er een absoluut verbod op gedwongen zorg gerealiseerd dient te worden.

    Helaas lijken de juristen en andere experts die de Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg uitgevoerd hebben, beide signalen gemist te hebben, en verdedigen zij liever het huidige beleid (en pleiten zelfs voor grenzeloze uitbreiding van dwangmogelijkheden), dan dat zij de kant van de VN en/of de slachtoffers kiezen.

    Meermaals werd er tijdens de conferentie benoemd dat er slechts 20 officiele klachten worden ingediend, op 20.000 dwangtoepassingen per jaar. Waarbij men suggereerde dat de rechtsposiie geen groot probleem was. Ik zat van binnen helemaal te flippen, iedere keer als ik die opmerking hoorde. Ik ben het levende bewijs dat hun getallen niet kloppen, en dat er veel meer klachten zijn, maar dat het rechtssysteem niet toegankelijk is. De aanwezige juristen repten hier met geen woord over. Ik vond het een vreselijke bijeenkomst, uiterst pijnlijk en frustrerend.

    Ik heb na afloop van de sessie over de BOPZ mijn hand opgestoken, en gevraagd of men zelf doorheeft dat men nog in het oude paradigma zit, terwijl de huidige mensenrechtenverdragen (CAT en CRPD) vragen om een omslag waarbij dwang in de zorg uitgebannen wordt. Dhr. Legemaate refereerde in zijn antwoord direct weer aan het Europees Verdrag (EVRM) en stelde dat het EVRM geen verbod op gedwongen zorg benoemt. Daarop zei ik dat het EVRM uit 1950 komt, en meer moderne jurisprudentie zoals CAT en CRPD prevaleert, en dat dwang duidelijk afgeschaft dient te worden. Dhr. Legemaate begon toen over artikel 3 van het EVRM (freedom from torture) en stelde wederom dat het EVRM geen jurisprudentie heeft die zegt dat dwang moet verdwijnen. (Hij bleef dus enkel het EVRM zien). Daarna kreeg ik het woord niet meer terug. Ik vond deze korte discussie nogal onbevredigend.

    Ik snapte echt niet waarom de aanwezigen nog zo in het oude paradigma zaten. Het zijn nota bene juristen. Zij zouden juist moeten inzien wat VN-verdragen betekenen voor de huidige wetgeving, en zij zouden juist moeten pleiten voor volledige implementatie van de mensenrechten.

    Het was eerlijk gezegd een afschuwelijke bijeenkomst, die ook echt een grote weerslag heeft gehad op mijn geestelijke welzijn. Ik heb er een paar dagen van bij moeten komen. Mijn vertrouwen in dialoog en redelijkheid is zwaar aangetast door de houding van de Nederlandse toonaangevende juristen. Het is alsof men de VN-verdragen zo wegwuift en onderaan op de stapel legt, achter het ouderwetse EVRM, in plaats van op de bres te gaan voor de mensenrechten. Deze juristen lijken daardoor eerder een deel van het probleem dan van de oplossing te zijn.

    Ook als persoon voel ik me ontzettend miskend. Het feit dat men de signalen uit de brief van de Special Rapporteurs niet effectief oppikt, en er geen enkele actie uit voort lijkt te komen, en er 1 jaar later niks veranderd is, voelt alsof mijn hart wordt vertrapt en de pijn wordt door de verantwoordelijken genegeerd…  Het is bijzonder moeilijk om vertrouwen te houden in dialoog in een dergelijke context…  Het voelt onredelijk en hopeloos, en het drijft me letterlijk tot aan de grens van de wanhoop, waardoor ik dus letterlijk een paar dagen vrij heb moeten nemen na dit congres. Het was een afschuwelijke ervaring.

    Maar toch is er die dag ook nog iets moois gebeurd. Ik werd aangesproken door een studente die me vertelde dat ze de meeste informatie over gedwongen zorg nogal eenzijdig vond, en graag wat meer kritische informatie wilde voor haar rechtenstudie. Ik was blij dat ze dit vroeg, en heb haar heel veel informatie gemaild, waar ze erg blij mee was. En daardoor heb ik het zinloze kwellende gevoel dat ik had overgehouden aan de conferentie van me af kunnen zetten, en heb ik nieuwe hoop gekregen. Zij maakte de conferentie toch nog zinvol voor mij. En dankzij haar geloof ik toch weer in een betere toekomst.

    Voor wie meer informatie wil mbt de recente mensenrechtenstandaarden mbt gedwongen zorg, volgen hier nog wat extra bronnen:

    1. Reactie van Stichting Mind Rights op Tweede Nota van Wijziging WVGGZ (zie met name ook de bronnen en citaten vanaf p.6)https://tekeertegendeisoleer.files.wordpress.com/2014/07/reactie-mindrights_tweedenotavanwijziging-wvggz.pdf

    2. Naast de General Comment no.1 on art 12 van het CRPD Committee (http://www.ohchr.org/EN/HRBodies/CRPD/Pages/GC.aspx )  ,
    is er inmiddels ook een verklaring omtrent artikel 14 van het CRPD Committee http://www.ohchr.org/EN/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=15183&LangID=E

    3. Het officiele schriftelijke advies van het College voor de Rechten van de Mens  over de ratificatie-wetsvoorstellen (CRPD) bevat een kritische passage over dwang in de GGZ:

    Het College wijst er op dat het toezichthoudend VN-Comité bij het verdrag benadrukt dat gedwongen behandeling door psychiatrische en andere medische professionals strijd oplevert met de beginselen van het recht op persoonlijke integriteit (artikel 17), de vrijwaring van foltering (artikel 15) en de vrijwaring van geweld en misbruik (artikel 16). Mensen met een beperking hebben het recht een medische behandeling te kiezen. Het gedwongen opleggen van een behandeling is volgens het Comité dan ook een inbreuk op artikel 12 van het verdrag.1 Ook wanneer mensen in (psychiatrische) instellingen in crisissituaties geraken moet de Staat hun handelingsbekwaamheid respecteren.

    Het College vraagt uw Kamer bij de behandeling van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en de Wet zorg en dwang na te gaan of de verplichtingen ten aanzien van dwang in de zorg op grond van de verplichtingen uit het verdrag aanpassing behoeven.

    (bron: Pagina 8 Advies College voorde Rechten van de Mens: http://www.mensenrechten.nl/publicaties/detail/34841 )

    Zie ook  https://tekeertegendeisoleer.wordpress.com/2015/02/10/hoorzitting-tweede-kamer-over-ratificatie-vn-verdrag-voor-de-rechten-van-personen-met-beperkingen/

Onderstaand de gerefereerde bronnen uit de Thematische wetsevaluatie gedwongen zorg:

[1] Zie de noot van Hendriks bij EHRM 14 februari 2012, D.D. v. Litouwen, JVGGZ 2012/25.

[2] UN Committee on the Rights of Persons with Disabilities, General comment No 1 (2014). 11 april 2014.

[3] Blankman 2014, p. 10-14.

[4] UN Committee against Torture, Concluding observations on (…) the Netherlands. Adopted by the Committee at its fiftieth session (6-13 May 2013).

[5] Brief d.d. 8 oktober 2013 van ‘special rapporteurs’ Grover en Méndez aan de Nederlandse regering, kenmerk AL Health (2002-7) G/SO 214 (53-24) NLD 2/2013.

[6] Zie https://spdb.ohchr.org/hrdb/24th/Netherlands_05.12.13_(2.2013).pdf.

Nederlandse ratificatie-wet op gespannen voet met VN-verdrag – artikel 14

We zitten in een spannende tijd. Het is inmiddels vast wel bekend; er is een nieuw VN-verdrag sinds 2006: Het Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen (CRPD).

 

De ratificatie (goedkeuring) van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen staat in Nederland gepland op 1 juli 2015. Daarmee zijn wij een van de laatste landen van Europa die dit verdrag ondertekenen, zie ook de publicatie: Nederland als laatste van medisch model naar mensenrechtenmodel?

 

De Nederlandse staat is momenteel bezig met een ratificatie-wet (Kamerstuk 33 992 / R2034). De toelichting van het ratificatie-wetsvoorstel (Kamerstuk 33 992 / R2034 nr.3) beschrijft de interpretatie die de Nederlandse Staat geeft aan het VN-verdrag, en  beschrijft de beoogde uitvoering van het VN-verdrag in Nederland. Het ratificatie-wetsvoorstel is echter niet in overeenstemming met het VN-verdrag. Er bestaan nog grote verschillen tussen de visie van de Nederlandse Staat, en de visie van de Verenigde Naties.

 

Het VN-verdrag verbiedt dwang in de GGZ, o.a. op basis van artikel 14 Vrijheid en veiligheid van de persoon.

 

Article 14, Liberty and security of person
1. State Parties shall ensure that persons with disabilities, on an equal basis with others:
a.Enjoy the right to liberty and security of person
b.Are not deprived of their liberty unlawfully or arbitrarily, and that any deprivation of liberty is in conformity with the law, and that the existence of a disability shall in no case justify a deprivation of liberty

 

Dit betekent dat het hebben van een beperking of diagnose geen rol mag spelen in beslissingen over vrijheid en opsluiting, want dat zou discriminerend zijn. Een beperking of diagnose is geen keuze, maar een persoonlijke eigenschap. En persoonlijke eigenschappen mogen geen grond zijn voor vrijheidsbeperking, want elk mens heeft recht op vrijheid, ongeacht afkomst, leeftijd, geslacht, beperking enz.

 

In het Nederlandse ratificatie-wetsvoorstel wordt dwang in de GGZ o.a. benoemd onder artikel 14.

 

Onder artikel 14 (midden pagina 51) stelt de overheid: ” Het gevaarscriterium (Artikel 1, onderdeel f, van de wet BOPZ) voorkomt dat een stoornis van de geestvermogens als zodanig, dus enkel het bestaan van een handicap, een grond voor opname zou kunnen zijn. Alleen als een persoon met een stoornis van de geestvermogens zichzelf of anderen in gevaar brengt, kan de rechter een machtiging afgeven voor gedwongen opname.”

Ook over het wetsvoorstel Verplichte GGZ, zeggen zij (op pagina 52): ” Onder het wetsvoorstel Verplichte GGZ is verplichte zorg slechts mogelijk als uiterste middel indien >> het gedrag van een persoon als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot aanzienlijk risico op ernstige schade voor hemzelf of voor een ander >>  Ook in dit wetsvoorstel is het hebben van een psychische stoornis als zodanig, dus enkel het bestaan van een handicap, geen grond voor verplichte zorg.”

 

 

Maar toch is het gevaarscriterium binnen de visie van het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen een discriminerende constructie. Er bestaat namelijk al een algemeen systeem om “gevaarlijk gedrag” mee aan te pakken, namelijk de algemene wet die geldt voor iedereen. Als een zogeheten gezond persoon gevaarlijk gedrag vertoont, dan wordt dit getoetst aan de algemene wetgeving die voor iedereen geldt, met o.a. aspecten als: is er een wet overtreden, is daar bewijs voor, wat is de verdediging, en welke kaders zijn er voor een redelijke sanctie. Als er –gekoppeld aan een diagnose of beperking- een apart systeem met aparte wetten bestaat, dat bepaalde mensen uitzondert van bepaalde rechten, en veel verder ingrijpt op de persoonlijke vrijheden dan de algemene wet ingrijpt in het leven van zogeheten gezonde burgers, dan is dat discriminatie op basis van beperking.

 

Straf is straf. Zorg is zorg.

 

Vrijheidsbeperking en de ontneming van fundamentele rechten heeft niets te maken met goede zorgverlening. De term verplichte zorg suggereert dat de Nederlandse overheid dwang in de GGZ nog steeds beschouwt als een werkzame, heilzame kwalitatieve zorg-interventie. Maar dwang draagt niet bij aan geestelijk welzijn. Dwang is ouderwetse symptoombestrijding, en leidt tot meer trauma’s, meer strijd, meer problemen, en meer kans op nieuwe escalaties. Dwang is achterhaald.

Echte zorg vereist een goede zorgrelatie.

 

Het VN-verdrag roept op tot een grote verandering in de GGZ, waarbij dwang niet langer verward wordt met zorgverlening.

 

Voor bestraffing cq vrijheidsbeneming geldt de algemene wetgeving voor iedereen op gelijke voet. Discriminatie op basis van een beperking is verboden. Goede zorg heeft niets met vrijheidsbeneming te maken, en dus is vrijheidsbeneming op basis van het gevaarscriterium gekoppeld aan een diagnose een discriminerende constructie.

 

Dit wordt ook bevestigd in de recente Verklaring van het CRPD Committee over artikel 14
zie http://www.ohchr.org/EN/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=15183&LangID=E

 

 

In de praktijk betekent dit dus dat dwang moet verdwijnen uit de zorg. Opsluiting is geen zorg, maar een straf. Straf en zorg dienen volledig gescheiden te zijn.

 

Zorg is een vrije keuze. Vanuit respect voor diversiteit mag men iemand immers niet dwingen om zijn/haar persoonlijkheid te veranderen (dat zou marteling en wrede, inhumane en vernederende behandeling of bestraffing zijn, en dat is verboden). Mensen met beperkingen hebben dezelfde rechten als gezonde mensen, stelt het VN-verdrag.  Je hebt het recht om “ziek” te zijn, stelde het Europese Hof (Pleso v. Hungary, 2 oktober 2012). Gezondheid mag dus geen voorwaarde voor vrijheid zijn.

 

De wet geldt voor iedereen. Beslissingen over straf en vrijheidsbeneming dienen op basis van gelijkwaardigheid voor de algemene wet te worden besloten (dus geen preventieve opsluiting op basis van vermoedens, aannames en vooroordelen gelinkt aan diagnoses).

Het opleggen van een eventuele straf of vrijspraak dient te geschieden op basis van een zorgvuldige afweging, waarbij alle omstandigheden in ogenschouw worden genomen, en er in principe geen rigide, buitenproportionele of contraproductieve maatregelen hoeven te worden opgelegd, maar juist rechtvaardigheid wordt nagestreefd. Er zijn constructies mogelijk die passende consequenties op maat mogelijk maken ( dat heet “ reasonable accomodation ” ), zodat er geen disproportionele strafbelasting is.  Zorg kan echter nooit als straf opgelegd worden. Zorg is zorg. Straf is straf.

 

Goede zorg kan escalaties voorkomen, en daarmee kunnen sociale problemen, en de roep om gedwongen interventies, en ook straffen voorkomen worden. Dit blijkt o.a. uit de projecten Dwang en Drang ,  de ontwikkeling van High/Intensive Care in de psychiatrie (HIC, www.hic-psy.nl/ ), de signaleringsplannen,
de Crisiskaart  , de inzet van Eigen Kracht-conferenties  en ook inhet buitenland met bijv. Open Dialogue in Finland (zie de documentaire van 74-minuten op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=HDVhZHJagfQ ).

Bij al deze initiatieven staat respectvolle bejegening, crisispreventie en ondersteuning van herstel centraal.

 

Het is dus mogelijk om dwang te vervangen door goede zorg (met name crisispreventie).

 

In Nederland zijn er een heleboel hoopgevende initiatieven in de GGZ , en er is een groeiende weerstand tegen dwangtoepassing (denk aan de vastgebonden Brandon ). Clienten, naasten en hulpverleners hebben zich allang verenigd tegen dwang (zie ook intentieverklaring mbt het voorkomen van dwang in de GGZ ). Eigenlijk is onze samenleving en ook de zorgpraktijk klaar voor de omslag van dwang naar zorg. Het is een wens van velen.

 

Alleen laat de Nederlandse overheid het nog wel afweten. De teksten in het ratificatie-wetsvoorstel getuigen allerminst van inzicht in de moderne mensenrechtenstandaarden, en in plaats van te benoemen welke inspanningen er worden geleverd om dwang uit te bannen, beschrijft de overheid “hoe goed zij is in het uitvoeren van dwang”. Dat druist uiteraard volledig in tegen de strekking van het VN-verdrag.

 

Aan het eind van de paragraaf over artikel 14 in het ratificatie-wetsvoorstel (onderaan pagina 54), legt de Nederlandse overheid een  interpretatieve verklaring af:

 

The Kingdom of the Netherlands provides an interpretive declaration on CRPD article 14.
The Kingdom of the Netherlands recognises that all persons with disabilities enjoy the right to liberty and security of person, and a right to respect for physical and mental integrity on an equal basis with others. Furthermore, the Kingdom of the Netherlands declares iots understanding that the Convention allows for compulsory care or treatment of persons, including measures to treat mental illnesses, when circumstances render treatment of this kind necessary as a last resort, and the treatment is subject to legal safeguards.

 

Ook deze verklaring van de Nederlandse Staat geeft aan dat hun begrip van de mensenrechten voor personen met beperkingen nog in de kinderschoenen staat, en dat de Nederlandse Staat keihard inzet op het handhaven van dwang, in plaats van het afschaffen van dwang, en het realiseren van goede zorg in- en ter preventie van crisissituaties.

 

Het is de vraag hoelang dat overheidsstandpunt nog houdbaar is in onze samenleving. Dat is dus erg spannend. Het is niet ondenkbaar dat de Verenigde Naties een dergelijke interpretatie onvoldoende vinden. En het is ook niet ondenkbaar dat de samenleving toch weet aan te sturen op de beoogde verandering.

 

Als je het mij vraagt heeft dwang in de zorg in ieder geval zijn langste tijd gehad.

 

Wil je meehelpen om dwang te laten verdwijnen uit de GGZ?

Teken onze petitie: Wetgevers: Regel zorg in plaats van dwang in de GGZ
Het is hard nodig dat de GGZ verandert, en daarvoor zijn andere wetten nodig.
Laat mensen niet in een isoleercel zitten tijdens moeilijke tijden. Keer hen niet de rug toe. Geef je stem om te laten zien dat Nederland klaar is voor de omslag van dwang naar zorg!
Om de petitie te ondertekenen, vul je je email-adres in op deze site: http://www.avaaz.org/nl/petition/Aan_de_Voorzitter_en_de_leden_van_de_Tweede_Kamer_der_StatenGeneraal_Wetgevers_Regel_zorg_in_plaats_van_dwang_in_de_GGZ_3/?copy

 

Een andere wereld is mogelijk!

 

 

 

 

 

 

Nadere info over het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen:

bericht: Je hoeft niet 100% gezond te zijn om mensenrechten te hebben
publicatie: Nederland als laatste van medisch model naar mensenrechtenmodel?
publicatie: Herstel de depressie in het clientenrecht

 

 

Zie ook de website van het VN-comite voor het Verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen, het CRPD Committee, http://www.ohchr.org/en/hrbodies/crpd/pages/crpdindex.aspx

 

Het CRPD Committee benadrukt in enkele officiele toelichtingen expliciet dat dwangtoepassing in de GGZ niet langer toelaatbaar is. Zie

 

 

Frustrerende hoorzitting wetsvoorstel Verplichte GGZ bij Tweede Kamer

Gisteren, maandag 20 januari 2014, ben ik naar Den Haag geweest voor een hoorzitting / rondetafelgesprek bij de Tweede Kamer over het wetsvoorstel Verplichte GGZ. (zie ook http://tweedekamer.nl/vergaderingen/commissievergaderingen/details/index.jsp?id=2013A05514  )

Ik was niet uitgenodigd als spreker, dus ik zat op de publieke tribune. Als publiek mag je niks zeggen en niet reageren, en dat was heel zwaar. Ik kon alleen maar aanhoren wat er gezegd werd. Dat was zo pijnlijk en frustrerend, dat ik zelfs overspoeld raakte door wanhoop, en haast het gevoel kreeg dat ik opnieuw in de isoleercel zat, omringd door onbegrip en onmacht. De bijdrage van het Comité voor de Rechten van de Mens bracht me letterlijk aan het huilen (die vroeg zich af of de bureaucratie geen onnodige drempel zou vormen voor de uitvoering van dwang – alsof het een mensenrecht is om tegen je wil in vernederd te worden!). De empathie was ver te zoeken.

De eerste sessie van 10.00 – 11.30 was voor de wetenschappers en artsen.
Daarbij ging de discussie vooral over de beoogde nieuwe rol van de geneesheer-directeur bij gedwongen behandeling. In het wetsvoorstel staat dat de geneesheer-directeur belast is met de regie over de gedwongen behandeling. Echter deze is niet onafhankelijk van de zorgaanbieder (dat was de reden dat er destijds een multidisciplinaire commissie was bedacht voor deskundig advies inzake dwangbehandeling). Tot op heden is het de Officier van Justitie/OM die de regierol heeft, omdat het onder de BOPZ over vrijheidsbeperking ging. Maar de OvJ/OM willen niet langer de regierol bij dwang hebben, want in het wetsvoorstel Verplichte GGZ gaat het over zorginhoud (eufemistisch “dwang op maat” genoemd). Ze kregen het gevoel dat ze daarmee als rechters worden gedwongen om een witte jas aan te trekken, en dat vinden ze ongepast. Nu is het dus feitelijk zo dat de geneesheer-directeur een toga aan zal moeten trekken. Dat is ook niet wenselijk. (enkele sprekers pleitten dat de geneesheer-directeur “onafhankelijk, onbevangen en onbevooroordeeld” te werk gaat, maar dat is niet genoeg om rechtsbescherming te waarborgen – de kans op belangenverstrengeling is te groot)

Daarnaast ontstaat er complexiteit door de introductie van 3 wetsvoorstellen (Verplichte GGZ, Zorg en Dwang en Forensische Zorg) ter vervanging van de wet BOPZ, waardoor er in de praktijk schotten tussen de sectoren ontstaan terwijl men juist meer aansluiting beoogde. Eveneens mist er samenhang in o.a. de terminologie van de 3 wetsvoorstellen, waardoor individuele interpretatie in de hand wordt gewerkt, hetgeen de rechtsbescherming en uniformiteit niet ten goede komt.

De vrees bestaat dat na 1 juli 2014 (na de invoering van wetsvoorstel Forensische Zorg), de clienten uit de Forensische sector de beschikbare plaatsen in de klinische GGZ zullen gaan bezetten, waardoor er voor de reguliere GGZ geen bedden meer zijn ivm de beddenreductie.
Ik was erg geschokt toen men begon over “de mogelijkheden voor het opschalen van veiligheidsregimes door het tijdelijk uitplaatsen van GGZ-clienten naar een TBS-kliniek – via de achterdeur” . Het is toch te bizar voor woorden dat iemand die zorg nodig heeft zomaar zonder strafblad in een TBS-kliniek kan worden geschoven!!! Ik was oprecht blij om te horen dat er hierbij een praktisch probleem was: namelijk dat de DBC-vergoeding voor forensische clienten hoger is, waardoor de client/zorgaanbieder in de praktijk een dergelijke plaatsing in de TBS-kliniek niet zal kunnen betalen (wat een geluk!!)

Men verwacht dat de ambulante dwang (dwang in de thuissituatie) voor GGZ-clienten zal toenemen o.a. door de druk van bezuinigingen, de beddenreductie en door de druk van de forensische sector. Daarbij is het kwaliteitstoezicht een steeds terugkerend punt van zorg, want dat is nog helemaal niet geregeld.

Toezicht is niet een kwestie van het verzamelen van een hele hoop digitale gegevens op een centraal punt. Toezicht op het systeem en de procedures is niet genoeg. Het is juist belangrijk dat er daadwerkelijk toezicht is op de feitelijke individuele toepassing van dwangmaatregelen en dat de inhoud en toepassing wordt gecontroleerd. De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) houdt nu als het ware toezicht op afstand. Zij verzamelen administratieve gegevens en hebben niet voldoende capaciteit om individuele klachten te behandelen. Zij houden geen toezicht op elk individueel geval van dwangtoepassing. Dat is een zeer ernstig tekort in het kwaliteitstoezicht. (ze kunnen hun doelstellingen dus nu al niet waarmaken). Dwangtoepassing in de thuissituatie is straks helemaal aan het zicht van de hulpverleners, mede-clienten en inspectie onttrokken, omdat het plaats vindt achter de voordeur. De IGZ heeft nog steeds geen plan gemaakt over hoe zij dit tekort aan toezicht op denkt te gaan lossen.
Er is vanuit diverse veldpartijen wel een Multidisciplinaire Richtlijn voor Dwangtoepassing in ontwikkeling, waarin de voorschriften en randvoorwaarden voor dwangtoepassingen in beschreven gaan worden, dus o.a. welke vormen van dwang er ambulant mogelijk zullen zijn, en in welke vorm enz. Maar zo’n protocol is niet genoeg. Er is actief toezicht nodig op de uitvoering van dwangtoepassingen.

Bij dwang in de thuissituatie krijgen politie, hulpverleners en inspectie het recht om het huis van de client zonder toestemming te betreden. Ook zullen gegevens van de client op een heleboel plaatsen uitgewisseld worden (politie, justitie, hulpverleners, vertrouwenspersonen, familie) en wil men een landelijk registratiesysteem van dwangtoepassingen opzetten, zodat men “als men iemand uit Groningen aantreft in Amsterdam niet zoveel moeite hoeft te doen om te achterhalen of deze persoon al een machtiging voor gedwongen behandeling op zijn/haar naam heeft staan – en om zo dubbele procedures te voorkomen”. Het is nog onduidelijk wie er allemaal toegang zou krijgen tot een dergelijk systeem, maar het is duidelijk dat de privacy van de client op deze manier wordt afgebroken. (Een spreker wilde zelfs het recht om de buren te informeren mbt individuele interventies en acties, maar dat gaat echt veel te ver. Zoiets kan enkel met instemming van de client zelf).

Ik vond het erg cynisch dat men zich wel druk maakte om de privacy en de bescherming van de gegevens van de client, maar dat er geen discussie was over de inbreuk op de vrijheid bij de dwangtoepassing zelf. Alsof men het prima vindt om een persoon op te sluiten, maar dat mag niet iedereen weten “dat is prive”…. Ik miste de balans in deze discussie over persoonsbescherming.

Het stoorde mij ook dat de beddenreductie werd uitgelegd als een negatief gevolg van de economische crisis en bezuinigingen, maar dat is niet zo!! Het internationale beleid voor beddenreductie is een bewuste keuze voor inclusie in de samenleving. Namelijk, het hebben van een diagnose of beperking mag geen reden zijn om niet in de samenleving te zijn (net zoals geslacht of afkomst geen reden mag zijn voor minder kansen). Zie voor meer informatie o.a. : http://punkertje.waarbenjij.nu/reisverslag/4423087/mhe-event-mapping-exclusion-at-european-parliament#ad-image-119390308  )
Ik vond het dus pijnlijk dat de sprekers met een negatieve ondertoon over beddenreductie spraken. Nederland heeft bijna het grootste aantal personen in instellingen, we staan op nummer 2 binnen Europa. Nederland staat ook in de Europese top 3 van landen met het grootste aantal dwangtoepassingen. De roep om beddenreductie is dus legitiem. (En zorg in de samenleving is niet duurder, maar juist goedkoper. Het is bewezen efficienter om de zorg te organiseren op de plaats waar de client zich bevindt, dan om de client in de zorgsetting te plaatsen, zie o.a. ook het Deense onderzoek: JAG-report: The price of Freedom of Choice, Self-Determination and Integrity: http://w1.jag.se/kunskap/The%20price%20of.pdf  ). Beddenreductie is dus een manier om zorg te verbeteren en leidt tegelijkertijd tot kostenbesparing. Dat is niet negatief. Helaas werd dit punt niet opgemerkt in de discussie. En zo sloop er weer een misvatting in de beeldvorming…

Het was dan ook uitermate pijnlijk dat de spreker van het Comité voor de Rechten van de Mens , bovenop al het voorgaande, ook nog eens meende dat de bureaucratie weleens een drempel kon vormen voor de uitvoering van dwang (“eufemistisch “de noodzakelijke zorg en bescherming”). Ik had mijn hoop gevestigd op deze spreker, omdat de internationale jurisprudentie van de VN de laatste jaren zeer duidelijk is over het uitbannen van dwang in de zorg (zie bijvoorbeeld pagina 13 en verder van het rapport over Torture in Health Care Settings, http://www.ohchr.org/Documents/HRBodies/HRCouncil/RegularSession/Session22/A.HRC.22.53_English.pdf  , maart 2013, met daarin een algeheel verbod op dwangtoepassing in/door de zorg.
Helaas koos deze man “de verkeerde kant” in de discussie, en daarmee vervloog mijn hoop dat het Comité van de Rechten van de Mens behulpzaam zou zijn voor de rechten van clienten. Ik was zwaar geschokt dat hij dwang wilde bevorderen. De tranen sprongen in mijn ogen. Dit was wederom enorm slecht voor de beeldvorming: De echte mensenrechten van de VN verbieden dwang, maar deze man propageert een eigen versie, uit naam van het Nederlands Comité van de Rechten van de Mens. Dat zou niet moeten kunnen….

De stellingname van het Comité van de Rechten van de Mens als voorstander van deze dwangwet, kwam enorm hard binnen bij mij.
Ik heb deze spreker na de sessie nog aangesproken om te zeggen dat ik diep teleurgesteld was in zijn bijdrage, en ik heb hem een artikel gegeven dat onlangs ook gepubliceerd was in Journaal GGZ en Recht. Ik hoop dat hij zijn standpunt heroverweegt. (Het Comité voor de Rechten van de Mens is immers een onderdeel van het National Human Rights Institution (NHRI), en dient volgens de Paris Principles te werken, wat o.a. inhoudt dat ze de mensenrechten volgens de VN definieren, en niet op eigen houtje). Ik zal het Comité van de Rechten van de Mens benaderen voor overleg hierover.

Na de pijnlijke en teleurstellende eerste sessie begon het tweede blok (11.35 – 13.00). Dat ging over het juridisch en formele kader. Ook hier was het inlevingsvermogen en de empathie ver te zoeken. Men maakte zich blijkbaar vooral zorgen om de bekostiging en de procedurele werklast. Daardoor voelde ik me hoe langer hoe eenzamer. En ik mocht niks zeggen. Ik was machteloos en werd gekweld door de gruwelijkheden om mij heen. Het voelde alsof ik opnieuw in de isoleercel zat, met zoveel onrecht, maar ik had niks in te brengen. Diezelfde kille procedurele benadering, terwijl het over mensenlevens gaat. Ik werd echt vreselijk depressief van deze bedoening. Iedereen leek voorbij te gaan aan de ware kern van de zaak.

Inmiddels was het mij duidelijk dat de grootste misvatting in de beeldvorming zit: Men ziet clienten als “monsters” die beveiligd en gemanaged dienen te worden. Van de 13 sprekers + 6 Kamerleden had nog niemand zich openlijk afgevraagd of deze dwang nu allemaal wel nodig was. Niemand leek enige aandacht te hebben voor “oorzaak-gevolg” verbanden.
Maar een gevaar voor jezelf of je omgeving word je niet zomaar. Men zou zich af moeten vragen “wie of wat heeft die persoon zover gebracht?” en “wat kan daaraan gedaan worden?”. Maar in plaats van inhoudelijke zorg, spreekt men enkel over dwang (wat wel eufemistisch “noodzakelijke zorg” wordt genoemd). Deze misplaatste bewoordingen vervuilen het debat zo ontzettend! Er is op deze manier haast geen inhoudelijk gesprek te voeren over dit onderwerp. We hebben het over dwang, en dat is geen zachtzinnige zorg. Dwang is een worsteling, strijd, soms zelfs geweld.

In het wetsvoorstel Verplichte GGZ is de inhoud van gedwongen zorg een grenzeloos begrip:

Artikel 3:2

Zorg kan bestaan uit:
a. een interventie, bestaande uit een vorm van verzorging, bejegening, behandeling, begeleiding of bescherming;
b. toediening van medicatie, vocht en voeding, regelmatige medische controle of andere medische handelingen;
c. pedagogische of therapeutische maatregelen;
d. opname in een accommodatie;
e. beperking van de bewegingsvrijheid;
f. afzondering of separatie in een daartoe geschikte verblijfsruimte;
g. beperking van het recht op het ontvangen van bezoek of het gebruik van communicatiemiddelen;
h. toezicht op betrokkene;
i. onderzoek aan kleding of lichaam;
j. controle op de aanwezigheid van gedrag beïnvloedende middelen;
k. beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten.

Er is dus feitelijk geen enkele handeling die NIET onder wetsvoorstel Verplichte GGZ uitgelegd kan worden. NB bijvoorbeeld electroshocks zijn op zijn retour in Nederland, en zullen straks ook weer mogelijk zijn onder dwang. Daarmee gaan we terug naar de vorige eeuw, waarbij onder de Krankzinnigenwet alles mocht vanuit het “bestwil-criterium”. Dit is een uitermate zware schending van de burgerrechten.

Dwang in de zorg gaat over vrijheidsbeperking en schending van de integriteit van de persoon. Niet over “noodzakelijke zorg”. Dwang IS geen zorg. Dwang is het ergste wat mensen elkaar kunnen aandoen, terwijl zorg juist iets moois is. Dwang geeft trauma’s en daardoor ontstaan juist meer problemen. Zorg gaat over herstellen van problemen. Dat is een groot verschil. Dwang kan geen zorg genoemd worden.
En we hebben het over clienten, mensen met psychosociale problemen. Clienten zijn geen gewetenloze monsters, maar mensen met levensproblemen. Niet “ernstig zieke mensen die geen inzicht hebben in hun ziektebeeld”, maar mensen die in paniek zijn, en door dwang nog meer in paniek raken. Paniek bestrijdt je niet met dwang. Dwang is juist olie op het vuur.

Ik voelde een enorme behoefte om de misvattingen in de beeldvorming en het onrecht aan te kaarten. Maar ik mocht niks zeggen, en de misvattingen bleven bestaan in het debat, dat enkel over procedures, tijd en geld ging… Ik vond het vreselijk om in deze positie aan de zijlijn te verkeren, en de ene denigrerende insinuatie na de andere te horen. Het was in die zin echt een Blue Monday voor mij.

Het debat ging verder wederom over de rol van de geneesheer-directeur in het wetsvoorstel (onafhankelijk of niet?), en over het toezicht van de Inspectie, met name bij ambulante dwang (dwang in de thuissituatie).

De medewerker van de Politie Nederland maakte nog de opmerking dat de politie en justitie ook een Ultimum Remedium is, net als dwang, en dat het politie-apparaat vindt dat ze veel tijd kwijt is met het opsporen van weglopers enz (die doorgaans binnen 24-uur terugkeren). Men vroeg of de GGZ daarin meer eigen verantwoordelijkheid wilde nemen. Ook werd de zorg uitgesproken dat het bij dwang in de thuissituatie bovendien te verwachten is dat meer clienten met psychosociale problematiek op straat zullen zijn, (en wellicht boos of bang zijn). En hoe zich dat zal gaan verhouden met de openbare orde… Helaas werd hier niet over doorgepraat (ook niet over de oorzaak van het weglopen en het tekort aan goede ondersteuning in de samenleving.). Men bleef enkel doorpraten op de procedurele vlakte, met steekwoorden zoals werklast, financiering, noodzaak aan trainingen, implementatietermijnen, met een ondertoon van “onze sector zit niet te wachten op een grotere werklast”. Het klonk niet bepaald zorgzaam.

Ik was blij dat de lunchpauze aanbrak, want ik zat inmiddels behoorlijk vol met frustraties. Ik probeerde de Kamerleden te benaderen, maar daar kan je niet zomaar naartoe lopen. Het is gelukkig toch gelukt om mijn artikel (zie hieronder) te verspreiden onder de aanwezige Kamerleden (met hulp van H. van Gerven die het artikel na de lunch bij alle sprekers op tafel heeft gelegd, waarvoor dank!). Ik ben blij dat ik een kritisch geluid kon verspreiden, want het leek wel of de zaal vol zat met voorstanders van het wetsvoorstel.

Zie hier het artikel uit Journaal GGZ en Recht (Oktober 2013)

Na de lunch was de derde sessie van 14.00 – 15.30, met als titel: Vertegenwoordigers GGZ / ervaringsdeskundigen. (helaas zaten er geen echte ex-clienten of ervaringsdeskundigen aan de spreektafel). Maar gelukkig was de inhoud van het rondetafelgesprek in de middag iets beter. Eindelijk verschoof de focus van beveiliging naar inhoudelijke zorg en preventie. Er werd niet langer lichtzinnig gedaan over vrijheidsbeneming. Dat was voor mij een verademing, waardoor mijn acute depressie weer wat begon te zakken. Ik kreeg weer wat hoop.

Wederom werd het gebrek aan toezicht op dwang in de thuissituatie geproblematiseerd. Er werden ook vragen gesteld mbt een toename in de belasting van naasten in de samenleving bij ambulante dwang, en hoe ermee omgegaan wordt als het dan toch niet thuis blijkt te gaan (dan grijpt men vermoedelijk alsnog naar gedwongen opname – maar met welke procedure?). Een goede systeem-benadering en goede communicatie met alle betrokkenen wordt gezien als een voorwaarde voor ambulante dwang. Daarmee krijgen de naasten dus eigenlijk heel veel zeggenschap, waarbij terecht werd opgemerkt dat naasten wel vaker het idee hebben dat een familielid “verkeerde keuzes” maakt, maar dat men erg terughoudend moet zijn om daar overheidsingrijpen tegenover te stellen.

Ook werd de vraag gesteld of er uberhaupt wel 24-uurs ambulante zorg beschikbaar is, om ambulante dwang te kunnen verlenen in noodsituaties. Daarop bleef het stil.

Er werd ook aandacht gevraagd voor de mate van vrijheidsbeperking door de huisregels van zorgaanbieders, daar dient ook kwaliteitstoezicht op te zijn, want deze kunnen verstrekkende gevolgen hebben in het leven van de client.

Er volgden wat vragen van de Kamerleden, o.a. over resultaten van de landelijke projecten voor dwangreductie (project Dwang en Drang dat inmiddels afgelopen is door de subsidiestop), en wat de sector nu zelf deed om dwang te reduceren. Het antwoord van de vertegenwoordiger van GGZ Nederland was dat alles nu “back to usual” was. Wederom een zeer pijnlijk, beschamend moment. Het ergste is nog dat het einde van het dwangreductie-project door de GGZ-sector stilzwijgend is geaccepteerd, waaruit wederom blijkt dat geld de motor is in de zorg van tegenwoordig, en dat de zorg niet geleid wordt door de menselijke behoeften en zorgzaamheid. Men ziet dwang blijkbaar nog steeds als een soort “oplossing”, maar dwang is geen oplossing, dwang is een probleem!

Ook werden er nog wat vragen gesteld over dat er bij een roep om dwang ook een mogelijkheid is opgenomen voor het maken van een “eigen plan van aanpak” (bijvoorbeeld door een Eigen Kracht-conferentie of door een Crisiskaart enz.). Dit leek alle sprekers een goed idee dat mogelijk kan bijdragen aan het verminderen en voorkomen van dwang. Dat was wel fijn om te horen. Het inzetten van een eigen plan (middels Eigen Kracht-conferenties) was immers mijn tegenvoorstel in de consultatie van wetsvoorstel Verplichte GGZ, en dit “Eindhovens Model” is nu in de pilot-fase in 3 regios: Eindhoven, Groningen en Noord Holland Noord (olv. Gert Schout, VUMC)
Het was fijn om te horen dat het “eigen plan” wel echt erkenning krijgt. Dat was dus toch nog iets positiefs op die deprimerende zitting (het gaat me allemaal zo enorm aan mijn hart, ik voel welk leed deze wetgeving met zich meebrengt, en ik snap echt niet dat er niet harder gewerkt wordt aan prachtige alternatieven waar iedereen blij van wordt, waarbij het over zorg gaat, en niet over dwang…

Om 15.30 was de hoorzitting afgelopen, en ik moest meteen door naar de Mediatoren, samen met Bert Stavenuiter van Ypsilon. We waren samen gevraagd voor EenVandaag Radio, die een studio hadden gehuurd voor ons. We zaten met zijn 2en in een hok in Den Haag, en de presentatoren zaten in Hilversum, dat was een beetje raar. En ik zat nog vol met rare emoties van die tergende hoorzitting bij de Tweede Kamer, dus ik moest even omschakelen. Maar het ging uiteindelijk toch goed. En dat gaf me ook meteen een wat beter gevoel (“toch nog iets kunnen doen – minder onmacht”). Het item over gedwongen behandeling in de thuissituatie is te beluisteren bij EenVandaag Radio via deze link (10 minuten): http://www.eenvandaag.nl/gezondheid/48719/gedwongen_zorg_voor_psychiatrische_pati_nten

Het was voor mij een echte “Blue Monday”. Maar ik heb het overleefd, en ik weet wat me te doen staat. Er is nog heel veel werk te doen rond de beeldvorming en bewustwording.

Voor wie wil weten wat dwang in de GGZ voor mij betekent: Lees hier mijn persoonlijke verhaal (tijdschrift Psy, 2007)

Foto: overhandiging van mijn artikel aan T. Kuzu (Kamerlid voor PVDA)

foto

Wetsvoorstel Verplichte GGZ en Eindhovens Model

Het wetsvoorstel Verplichte GGZ is ingediend bij de Tweede Kamer voor schriftelijke behandeling, en zal vermoedelijk binnenkort op de agenda komen voor bespreking bij de Tweede Kamer.

Binnenkort komt er dus een maatschappelijke discussie over dwang in de zorg. Het is tijd om aan de politiek te laten weten dat dwang het tegenovergestelde is van zorg.

Voor meer info en uitleg waarom dwang geen zorg is: luister hier een interview met Jolijn Santegoeds over Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights: http://www.sbs.com.au/yourlanguage/dutch/highlight/page/id/237191/t/Let-s-talk-about-mental-health

Wetsvoorstel Verplichte GGZ
Op de website van de Tweede Kamer staat de agenda van plenaire vergaderingen,zie ook http://www.tweedekamer.nl/vergaderingen/plenaire_vergaderingen/volgende_weken/index.jsp waarbij staat onder het kopje Aangemelde onderwerpen, nog niet geagendeerd:

– 32 399 (Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (schriftelijke voorbereiding nog niet afgerond)

En

– 31 996 (Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten) (voortzetting) (na ontvangst van een advies van de Raad van State)

Via deze website met de Wetgevingskalender kan je zien hoe het wetgevingsproces verloopt:http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/wetgevingskalender/2010/07/05/integrale-herziening-van-de-wet-bopz-wetsvoorstel-verplichte-ggz-jus

 

Advies van de Raad van State voor wetsvoorstel Verplichte GGZ
Er is in 2009 al een eerste advies van de Raad van State uitgebracht mbt het wetsvoorstel Verplichte GGZ, dat is te vinden op http://www.raadvanstate.nl/adviezen/zoeken_in_adviezen/zoekresultaat/?advicepub_id=9138

Naar mijn smaak heeft de Raad van State een ouderwetse, achterhaalde kijk op “veiligheid” die zij middels hardhandige interventies en symptoombestrijding oftewel dwang wil bereiken. Dit hele wetsvoorstel verplichte GGZ gaat niet over zorg en welzijn, en de discussie en adviezen ook niet…

Het mag duidelijk zijn dat het Ministerie van Veiligheid en Justitie sowieso niet de kartrekker zou moeten zijn bij een zorgwet. Helaas is dit wel het geval. (over stigmatisering gesproken!!)

Veel termen in de discussie zijn daardoor ernstig verjuridiseerd, en worden meer en meer ontdaan van hun oorspronkelijke lading en in zeer tegenstrijdige context gebruikt (zoals “bij dwang dient men de wensen en voorkeuren van de client te honoreren” – Dit slaat nergens op en ik vraag mij af hoe men dit met goed fatsoen zo kan opschrijven? Wie is hier nou gek?).

Het jargon is daarmee dus een dooddoener in de discussies. Men communiceert in een vreemde taal, men doet alsof dit een gangbare omgangsvorm is, en alsof mensen met psychiatrische problemen een andere soort mensen zijn, waarvoor andere wetten gelden, en speciale woorden.. Dat is pure discriminatie. Opsluiting is geen zorg, voor u niet, en voor mij niet. Iemand onder dwang proberen te veranderen is marteling. Dat is de nieuwe visie die inmiddels erkend wordt door de Verenigde Naties (VN).

Het is echt schandalig dat de Raad van State zich beroept op de verouderde “UN-Principles for the protection of persons with mental illness” (MI-principles uit 1990) terwijl er in 2006 een nieuw VN-verdrag is gekomen dat deze regels vervangt, namelijk de het Verdrag inzake de rechten van personen met beperkingen – UN Convention on the Rights of Persons with Disabilities (UN CRPD, zie ook http://www.un.org/disabilities/ ).

Het is uiteindelijk slechts een kwestie van tijd voordat dit verdrag door Nederland geratificeerd zal worden, dus waarom zou men nu een reeds-achterhaald principe hanteren voor een wet die bij voorbaat weer aangepast moet worden bij ratificatie van het VN-verdrag CRPD?

Het wetsvoorstel Verplichte GGZ is met de huidige fundamenten grotendeels een verspilling van tijd, geld en energie.

Nederland liep vroeger meestal voorop met het invoeren van mensenrechtenverdragen, maar nu zitten we opeens in de achterhoede, en zijn we de laatsten van Europa die het verdrag nog niet geratificeerd hebben, samen met Ierland, Noorwegen, Finland en Albanie (en Zwitserland).
zie ook http://www.un.org/disabilities/documents/maps/enablemap.jpg

Alternatieve procedure en tegenvoorstel
Wij vinden dat het wetsvoorstel Verplichte GGZ niet deugt, en dat het helemaal anders moet.

Het nieuwe verdrag van de Verenigde Naties (Het CRPD) schrijft voor dat Substitute Decision Making vervangen dient te worden door Supported Decision Making. Dat betekent dat plaatsvervangende besluitvorming (vertegenwoordiging) vervangen moet worden door ondersteunde besluitvorming. Voor de zorg betekent dit dat dwang vervangen moet worden door empowerment.

Wij hebben concrete ideeen over dwangvrije zorg, en ook voor een alternatief wetsvoorstel gebaseerd op empowerment, bekend onder de naam : het Eindhovens Model; Eigen Kracht-conferenties ter voorkoming van dwang.

Voor de inhoud van alternatieven en het Eindhovens Model, zie o.a.
– Berichtgeving over het Eindhovens Model en Wetsvoorstel Verplichte GGZ op www.tekeertegendeisoleer.weblog.nl en op www.mindrights.nl bij Docu & Info

– De website van Eigen Kracht-centrale www.eigen-kracht.nl

Zie ook het alternatieve wetsvoorstel van Stichting Mind Rights (PDF-bestand) http://tekeertegendeisoleer.weblog.nl/files/2012/05/Alternatief-voorstel_Regels-voor-het-verlenen-van-zorg-in-crisissituaties.pdf

(en zie ook de youtube-filmpjes aan het einde van dit artikel)

Sinds 2009 zijn wij bezig aan de ontwikkeling van het Eindhovens Model, waarbij direct een samenwerking is ontstaan met de Eigen Kracht-centrale (www.eigen-kracht.nl) en ook met de succesvolle projecten in Groningen van Gert Schout voor de inzet van Eigen Kracht in de OGGZ.

Eindhovens Model IN de wet
Het ontwikkelingstraject van wetsvoorstel Verplichte GGZ kende nog een paar mijlpalen.Na terugkoppeling en een tweede reactie van de Raad van State in 2010 (vooral juridisch-technisch) waren er wederom schriftelijke wijzigingen nodig in het wetsvoorstel, dus de ministeries V&J en VWS gingen weer aan de slag.

De voorgestelde adviescommissie werd uit het wetsvoorstel geschrapt vanwege het kostenaspect in het licht van de economische crisis en de bezuinigingen. Vervolgens werden er in 2011 enkele voorstellen gelanceerd die het allemaal niet haalden (zoals een leek toevoegen aan de rechtbank enz.). Met weer een nieuwe constructie van multidisciplinair advies in het kader van dwang is het wetsvoorstel medio 2012 wederom in de fase van afronding gekomen.

Tijdens deze fase werd ik opnieuw uitgenodigd om met een selecte groep van experts te praten over de praktische positionering van het Eindhovens Model in het nieuwe wetsvoorstel! Het ging er dus niet meer over OF Eigen Kracht-conferenties een mogelijkheid zouden zijn bij het voorkomen van dwang, maar over HOE men dit vast zou kunnen leggen in een wet. Dat is dus een doorbraak!!!

Op donderdag 9 augustus 2012 was ik samen met o.a. Gert Schout, Ge de Wilde en Christine van de Hoeven uitgenodigd voor een bijeenkomst in het NH-hotel in Utrecht met enkele juristen en GGZ-beleids-experts van het Ministerie van VWS om te bedenken hoe Eigen Kracht-conferenties ingepast kunnen worden in het wetsvoorstel Verplichte GGZ.

Het was een prettige bijeenkomst, waarbij te merken was dat de delegatie van VWS wel op de hoogte was van de inhoudelijke visie-ontwikkeling in GGZ . Wat volgde was een brainstorm-sessie over woordkeuze en tekst-stijlen, met bijbehorende implicaties en visie-overdracht. Eigen Kracht-conferenties kunnen geen verplichting zijn, maar wel een mogelijkheid die er moet zijn. Een rechter kan wel verplicht worden om te vragen of de mogelijkheden onderzocht zijn om een eigen plan te maken. Het was een constructieve bijeenkomst.

Helaas zat ik persoonlijk niet echt op mijn praatstoel, omdat er in die tijd een lichte chaos in mijn hoofd was ontstaan , o.a. vanwege dingen die opgerakeld waren door de zomerschool over Mensenrechten en GGZ aan de Centraal Europese Universiteit in Budapest. Zoals bijvoorbeeld mijn jarenlange zoektocht/strijd mbt rechtsspraak, en de pijnlijke tegenstellingen tussen theorie en praktijk… Ik was daarom ook erg blij met de aanwezigheid van Gert Schout en Ge de Wilde aan mijn zijde. Het is allemaal goed gegaan.

Wetsvoorstel Verplichte GGZ is nog niet vernieuwend genoeg
Bij het hele consultatieproces rond wetsvoorstel Verplichte GGZ ging de discussie hoofdzakelijk over de procedurele toetsing van dwangplannen (wel/geen commissie enz.) en in minimale mate over de inhoudelijke kant, zoals de definities van gevaar, schade, risico’s, wilsonbekwaamheid, wederkerigheid, het recht op goede zorg enz. Wellicht was dat zo omdat V&J minder zicht op de zorg-inhoud heeft. Het is echter wel een weggegooide kans.

Wetsvoorstel Verplichte GGZ blijft een slecht wetsvoorstel, hoewel het toevoegen van de mogelijkheid om een eigen plan te maken, bijvoorbeeld via een Eigen Kracht-conferentie, wel een verbetering is ten opzichte van de vroegere wet BOPZ.

Het Eindhovens Model heeft echter potentie voor veel grotere fundamentele wijzigingen in het wetsvoorstel. Het Eindhovens Model en Eigen Kracht conferenties bieden namelijk een visie waarbij het “doelgroep-denken” niet meer nodig is, omdat het uitgaat van de persoon zelf, en iedereen IS een persoon. Het nieuwe VN-verdrag CRPD vraagt ook om een dergelijke neutrale benadering (disability-neutral- approach).

Het KAN dus wel anders, en een vernieuwende aanpak is voor de overheid binnen handbereik. Er ligt via het VN-verdrag CRPD ook een internationale druk op ons om te veranderen. Het is dus enkel de vraag wat de overheid met onze informatie doet. Wij dragen een concreet alternatief aan op een presenteerblaadje, maar ja, men doet er zo weinig mee, het lijkt wel alsof men niet wil leren of veranderenx85 Waarom negeert men de internationale ontwikkelingen??

Maar wij laten ons niet tegenhouden, want een goed idee KAN niet tegengehouden worden.

Eigen Kracht/Eindhovens Model in de Praktijk:
Het mag gezegd worden dat Groningen voorop loopt met het inzetten van Eigen Kracht-conferenties in de context van GGZ, waarmee o.a. dwang kan worden voorkomen. Dit komt onder andere door de jarenlange toewijding van Gert Schout, die net als ik hetzelfde idee kreeg, en eveneens bedacht dat Eigen Kracht-conferenties wel eens heel goed zouden kunnen werken in de context van GGZ-problemen. Hij startte vervolgens een aantal projecten en een onderzoek naar de effecten.

Op 6 juli 2012, vond bij de Puddingfabriek in Groningen het afscheidscongres plaats van Gert Schout van het lectoraat competentie-ontwikkeling in de OGGZ (Hanze Hogeschool Groningen). Bij dit congres gaf Gert een zeer interessante en inspirerende afscheidsrede, waarbij hij een kritische oplossingsgerichte reflectie op het zorgsysteem gaf, waar ik me behoorlijk in kon vinden. Ook waren er een aantal workshops, waaronder een workshop Eigen Kracht in de (O)GGZ met Henk Dijkstra en Gideon de Jong, en ik.

“De methode van de Eigen Kracht-conferentie, waarbij de hulpverlener op afstand blijft, biedt mogelijkheden om gedwongen opnames te verkorten of heropnames te voorkomen”. Dat concludeert VU-masterstudent Henk Dijkstra op basis van literatuuronderzoek en interviews met elf deskundigen op het gebied van Eigen Kracht.
Zie ook: http://www.veiligleefbaar.nl/publicatie/eigen-kracht-conferenties-kansrijk-de-ggz

Lees de hele afstudeerscriptie van Henk Dijkstra op https://www.eigen-kracht.nl/sites/default/files/2012%20Verkennende%20studie%2011%20juli%202012%20VU%20-%20EK-c%20kansrijk%20in%20de%20GGZ%20Henk%20Dijkstra.pdf

Gert Schout is ontzettend begaan met het uitrollen van proefprojecten van Eigen Kracht in de (O)GGZ, en we werken op een hele prettige manier samen om dit plan naar een hoger nationaal niveau te brengen, zoals in het wetsvoorstel Verplichte GGZ. Ook internationaal is er grote interesse in de ontwikkelingen van deze vorm van Supported Decision Making in de GGZ.

Eindhoven is ook een van de proefgemeentes waar Eigen Kracht in het kader van GGZ wordt uitgerold. Met het Team Eigen Kracht 040 doen we ons best om de benodigde aansluitingen in het maatschappelijke veld te maken. Er wordt veelvuldig voorlichting gegeven, bijvoorbeeld aan case-management, GGzE (o.a. psychiaters), NEOS, Novadic, woonbedrijf enz. enz.

Helaas merken we wel dat er een weerbarstige cultuur in de zorg heerst, en vaak blijft het bij enthousiasme voor het idee, maar gaat de praktijk toch op dezelfde voet verder (“leuk voor een ander”). Het blijkt dat we nog iets meer in de hoofden en harten van de hulpverleners moeten binnenkomen, zodat zij daadwerkelijk in actie komen en hun eigen acties gaan heroverwegen. Na A moet men nu ook B gaan zeggen.

Ook is het nodig om vertrouwen onder clienten op te bouwen, wat ook niet direct eenvoudig is omdat er al zoveel organisaties zijn die ook vanalles beloven. En er is natuurlijk ook schaamte om met de billen bloot te gaan. Wij werken eraan om deze koud-water-vrees weg te nemen, o.a. door nog meer outreach en voorlichting (zoals een kraampje op de Herstel-markt die georganiseerd was door de clientenorganisatie van GGzE), en door de ontwikkeling van voorlichting, zoals een officiele internetpagina die alle zorgen moet wegnemen, en waar alle ja-maars op komen.

Verder kunnen mensen met vragen ook bij het Eigen Kracht-kantoortje terecht op de Kronenhoefstraat 21 in Eindhoven (zelfhulp-gebouw de Kroon), zie ook http://www.eigen-kracht.nl/inhoud/contact

Op 25 augustus 2012 heb ik een speciale workshop voor de Eigen Kracht-coordinatoren uit de regio Noord-Brabant gegeven, omdat er behoefte was aan voorlichting mbt het omgaan met GGZ-gerelateerde problematiek in een Eigen Kracht-conferentie. Dat was ook erg prettig en constructief.

Al met al doen we dus op allerlei vlakken erg ons best om een nieuw bewustzijn mbt zorg aan te brengen, en het balletje aan het rollen te krijgen. En langzaamaan komen alle plannen steeds meer tot leven.

Eigen Kracht op YouTube
Voor sprekende voorbeelden van Eigen Kracht kan je ook op Youtube veel vinden (ook onder Family Group Conferencing)

TIP: Zie bijvoorbeeld dit filmpje op Youtube: Docugroningen EKC (duur: 19 minuten) titel: keerpunt: Eigen Kracht conferenties in de OGGZ, over hoe Bram zijn drankprobleem onder controle kreeg) http://www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=etbkgpFivlg

Of deze (10 minuten) Prachtvrouw prachtplan, hoe Bibie de problemen die haar overspoelden aanpakte : http://www.youtube.com/watch?v=jnsaT5x5sNM&list=UUx_nuhn3sxPJm_K2wLqYLCg&index=2&feature=plcp

Groetjes uit Eindhoven!

Alternatief wetsvoorstel: GGZ Geen dwang maar zorg!

Ik ben de afgelopen weken heel erg druk bezig geweest met het schrijven van een Alternatief wetsvoorstel inzake Regels voor het verlenen van zorg in – en ter preventie van crisissituaties op het vlak van de geestelijke volksgezondheid.

Klik hier voor het Alternatieve wetsvoorstel (PDF):
Alternatief voorstel_Regels voor het verlenen van zorg in crisissituaties

Ik ben namelijk sinds 2008 gevraagd om mee te denken over het nieuwe wetsvoorstel Verplichte GGZ (WVGGZ), dat gemaakt wordt door het Ministerie van VWS en VJ.

Het voorstel WVGGZ van het ministerie is weer een beheersmatige onderdrukkingswet, net als de huidige wet BOPZ, gaat alleen maar over dwangmaatregelen, niet over zorg.

Ik heb al veel kritiek en verbeterpunten aangegeven in diverse manifesten, zie www.mindrights.nl bij Documenten (www.mindrights.nl/docu_en_info_htm ). Maar daar wordt maar bar weinig mee gedaan bij het ministerie.

Ik heb zelfs al een compleet ander model uitgewerkt: het Eindhovens Model : wat inhoudt: het inzetten van Eigen Kracht-conferenties in crisissituaties, waarbij burgers hun eigen plan kunnen maken om dwang te voorkomen. Op verschillende plaatsen in het land, waaronder in Eindhoven en Groningen, is de link tussen Eigen Kracht en GGZ tot stand gebracht, en kunnen mensen een Eigen Kracht-conferentie aanvragen om zo bijvoorbeeld een gedwongen opname te voorkomen. (zie ook www.eigen-kracht.nl )

 

In April 2012 werd ik opnieuw gevraagd om feedback te geven op de Nota van Wijziging van wetsvoorstel Verplichte GGZ, en dit heeft geleid tot het schrijven van een alternatief voorstel.

Het alternatieve voorstel van Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! / Stichting Mind Rights geeft een uiteenzetting van een alternatieve regels op het gebied van omgaan met crisissituaties, met een nieuwe visie en beschrijft een nieuwe stijl van zorg in crisissituaties, waarbij burgerrechten en herstelgerichte zorg centraal staan. Het is gebaseerd op het nieuwste VN-verdrag; Het Verdrag inzake de Rechten van Personen met Beperkingen (UN CRPD) en toegespitst op het verlenen van zorg in crisissituaties op het vlak van geestelijke volksgezondheid, waarbij het gaat over High Care, en het versterken van autonomie en participatie.

Het doel van dit alternatieve voorstel is om lezers en vooral beleidsmakers te inspireren om de mensenrechten te waarborgen, de cultuuromslag “van beheersen naar zorg” ook op beleidsniveau te effectueren, en het participatie- en welzijnsdenken van de 21e eeuw te omarmen.

Het was gezien de beschikbare tijd nu helaas nog niet mogelijk om alle aspecten tot in detail uit te werken, maar de beschreven informatie zal voldoende zal zijn om een nieuw beeld te laten rijzen over de mogelijkheden van regels voor zorg in crisissituaties.

Ik wens iedereen veel leesplezier!!

Consultatie wijziging wetsvoorstel Verplichte GGZ

Gisteren, op donderdag 8 maart 2012, was er weer een consultatiebijeenkomst over de Nota van Wijziging van het wetsvoorstel Verplichte GGZ (WVGGZ). De bijeenkomst was in de Apollozaal bij het ministerie van VWS in Den Haag.

Bij deze bijeenkomst werd er een toelichting gegeven op de recente wijzigingen in het wetsvoorstel Verplichte GGZ. De ca 25 aanwezigen mochten daarbij reageren in een beknopte vorm. Deze consultatievergadering was dus bedoeld om af te tasten of de actuele wijzigingen aansluiting zouden vinden bij de mensen in het veld, en of bijv. formuleringen voldoende duidelijk zijn. Na deze vergadering zal men mogelijk nog wat tekst aanpassen in dit gewijzigde voorstel.

Volgende week begint de formele schriftelijke consultatieronde, waarbij het gewijzigde wetsvoorstel Verplichte GGZ zal worden voorgelegd aan diverse veldpartijen. Er is dan 1 maand tijd om schriftelijk te reageren (tot 16 april 2012). Als het gewijzigde voorstel niet wordt tegengehouden, dan is het de bedoeling van de wetmakers dat het Verslag van Wijziging het gewijzigde wetsvoorstel nog voor het zomerreces wordt ingediend bij de Tweede Kamer.

 

Bij de consultatiebijeenkomst werden de nieuwe wijzigingen in het wetsvoorstel doorlopen en globaal toegelicht, waarbij er dus ruimte was voor opmerkingen. Het is niet mogelijk om op dit moment een inhoudelijk verslag op details uit te brengen (ivm de vertrouwelijke concept-fase), maar de grootste veranderingen kan ik in hoofdlijnen weergeven. Uiteraard zal ik wederom feedback naar de wetmakers gaan geven, zowel beknopt in deze pre-consultatie-week, als uitgebreid in de formele consultatiemaand.

Het oorspronkelijke plan in het wetsvoorstel was om een multidisciplinaire commissie op te tuigen die advies uitbrengt bij verzoeken voor dwangtoepassing, maar dat is te duur bevonden. Men zoekt nu naar andere alternatieven om de rechtsbescherming van de client te verbeteren bij een proces over dwangtoepassing.

Het idee van een meervoudige rechtbankkamer (met lekenrechters/deskundigen) is vervallen na de consultatierondes in 2011.

In het meest recente gewijzigde voorstel wil men de geneesheer-directeur allerlei belangrijke rollen geven in het verzoekproces voor dwangmaatregelen, zoals het voorbereiden en indienen van het formele verzoek tot dwangtoepassing bij de rechter.

Bij de vergadering werden de gewijzigde hoofdstukken en artikelen doorlopen. Mijn visie daarop zal ik uitwerken en verspreiden (dat wordt dan Manifest 6), te verwachten in de komende maand.

De huidige vergadering ging weer vooral over de procedures en niet over de inhoudelijke principes achter dwangtoepassing. Het is echt verschrikkelijk om te zien hoe de discussie steeds gaat over procedures (taakverdeling/verantwoordelijkheden) en de financiele impact daarvan, en niet over de morele kaders van dwangtoepassing op zichzelf.

De individuele rechtsbescherming van de client wil men wegleggen in een procedure bij de rechter, en het voorstel van de wet Verplichte GGZ maakt letterlijk elke interventie mogelijk, mits gemotiveerd als zijnde ‘op maat’. Hierdoor biedt de wet dus geen enkele inhoudelijke rechtsbescherming meer, en biedt het clienten alleen bescherming mbt ‘vormfouten’ in de procedure.

Voor de interpretatie en uitvoering van zijn ware rechten en vrijheden is de client dan afhankelijk van een privaatrechtelijke organisatie (nl. de geneesheer-directeur en zijn collega de psychiater, die samen verantwoordelijk zijn voor het formele verzoek, het zorgplan en de uitvoering daarvan).

De voortgang van de ‘behandeling’ is een verantwoordelijkheid van de zorginstelling, en de geneesheer-directeur dient dan ZELF eventuele tekortkomingen te signaleren, en te besluiten (verzoek indienen) wanneer zijn organisatie de doelstellingen in het zorgplan gerealiseerd heeft. Dit is dus totaal geen onafhankelijke toetsing of kwaliteitstoezicht (maar meer als een slager die zijn eigen vlees keurt), en dit geeft vast een hele rare manier van ‘klantenbinding’.

Ook het toezicht op ambulante dwang is totaal niet goed geregeld, maar eigenlijk zou men ambulante dwang niet eens moeten willen. Er staan nog heel veel principiele fouten in het wetsvoorstel, bijv. het concept van wilsonbekwaamheid en het vaststellen van wel/geen verzet. (beide zaken zijn in strijd met CRPD artikel 12 legal capacity)

 

Maar nagenoeg alle discussietijd over het wetsvoorstel gaat over mogelijke procedures om daarmee ongeveer hetzelfde te doen als wat de huidige wet BOPZ doet, namelijk mensen in psychische nood beroven van hun vrijheid en zeggenschap, en onderwerpen aan vreselijk traumatische interventies, onder het mom van zorg.

Men lijkt voor het gemak maar even te vergeten dat er een nieuw VN-verdrag dat dwang verbiedt (UN CRPD, zie http://www.un.org/disabilities/default.asp?id=150 ), en dat de VN werkt aan een algeheel verbod op isoleercellen, wat voor steeds meer groepen wordt uitgesproken. ( zie ook mijn blog van 7 maart 2012 http://tekeertegendeisoleer.weblog.nl/nieuws/vn-expert-mendez-wil-een-einde-aan-eenzame-opsluiting/ )

 

Persoonlijk zie ik echt kansen voor een compleet alternatief voorstel, waarbij Nederland als eerste land ter wereld humane wetgeving kan maken voor psychiatrische patienten in nood, op basis van de oorspronkelijke Nederlandse waarden en normen, zoals individuele vrijheid, gastvrijheid, tolerantie en solidariteit. Nederland zou een toonaangevend land kunnen zijn mbt moderne wetgeving die in lijn is met het nieuwste VN-verdrag. De kansen liggen voor het oprapen, er zijn zoveel goede initiatieven, en toch laat men deze kans liggen.

 

Na afloop van de vergadering, bij de borrel, kwamen mijn emoties er even uit. Het was fijn dat ik mijn hart kon luchten tegen Marja van de Inspectie. Ik was behoorlijk geschokt door de manier waarop het ministerie werkt. Ik ben al ongeveer 4 jaar bezig met uitleggen en concrete verbeteropties aangeven, en dan zeggen ze dat ze het begrijpen, maar wat je dan vervolgens terugleest in de officiele teksten getuigt niet van inzicht. En dan voel ik me onbegrepen, alsof ik chinees praat, alsof ik gek ben en de wereld ongelooflijk hard en kil isx85 Dat voelt echt hopeloos.

De trauma’s van de isoleercel komen dan ook naar boven: Daar werd ik ook niet begrepen of gehoord, en daar was het ook allemaal kil en afstandelijk. Er was geen geintje gevoel, geen warmte, geen begrip. En dan lijkt het net alsof er geen ruimte is voor menselijkheid, warmte en compassie, maar dat je gedwongen wordt om te wennen aan een hele harde gevoelloze wereld, waarin regels boven mensen staan, ongeacht de hopeveelheid pijn en trauma’s die deze regels opleverenx85 Alsof je een alien bent die een andere taal praat en van een andere planeet komtx85

Deze gevoelens kwamen heel sterk naar boven bij de vergadering over de wijzigingen in het wetsvoorstel. De regeltjes voelen als muren, en als mens word ik vermorzeld door de kilheid. Het gaat over dwang, isoleercellen, dwangmedicatie, bureaucratische taakverdelingen, aansprakelijkheden en verantwoordelijkheden, procedures, registratiesystemen en geld, maar het gaat niet over het welzijn van de client, of over bewezen goede interventies. Het gaat niet over zorg, maar over beheersing.

De afwezigheid van gevoel in het concept, de terminologie, en de toelichting is zo enorm pijnlijk, en zo enorm inhumaan, zo kil, niet menselijk en niet zorgzaam.

Ik kan simpelweg niet begrijpen hoe mensen elkaar dit aan kunnen doen, en hoe ze dit kunnen doorzetten, terwijl ze toch inmiddels weten hoe slecht dwang is, en hoe traumatiserend voor alle betrokkenen. En terwijl er wezenlijke alternatieven mogelijk zijn.

Ik kan me niet voorstellen dat de wetmakers echt zo dom en onwetend zijn, dat ze nu nog steeds niet weten wat dwang doet met mensen. Ik heb het ze uitgelegd, en ik ben zeker niet de enige. De mogelijkheid voor dwangtoepassing staat dus niet ‘per ongeluk’ in de wet. Het is een keuze, en wel een bijzonder wrede en onbegrijpelijke keuze. Waarom wil men geen goede oplossingen uitwerken? Waarom blijft men aanmodderen met zaken en systemen die bewezen verkeerd en onrechtvaardig zijn (dat bewijs komt vanuit ervaringen, vanuit wetenschap en vanuit internationaal recht). Waarom wil men geen ECHT goede toekomst opbouwen voor ons land?? Waarom zo kil??

Dit raakt me enorm.

Soms vraag ik me af welke taal ik moet spreken om gehoord te worden (en dat is dus een groot persoonlijk trauma van velen die ooit te maken heeft gehad met dwang). Dan vraag ik me af: hoe moet ik dan aangeven dat het onmenselijk veel pijn doet om gedwongen te worden? Hoe moet ik het uitleggen, als ze me niet verstaan????

En de wetmakers zeggen wel dat ze me horen en naar me luisteren, maar toch gaat er blijkbaar ergens iets mis. Hoe kan het toch dat ze niet begrijpen dat dwang geen zorg is? Waarom kiezen ze niet voor de humanistische benadering, het sociale model van psychiatrie? Voelen zij niks? Hoe moet ik de boodschap dan overbrengen? Het blijft een hele rare wereld. Maar gelukkig ben ik uitgenodigd om feedback te blijven geven. En dat zal ik ook zeker doen.

Het wetsvoorstel Verplichte GGZ is uitgewerkt door het ministerie van Veiligheid en Justitie, en dat verklaart op zich wel waarom de tekst en de visie zo beheersmatig is. Een wet die over zorgverlenen gaat, zou onder het ministerie van VWS moeten vallen, en zou over (sociale) zorg moeten gaan.

 

Het allerbelangrijkste punt van mijn kritiek op het wetsvoorstel is wel het belang van sociale psychiatrie, want het wetsvoorstel getuigt niet van inzicht in psycho-sociale problemen of mensenrechten, maar grijpt daarentegen aan op ouderwetse beheersmatige opvattingen over het medicaliseren van levensproblemen, terwijl men een sociale, humanistische benadering zou moeten kiezen.

Psychiatrie is geen medische wetenschap. De diagnoses uit de DSM 4 en 5 zijn gericht op het groeperen van symptomen, en geven geen exacte kennis over oorzaken of ontstaan, of over enige wetenschappelijke kenmerken. De basis voor het diagnoseren van een stoornis, is een verzameling van gedrag, dat als afwijkend wordt gezien, en als het eruit ziet als een stoornis, dan noemt men het een stoornis. Maar er is geen werkelijke wetenschappelijke verklaring, en geen medische oorzaak.

Psychofarmaceutische medicijnen zijn dan ook geen echte remedie, maar een willekeurige trial-and-error-based interventie, die toevallig vaak als effect hebben dat mensen er suffer van worden (dat is voor anderen vaak makkelijker om mee om te gaan), maar dit is GEEN remedie voor de innerlijke noden van de mens. Dit is onderdrukking, en misschien zelfs de OORZAAK van schizofrenie (zie Open Dialogue model uit Finland http://youtu.be/ywtPedxhC3U ). Ook clienten en ervaringsdeskundigen geven vaak aan dat dwang en dwangmedicatie onderdrukking is, en geven aan het vooral om de sociale context gaat.

Psychiatrie is een sociale zaak. Herstel wordt vaak getriggerd door sociale omstandigheden (kansen, perspectief enz.) en ook een crisis wordt vaak getriggerd door sociale aspecten in het leven (traumatische ervaringen, minder kansen, verlies, angst enz.). Dus het sociale deel is cruciaal voor het ontstaan van een crisis en voor het mogelijk maken van herstel.

De problemen manifesteren zich ook vooral in de interactie tov de samenleving, dus op het sociale/maatschappelijke vlak. Geestelijke gezondheid en psychosociaal welzijn is dus meer sociaal dan psycho. (en deze sociale benadering van psychiatrische problemen sluit eveneens aan bij het sociale concept van beperkingen – als zijnde hindernissen in gelijkwaardige deelname aan de maatschappij, zoals omschreven in het VN-verdrag UN CRPD)

Geestelijke gezondheid is dus hoofdzakelijk een sociaal issue (psycho-sociaal).En de sociale benadering zou dan ook dominant moeten zijn in de zorg. Zorg is in principe iets heel moois, warms en waardevols, en het bestaan van dwang doet afbreuk aan dit hele concept. Dat is niet langer toelaatbaar! We leven in een tijd van voortschrijdende inzichten.

De medische benadering mag niet langer opgedrongen worden in de geestelijke gezondheidszorg.

Heel veel personen in Nederland zijn ervan overtuigd dat de (bio)chemische balansen in ons lichaam slechts een reflectie zijn van de ziel, en dat psychofarmaceutische middelen aangrijpen aan de verkeerde kant van de keten, want het gaat om levensproblemen. Hiervoor is inmiddels redelijk veel bewijs. De mensen die niet geloven in psychofarmaceutische middelen hebben recht op integriteit van hun eigen lichaam. Dat is een menenrecht.

Ook ik ben ervan overtuigd dat mensen geen ‘robots’ zijn, en dat verstoring van geestelijk welzijn veel complexer is dan een verstoord chemisch proces (anders zou gratis heroine gewoon een oplossing zijn voor iedereen, maar we weten gelukkig wel beter).

Als je eens denkt aan de helende kracht van samenzijn met vrienden, liefde, hoop, of hoe een simpele gemeende glimlach je leven kan veranderen.. Hoe kan de helende kracht van menselijk contact dan nog genegeerd worden door GGZ-professionals?? Hoe kan het dat men kiest voor beheersing en harde repressie in plaats van menselijk contact??

De bovenstaande theorie (chemie als reflectie van de ziel) is wellicht niet wetenschappelijk aantoonbaar op materialistische wijze, maar het is onmogelijk om te ontkennen dat gevoelens als liefde, verbondenheid, verdriet, angst, schaamte enz. geen invloed hebben op het welzijn. Er bestaat wel degelijk zoiets als ‘sociale omstandigheden’ en ‘gevoel’ , en dat is nou net de strekking van de term psycho-sociaal, en de reden waarom dwang niet toelaatbaar is voor mensen in psychische nood.

 

Het is dan ook de hoogste tijd om de GGZ te verbeteren, zeker als het gaat om crisissituaties die voorheen op ruwe wijze met dwang opgelost werden. Het is tijd voor sociale innovatie. Dwang moet definitief tot het verleden gaan behoren, en er moeten sociale, menswaardige en zorggerichte oplossingen voor nieuwe wetgeving worden uitgedacht.

Helaas is het huidige wetsvoorstel Verplichte GGZ nog steeds gebaseerd op verouderde opvattingen mbt medisch/psychiatrische diagnoses en gedwongen interventies onder het mom van ‘behandeling en zorg. En DAT terwijl deze opvatting in de praktijk al echt achterhaald zijn (zie o.a. projecten dwang en drang).

Het wetsvoorstel is dus niet progressief of stimulerend tav een verdere cultuuromslag en dwangreductie. Ik noem dat een gemiste kans, en zelfs een onbegrijpelijke wrede keuze.

Ik heb geen vertrouwen in dit wetsvoorstel, zelfs niet nu er een verbod op visitatie in het wetsvoorstel is overgenomen, en een mogelijkheid voor Eigen Kracht-conferenties wordt toegevoegd. Het gaat gewoon fundamenteel over een verkeerde boeg. Maar ik zal me blijven verzetten.

Het was een heftige bijeenkomst die veel bij me losmaakt, en al die gevoelens hebben als resultaat dat ik er weer eens flink tegenaan wil gaan.

 

Tenslotte heb ik ook nog wat geruchten gehoord dat Nederland het nieuwste VN-verdrag inzake de rechten van personen met beperkingen NIET zal gaan ratificeren, met als opgegeven reden: Omdat er geen geld voor is vanwege de crisis. Ik hoop dat dit slechts een gerucht is, want als dit waar is, dan schaam ik me kapot voor mijn land. Nederland is een van de rijkste landen op de wereld, en als onze overheid meent dat wij ons geen mensenrechten kunnen veroorloven vanwege financiele redenen, dan is dat niet geloofwaardig en al helemaal niet eerlijk. Dus ik hoop dat dat niet waar is.

Workshop Eindhovens Model Eigen Kracht Putten

Op dinsdag 24 januari 2012 ging ik naar Congrescentrum Dennenheul in Ermelo, waar de jaarlijkse training- en verdiepingsbijeenkomst van regiomanagers van de Eigen Kracht-Centrale plaatsvond, onder de naam Puttense Dagen. Er waren zo’n 65 regiomanagers vanuit het hele land aanwezig.

Een regiomanager Eigen Kracht is het eerste aanspreekpunt bij het aanvragen van een Eigen Kracht-conferentie voor een persoon, gezin of groep. De regiomanager zorgt ervoor dat de aanmeldingen voor een Eigen Kracht-conferentie goed en volledig zijn en legt vervolgens contact met een Eigen Kracht-ccordinator. De coordinator faciliteert en begeleidt de Eigen Kracht-conferentie. De regiomanager houdt op afstand contact met de coordinator, en bekijkt doorgaans ook de financiele aspecten voor het houden van een Eigen Kracht conferentie (bijv. de vergoeding van de kosten is o.a. afhankelijk van plaatselijk WMO-beleid).

De regiomanagers zijn opgeleid door de Eigen Kracht-Centrale zelf, en het 3-daagse programma van de Puttense Dagen is jaarlijks bedoeld om de regiomanagers bij te scholen op onderwerpen die zij zelf als aandachtspunten aangeven, zoals: Praten met jongeren en kinderen, Werken met verschillende culturen, enz.

Deze dinsdag was de tweede dag van de Puttense Dagen en het was een vol programma. De dag was voor mij al erg vroeg begonnen omdat ik met de trein van Eindhoven naar Ermelo had gereisd, en om 9 uur begonnen de eerste workshops. Er waren 4 rondes met workshops van elk 1,5 uur, met tussendoor steeds pauzes. Mijn presentatie zat in de laatste ronde (15.30-17.00), dus ik kon eerst wat andere workshops bijwonen.

Ik begon bij de workshop Werken met verschillende culturen, door Achmed Maquilej. Hij gaf een erg interessante inleiding over diversiteit in taalgebruik, en over hoe een grapje of een simpele opmerking soms opgevat kan worden als belediging, puur vanwege een verschil in uitdrukkingen en spreekgewoontes. En over hoe omgangsvormen, gebruiken, normen en waarden enz. kunnen verschillen en ook kunnen leiden tot misverstanden. Het komt vaak voor dat culturele gebruiken verkeerd worden opgevat, en geinterpreteerd als eigenschappen en houding van een persoon, en dat leidt tot misverstanden met alle gevolgen van dien. Het is dus belangrijk om op te hoogte te zijn van de culturele achtergrond van de mensen waar je mee werkt.
Vervolgens gingen we in groepjes van vier het Transcultureel Traject Bordspel (tamam.nl) spelen. Dat is een soort ganzenbordspel, maar dan met vragen, stellingen en opdrachten die gerelateerd zijn aan cultuurverschillen. Zo kwamen er op een hele leuke ontspannen manier erg veel onderwerpen aan bod, die concreet aangrijpen op verschillende perspectieven uit de praktijk mbt omgaan met verschillende culturen. Het was echt een leuke en goede manier om discussie op gang te brengen over allerlei onderwerpen.

De tweede workshop die ik volgde was Eigen Kracht conferenties in een gedwongen kader, gegeven door Lineke Joanknecht. Ik kende Lineke al van de Open Mind-publieksdag op 11 december 2010 in de Rai in Amsterdam, daar hadden we samen een workshop gedaan over het Eindhovens Model / Eigen Kracht conferenties in de GGZ.

Eigen Kracht conferenties in een gedwongen kader
Lineke Joankecht legde erg krachtig uit dat besluitvorming in eigen kring ook mogelijk is in een gedwongen kader.

Bij een gedwongen kader is er sprake van een wet, maatregel of macht, die voorwaarden stelt aan de hoofdpersoon, bijvoorbeeld de kinderbescherming, politie enz. en die stelt dat een bepaald gedrag moet stoppen of juist moet gebeuren, om de samenleving en/of hoofdpersoon te beschermen. De eigenlijke hoofdvraag gaat dan dus over veiligheid. (Het is tevens interessant om te weten dat de nieuwe definitie van veiligheid ook welzijn omvat).

De echte vraag is dan dus HOE de veiligheid gewaarborgd kan worden, en welke afspraken er gemaakt moeten worden. Wat zijn de rechten van de hoofdpersoon? Wat is de grens die de samenleving stelt mbt veiligheid? Wat is rechtvaardig? Hoe kunnen we die zaken verbinden? Hoe kunnen we dit voor alle partijen naar tevredenheid oplossen?

Mens en samenleving staan niet los van elkaar. Er gelden gezamenlijke afspraken, zoals de wet. Maar hoe zwaar geldt de wet of een voogd? En wanneer is iets redelijk of onredelijk? Hoe kan een plan optimaal aansluiten bij de persoonlijke situatie, en het gewenste effect hebben, zonder de persoon onnodig te onteigenen? Welke macht heeft welke rol? Waar ligt de grens?
Dat zijn vaak moeilijke vragen, en in feite gaat het om contextueel recht dat bepaalt waar de grens ligt. Elke hoofdpersoon, elk gezin en elke situatie is weer anders, en wat redelijk is kan enkel per situatie beoordeeld worden. Mensen hebben elkaar dus nodig voor het concreet definieren en afbakenen van recht en veiligheid, en voor het vormgeven van normen en waarden in de praktijk.

De Eigen Kracht-Centrale is ontstaan vanuit de visie dat mensen met elkaar verbonden zijn, en het besef dat mensen elkaar nodig hebben in tijden van nood, om gezamenlijk te kijken welke krachten een rol spelen, en wat er nodig is om veilig samen te leven.
Het originele model van Eigen Kracht-conferenties draagt de naam Family Group Conferencing, en komt uit Nieuw Zeeland, waar de overheid sociaal-maatschappelijke eisen stelde aan de Maori (een traditionele volksstam in Nieuw Zeeland). Deze eisen op het gebied van opvoeding en geweld vonden echter geen draagkracht bij de Maori, en de harde aanpak hielp niet. Op een bepaald moment ontstond de gedachte dat men wilde samenwerken met de Maori, om gezamenlijk oplossingen proberen te vinden, die aansloten bij de culturele waarden en normen van de Maori. De overheid trad in overleg met de Maori, en zij overlegden gezamenlijk op traditionele wijze, namelijk in een kring van wijze personen en betrokkenen, die op basis van respect de dialoog aangingen, om te kijken op welke punten ze elkaar konden vinden. Dit bleek de enige manier te zijn om tot gezamenlijk geaccepteerde normen en samenwerking te komen.
In principe is Family Group Conferencing dus ontstaan vanuit het idee om mensen zelf inspraak te geven bij dwang (een gedwongen kader dat gesteld werd door de overheid). En eigenlijk is de Eigen Kracht- conferentie een afgeleide daarvan, die nu ook los van dwang plaatsvindt.

De Eigen Kracht-conferentie heeft als doel om gezamenlijk een plan te maken, om de problemen het hoofd te bieden en binnen de gestelde kaders te blijven. Het is aan de mensen zelf om de manier waarop te bepalen. Een onderdeel van een plan kan zijn dat er professionele hulp wordt ingeschakeld op bepaalde levensterreinen.

Voor een conferentie en het uiteindelijke plan is instemming van hoofdpersoon cruciaal. Maar instemming van de hoofdpersoon in een gedwongen conferentie klinkt wat tegenstrijdig. Iets Moeten is niet vrijwillig, en vaak verloopt vooral in het begin de communicatie dan ook erg moeizaam. Het is dan belangrijk om de hoofdpersoon te vragen wie er belang heeft bij goede afspraken.

De samenleving c.q. een toezichthouder stelt een eis aan een persoon: iemand mag niet dit of dat. De samenleving is dan als het ware de opdrachtgever die stelt dat er een plan moet komen met een gedwongen kader. (namelijk er mag niet dit of dat gebeuren, anders volgt ingrijpen door een maatregel).

Voor de hoofdpersoon is dit vaak een onprettige situatie, want het kader vormt een inbreuk of een ontzegging in zijn/haar leven. Het is dan erg belangrijk om aan de hoofdpersoon uit te leggen waarom dit kader wordt opgelegd, en om de bezorgdheid die de samenleving heeft over de veiligheid helder te maken.

Voor de hoofdpersoon is het vervolgens belangrijk om te beseffen dat hij/zij niet machteloos hoeft toe te zien hoe alle zeggenschap wordt overgenomen, maar dat er kansen zijn om regie te houden over de uitvoering van het kader, zodat er zo min mogelijk inbreuk wordt gemaakt op zijn/haar leven, en zodat de minst ingrijpende maatregelen worden genomen, waarbij de hoofdpersoon maximale zeggenschap behoudt, en op die manier in zijn/haar waarde gelaten wordt.

Een Eigen Kracht-conferentie is een kans om de jungle van zorgland te beinvloeden, en zelf op de stoel van het gezag te klimmen, door een eigen plan te maken, waarmee wordt voldaan aan het kader en de eisen die gesteld zijn.
In een Eigen Kracht-conferentie wordt de kring rond de hoofpersoon bijeen geroepen. De hoofdpersoon is de opdrachtgever en bepaalt wie hij/zij erbij wil hebben om mee te denken. Vervolgens gaat men samen in overleg om af te bakenen hoe recht wordt gedaan in de situatie. Gezamenlijk wordt er een plan gemaakt om aan het kader te voldoen. Dit plan is dus het eigen plan van de hoofdpersoon, samen met zijn/haar netwerk, met daarin concrete afspraken om aan het opgelegde kader te voldoen.

Bij het vaststellen en uitleggen van het kader zijn vaak hulpverleners betrokken (bijv. kinderbescherming, verslavingszorg enz.). Veel hulpverleners durven de situatie niet los te laten en over te laten aan de persoon zelf en zijn/haar netwerk. Hulpverleners voelen vaak een te grote verantwoordelijkheid, en een drang om te bepalen wat veilig/onveilig is, en nemen zo de controle over van de hoofdpersoon en zijn/haar eigen sociale netwerk.
Eigen Kracht coordinatoren zijn juist gespecialiseerd in het neutraal blijven en het buiten het proces om faciliteren, daarom heet het ook Eigen Kracht.

De kring van dierbaren zal het laten niet gebeuren dat het fout afloopt, en zij willen bovendien ook dat de hoofdpersoon zelf gelukkig is. Omdat het netwerk de hoofdpersoon goed kent, kunnen zij waardevolle suggesties doen die zeer nauw aansluiten bij de persoonlijke behoeften, zodat er goede breedgedragen oplossingen gevonden kunnen worden, waar de hoofdpersoon zichzelf in kan vinden en aan kan en wil houden.
Eigen Kracht-conferenties zijn een erg goede manier om binnen een gedwongen kader de minst ingrijpende interventies af te spreken, en maximale zeggenschap te laten bij de hoofdpersoon.

Het was leuk dat Lineke mij vroeg om kort even iets te zeggen over mijn plan van het Eindhovens Model. En ik vertelde dat we Eigen Kracht-conferenties willen inzetten om gedwongen GGZ te voorkomen, en ik verwees nog even naar de workshop die we later die middag zouden hebben over het Eindhovens Model.

Ik vond het echt een interessante workshop, en het was erg inspirerend om zo op dezelfde lijn te zitten.

Toen was het lunchpauze. Na de lunch gingen we even apart zitten met ons Team Eindhoven (Wil Janssen, Jeanette Vos, Klien van de Broek en ik) om onze workshop over het Eindhovens Model door te spreken en ons in alle rust voor te bereiden.
Het was wel jammer dat de workshop Schaamte in de GGZ (door Alinda Hegger) samenviel met onze eigen workshop over het Eindhovens Model, want dat had me erg interessant geleken, maar daar kon ik dus niet naar toe.

Om 15.30 was het tijd voor onze workshop over het Eindhovens Model. We zaten met ongeveer 12 mensen in een kring.

Als eerste vertelde ik over mijn ervaringen met dwang in de GGZ. Ik ben zelf op mijn 16e opgenomen met dwang vanwege zelfmoordpogingen. Maar eigenlijk was de echte reden voor mijn opname, dat mijn familie erg bang was dat het zou lukken, en zij konden het niet aan om mij in huis te hebben, uit angst dat het zou lukken.
Ik zat opeens in een instelling, met allemaal vreemde mensen, kilometers van huis. Ik was in een klap alles kwijt, zo voelde dat. Ik raakte in paniek en deed nog meer pogingen. Toen besloten de hulpverleners me op te sluiten in een isoleercel, om me te beschermen tegen mezelf, voor mijn bestwil. Maar voor mij was dat natuurlijk verschrikkelijk, en ik werd ook niet minder depressief. Sterker nog, in die cel wilde ik al helemaal niet meer verder. Ik had echt geen leven meer. En eigenlijk was de echte reden voor die isoleercel ook niet MIJN bestwil, maar de bestwil van het personeel, want die hadden geen tijd om iedereen aandacht te geven of in de gaten te houden, en dus zat ik eigenlijk in die isoleercel vanwege een gebrek aan 24-uurs begeleiding.

Het ging van kwaad tot erger, en ik zat bijna 2 jaar in die isoleercel. Ik werd ook vastgebonden, platgespoten en zelfs gevisiteerd (onder dwang in mn intieme delen betast, ter controle op voorwerpen). De mensen om mij heen leken allemaal vijanden, omdat ze zulke vervelende dingen deden. Ik herkende niks meer in hun, en zij snapten mij niet. Ik voelde enkel afstand, en ik begreep niets meer van het leven. Ik wilde het niet, en ik bleef me verzetten en pogingen doen. Het was een grote strijd. Ik werd niet geholpen. Er was geen samenwerking.

Via een lange weg ben ik er toch nog uit gekomen. De afdeling waar ik zat is opgeheven omdat ze teveel fouten maakten, en ik ben overgeplaatst naar een KIB (Kliniek voor Intensieve Behandeling). Daar was de benadering heel anders. Er werd niet steeds gestraft, en de regeltjes waren niet zo onzinnig, maar best wel logisch en menselijk. Er was aandacht, contact, communicatie. Ze keken naar mij als mens, en niet enkel naar de voorschriften. Ze waren veel redelijker, en bevattelijk voor argumenten. En ik kreeg kansen, ze hielpen me om uit te vinden wat ik wilde. Ik mocht naar buiten, en ze probeerden me echt te helpen met mijn gevoelens, en het vinden van mijn dromen. En vanwege het contact, de vriendelijkheid en de redelijkheid ging ik hun zien als mensen, niet als vijanden. Zij empowerden mij. En dat was echte hulp. Daar had ik wat aan.

Ik ken dus uit eigen ervaring het verschil tussen goede en slechte zorg. Beheersing en tucht zijn geen zorg, want dat creeert alleen maar afstand, strijd en onrust, en meer problemen. Dwang is het tegenovergestelde van zorg. Zorg gaat over nabijheid, aandacht, contact en kansen. Zorg is iets warms, iets menselijks, iets fijns.

Tijdens mijn studie Milieugerichte Materiaaltechnologie, kwam ik op het punt dat ik iets wilde doen aan de dwang in de psychiatrie, omdat het nog steeds gebeurde, en het mij enorm raakt. Ik wilde de mensen bewust maken van deze grote fout om dwang in de GGZ toe te passen, want dwang werkt averechts. Ik heb toen Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! opgericht, tegen het gebruik van isoleercellen en dwang in de GGZ, want straf is straf en zorg is zorg.

De acties begonnen in 2002/2003 met anonieme handgemaakte protestpostertjes, enkele protestmarsen (streetraves) en het versturen van brieven. Gaandeweg kreeg ik steeds meer uitnodigingen voor congressen, vergaderingen, interviews enz.

In 2008 werd ik uitgenodigd voor deelname in de klankbordgroep voor de consultatie van de wetswijziging van de wet BOPZ (Bijzondere Opnamen in Psychiatrische Ziekenhuizen). De wet BOPZ regelt alle dwang in de GGZ, van gedwongen opname, tot dwangmedicatie, tot isoleercel en ontslag. Het Ministerie van Justitie heeft in samenwerking met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) nu een nieuw wetsvoorstel gemaakt: Wetsvoorstel Verplichte GGZ, dat de wet BOPZ zal gaan vervangen.
De klankbordgroep bestond uit diverse experts, en in diverse bijeenkomsten werd ons gevraagd om onze mening, kritiek en suggesties te uiten mbt het wetsvoorstel Verplichte Zorg. Ik heb op elk onderdeel constructieve feedback gegeven, door middel van Manifesten die ik heb geschreven, met daarin mijn reflectie op de situatie. Ik heb daarbij consequent geprobeerd alle denk- en aannamefouten te verbeteren, en concrete oplossingen aan te dragen.

Mijn uitgebreide feedback op het wetsvoorstel (te vinden op www.mindrights.nl ) vond echter weinig gehoor, en het wetsvoorstel Verplichte GGZ bleef nagenoeg onveranderd. Op dat moment besloot ik om dan maar mijn eigen conclusies te trekken, en een eigen model voor een wetsvoorstel uit te werken.
Als ingenieur heb ik geleerd hoe ik zoiets aanpak, en uit alle gegevens die ik verzameld had over het reduceren van dwang en mijn feedback op het wetsvoorstel, maakte ik een lijstje van eisen en wensen, waaraan een ideaal model zou moeten voldoen. Zo kreeg ik een helder beeld van wat ik zocht.
En al denkende, herinnerde ik me opeens dat ik ooit ergens een blaadje had gekregen over Eigen Kracht-conferenties, en ergens begon een belletje te rinkelen. Ik zocht het allemaal wat verder uit, en toen bleek dat de Eigen Kracht-benadering kan voldoen aan alle ideeen die ik over een alternatief model had.

Mijn alternatief voor de wet BOPZ/Verplichte GGZ gaf ik de naam Het Eindhovens Model.
In 2009 schreef ik een aantal stukken daarover naar de wetmakers, in de hoop dat zij dit alternatief zouden omarmen, maar helaas, dat gebeurde niet.

Mijn stukken stonden openbaar op internet, en ik werd toen al snel zelf benaderd door mensen van de Eigen Kracht-Centrale, die enthousiast waren over mijn plan om Eigen Kracht-conferenties in te zetten ter voorkoming van dwang in de GGZ. We besloten om samen te gaan werken, en om een pilotproject op te zetten in Eindhoven, omdat het erg belangrijk is om ook met concrete resultaten te komen, om aan te tonen dat de Eigen Kracht aanpak werkelijk beter is dan dwang.

Op de beamer werd het procedure-schema van het Eindhovens Model tevoorschijn getoverd, en ik gaf een toelichting op de uitbreiding van stappen ten opzichte van de oude situatie onder de BOPZ, en ook mbt wetsvoorstel Verplichte GGZ. En ik gaf aan op welke momenten er een Eigen Kracht-conferentie gevoerd zou kunnen worden.

Ik was erg trots toen ik vertelde dat ik de wetmakers van de dwangwetten (BOPZ en WVGGZ) zover had gekregen dat er een toezegging was eenzelfde constructie als in de jeugdzorg te maken (Motie Voordewind, voorjaar 2011), waarbij burgers in de eerste plaats de kans hebben om hun eigen plan te maken, alvorens de overheid mag ingrijpen.
Deze passage zou een grote fundamentele wijziging zijn in de constructie van de wet (BOPZ/WVGGZ), omdat men voorheen enkel de focus had op dwang en onvrijwillig ingrijpen, en de burger daarbij alle zeggenschap verloor, met alle vervelende gevolgen van dien. Via een Eigen Kracht-conferentie kan de focus komen liggen op echte zorg, in plaats van beheersing en symptoombestrijding. En als dwang voorkomen kan worden, bespaar je mensen een levenslang trauma. Dit biedt dus enorme kansen voor verbetering van de zorg in crisissituaties, en de kans om strijd, dwang en verergering te voorkomen. Dit is dus het Eindhovens Model.

Wil Janssen, regiomanager Eigen Kracht Noord Brabant, nam het woord van me over, en hij vertelde over de samenwerking in het pilotproject in Eindhoven. De stukken over het Eindhovens Model in het kader van de wetswijziging BOPZ/Verplichte GGZ hadden de aanleiding gevormd voor nader contact, en we besloten om er gezamenlijk werk van te gaan maken en het Eindhovens Model in de praktijk te brengen.

Ten eerste hebben we een Denktank voor het Eindhovens Model opgericht, die bestond uit Fiet van Beek, Ge de Wilde, Wil Janssen en Jolijn Santegoeds (ik dus). Samen hebben we de verdere plannen uitgewerkt en zijn we bij de gemeente Eindhoven geweest. Daar hebben we o.a. met de wethouder Lenie Scholten gesproken over het houden van Eigen Kracht conferenties als alternatief voor de BOPZ-procedure, oftewel om dwang te voorkomen. Dit idee werd positief ontvangen, en we kwamen tot een raamovereenkomst voor ca 30 conferenties in de Gemeente Eindhoven.

In Eindhoven zijn we dus begonnen met het opzetten van de pilot van het Eindhovens Model, maar we zien dezelfde ontwikkelingen ook wel terug in andere delen van het land, zoals bij Gert Schout in Groningen die via OGGZ ook dwangopnames probeert te voorkomen via Eigen Kracht-conferenties. We willen nu meer samenwerking tussen Eindhoven en Groningen, om van elkaar te leren, en om de resultaten gezamenlijk te verwerken, om zo een krachtig signaal af te geven naar de overheid.

Inmiddels is er ook een Eindhovens Eigen Kracht-kantoortje opgezet aan de Kronenhoefstraat 21 in Eindhoven, en daar werkt het Team Eindhoven, dat bestaat uit: Wil Janssen, Jeanette Vos en Klien van de Broek (en Jolijn Santegoeds is daarbij ook nog steeds betrokken).

Jeanette Vos, projectmedewerkster van Team Eindhoven Eigen Kracht, vertelde vervolgens nog wat meer over de organisatie in de Eindhovense context.

Eindhoven de Sociaalste
Eindhoven is uitgeroepen tot de slimste stad van de wereld, en in het gemeentelijke visiedocument WIJ Eindhoven, staat dat Eindhoven nu ook de sociaalste wil worden (en dat is dus echt slim!).

Het college van Eindhoven heeft de ambitie om nog deze raadsperiode te komen tot een fundamenteel andere manier van werken in het sociaal-maatschappelijke domein, waarbij de uitgangspunten zijn dat er vraaggestuurd en wijkgericht wordt gewerkt, dat de eigen kracht en het zelforganiserend vermogen van burgers wordt aangesproken en de effectiviteit en beperking van bureaucratie centraal staat bij de uitvoering van dit besluit.

Het gemeentelijke WIJ Eindhoven comité adviseert de gemeenteraad een systeeminnovatie, een trendbreuk, waarbij een aantal zaken compleet over een andere boeg moeten.

x95 Van curatief naar preventief
x95 Van formele zorg meer naar informele zorg
x95 Van doelgroepen naar individuen
x95 Van specialisten naar generalisten
x95 Van verticaal naar horizontaal
x95 Van sectoraal naar integraal
x95 Van aanbodgestuurd naar vraaggestuurd
x95 Van verkoopmodel naar inkoopmodel
x95 Van ‘9 tot 5’ naar flexibel

Daarbij is het belangrijk dat één huishouden één aanspreekpunt heeft en één plan!
Het terugvinden van de zelfregie hoort centraal te staan.

De gemeente Eindhoven wil de sociaal-maatschappelijke zorg dus anders organiseren, en toont daarbij veel ambitie. Dit is een gunstig klimaat voor het opzetten van Eigen Kracht en het Eindhovens Model. Inmiddels zijn er erg positieve en hoopvolle gesprekken geweest bij diverse sociaal-maatschappelijke organisaties, zoals woningbouw, GGD, Lumens Groep (welzijn en maatschappelijk werk) en de gemeente Eindhoven.

Met steun van de Gemeente Eindhoven, organiseert Eigen Kracht Eindhoven op donderdagmiddag 2 februari 2012 een grote bijeenkomst in het stadhuis van Eindhoven, met als doel om andere organisaties en verwijzers bewust te maken van de mogelijkheden voor Eigen Kracht-conferenties, ook op het vlak van GGZ.
Er zijn nu al meer dan 60 aanmeldingen vanuit allerlei instanties en organisaties, o.a. GGzE, Lumens Groep (Welzijn), NEOS, BJZ, CJG, MEE, Lunet Zorg, Ergon Re-integratie, Novadic Kentron, Fontys opleiding Social Studies, en een aantal stichtingen in het zelfhulpnetwerk, de Boei, Stibaza, e.a. Dat geeft aan dat er interesse is, en dat men openstaat voor nieuwe ideeen. Dat is erg positief.

Het gaat dus goed met Eigen Kracht Eindhoven.

Er kwamen veel vragen, vooral praktische vragen over hoe de aansluiting met de huidige praktijk werd gemaakt (bijv. of de GGZ het eigen plan accepteert, en of we als concurrent of partner werden gezien). We konden nog niet overal een duidelijk antwoord op geven, omdat we nog vrij vroeg in het project zitten, maar deze vragen zijn precies de redenen waarom we een grote bijeenkomst in het Stadhuis hebben georganiseerd, om de andere organisaties voor te lichten mbt onze rol en functie. Wij streven ernaar om partners te zijn van andere organisaties. Eigen Kracht is eigenlijk een besluitvormingsmethode, en kan dus in principe op elke beslissing in elk levensdomein worden toegepast. In die zin is het dus geen concurrentie voor de zorgaanbieders, maar het is eigenlijk meer een instrument voor het definieren van de zorgvraag en zorgafstemming (optimalisatie), en dat kan dus door elke organisatie gebruikt worden.

Een opmerking die me bij is gebleven was van een vrouw die zei dat regiomanagers en coordinatoren geen angst moesten hebben om te beginnen aan Eigen Kracht-conferenties met GGZ-clienten, want vroeger dacht men ook dat Eigen Kracht niet zou lukken met verstandelijk gehandicapten, terwijl juist gebleken is dat dat geen bezwaar hoeft te zijn, en dat er juist zeer goede resultaten kunnen worden behaald. Het gaat immers gewoon over mensen.
Ik vond dat een prachtige opmerking, die getuigt van inzicht, respect en onbevooroordeeld zijn. Dit is nu precies de reden dat ik vertrouwen heb in de mensen van de Eigen Kracht. Het zijn echte mensen.

Het was een erg leuke en inspirerende dag.