Bijeenkomst bij College voor de Rechten van de Mens – dit keer positief

Afgelopen vrijdag 30 oktober ging ik naar ’t Veerhuis in Nieuwegein voor de bijeenkomst “Leven met een beperking in Nederland”, georganiseerd door het College voor de Rechten van de Mens, zie https://mensenrechten.nl/agenda/bijeenkomst-leven-met-een-beperking-nederland

Het bleek een bijzondere dag te worden.

 

Het doel van de bijeenkomst was, dat mensen met beperkingen en ervaringsdeskundigen meedenken over de uitwerking en invulling van het VN-verdrag, en informatie aan het College geven voor de implementatie (uitvoering) van het VN-verdrag.

 

Om 14.00 begon het programma met een korte inleiding over de stand van zaken rond het VN-verdrag voor de Rechten van Personen met Beperkingen in Nederland. Er zijn verschillende thema’s die belangrijk zijn en uitgewerkt worden, bijvoorbeeld mobiliteit en toegankelijkheid, onderwijs en werk, zelfstandig wonen, maar ook zeggenschap en het nemen van beslissingen, hoewel over dat laatste nog weinig wordt geschreven in het ratificatie wetsvoorstel van de regering. Het is nu dus de bedoeling dat mensen met beperkingen en ervaringsdeskundigen actief meedenken over goede oplossingen om de mensenrechten voor personen met beperkingen in Nederland goed en volledig te realiseren. Ik was er uiteraard om de belangen van GGZ-clienten te behartigen.

 

Vanaf 14.15 begonnen er 6 verdiepende workshops, met 6 verschillende thema’s. Ik ging naar de workshop over Persoonlijke integriteit en Privacy. Er waren ongeveer 10 deelnemers met diverse achtergronden en chronische aandoeningen, en ook Nannie Flim van de Stichting PVP was erbij. Als eerste benoemde iedereen een paar belangrijke knelpunten waar hij/zij tegenaan liep. Dat leverde een interessante uitwisseling op over vooroordelen (afwijzing), bureaucratie en de vele brieven die gestuurd worden (niet allemaal even doordacht en vriendelijk…), dossiervormen en wat daarmee allemaal mee gebeurt, en het figuurlijk uitkleden van mensen door het afpakken van voorzieningen die er waren en non-stop herkeuren (3 of 4x per jaar, alsof je bij voorbaat een fraudeur bent). Ook kwam het onderwerp dwang aan de orde: zowel de fysieke als manipulatieve dwang. Veel mensen met beperkingen ervaren manipulatieve dwang, waarbij er maatregelen dreigen als ze niet doen wat een ander wil, bijvoorbeeld: Als men een bepaalde behandeling niet ondergaat wordt de uitkering stopgezet (bijv. verplichte psychotherapie bij de ziekte ME, een ziekte die niet overal erkend is). Dan is de persoon niet meer vrij om te beslissen over medische zorg. Dit is ook dwang. Er was veel herkenning onderling.

Na een korte pauze praatten we verder over: Hoe ziet de wereld eruit in 2031. Wat zijn de oplossingen? Educatie, bewustwording en minder bureaucratie werden direct genoemd. Daarna discussieerden we over het begrip Menswaardigheid, en vervolgens over sociaal isolement en diverse groepen zorgmijders. Er was een korte pittige discussie over het recht om zorg te weigeren, en hoe zich dat verhoudt tot bijv. iemand wegduwen van een spoorweg. We waren het erover eens dat bij zorgverlening zelfbeschikking altijd het uitgangspunt moet zijn, zowel bij het ontvangen als bij het weigeren van zorg, en dat moet zonder sancties zijn, en ook de beschikbaarheid van verschillende keuzes speelt een rol, en de acceptatie van keuzes (als je bijvoorbeeld aan je arts vraagt om informatie over meditatie, yoga en wandelen, in plaats van het pillen aanbod). Ook hadden we het over “het recht om in een schoon huis te wonen” (iets wat voor veel mensen met beperkingen steeds verder wordt afgebroken).

Onder het kopje: goede voorbeelden en het versterken van de regie van de persoon, benoemde ik de Eigen Kracht-conferenties (http://www.eigen-kracht.nl/ ) , waarbij de hoofdpersoon met zijn/haar eigen (zelfgekozen) netwerk kan overleggen over wat zij zelf willen dat er gebeurt, en gezamenlijk een plan maken om een bepaalde situatie mee aan te pakken. Dit kan eigenlijk overal over gaan (bijv. wat is er nodig om: zelfstandig thuis te wonen, een opleiding af te ronden, een bepaalde crisis door te komen enz.). Het eigen plan wordt dan de basis voor alle zorg en begeleiding en ondersteuning, en dit kan helpen om regie en eigen kracht van de hoofdpersoon te versterken. Dit is een concrete methode die op veel terreinen ingezet kan worden om mensen zelf de regie te geven over de “menswaardigheid” van hun bestaan.

 

Om 16.15 moesten we afronden en terug naar de plenaire zaal, waar de dagvoorzitter nog enkele vragen aan het publiek stelde. Daarna was er nog een borrel met gelegenheid tot napraten.

 

Mijlpaal

Ik heb nog even met Dick Houtzager van het College voor de Rechten van de Mens gesproken, en die zei me dat er inmiddels visieveranderingen gaande waren bij het College voor de Rechten van de Mens. Hij wees me op de reactie van het College op het ratificatie wetsvoorstel. Hij dacht dat ik daar wel blij mee zou zijn. We praatten nog wat, en het was opvallend genoeg een constructief gesprekje (hoe anders dan voorgaande keren…)

 

Ik ben deze keer niet overstuur weggegaan bij deze bijeenkomst van het College voor de Rechten van de Mens. Deze keer was ik hoopvol toen ik de bijeenkomst verliet. Ik heb de reactie van het College op het ratificatie wetsvoorstel doorgenomen (te vinden op: http://www.mensenrechten.nl/publicaties/detail/34841 ), en ik zie inderdaad verandering.

 

Het College voor de Rechten van de Mens beschrijft in hun Advies over de wetsvoorstellen ter ratificatie van het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, o.a. hun visie op  artikel 14 van het VN-verdrag (zie ook mijn vorige bericht: Nederlandse ratificatie wet op gespannen voet met VN-verdrag artikel 14 ) over vrijheidsbeperking en dwang in de zorg:

 

Artikel 14 Vrijheid en veiligheid van persoon (MvT p.50)

In de Memorie van Toelichting wordt terecht opgemerkt dat het gevaarscriterium van de Wet BOPZ voorkomt dat het enkele bestaan van een psychische beperking een grond voor gedwongen opname zou kunnen zijn. Ook bij vergelijkbare criteria, zoals te vinden in de voorgenomen Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (ernstige schade) en de voorgenomen Wet Zorg en Dwang (ernstig nadeel), wordt deze lijn aangehouden. Wel stelt het College vast dat het verdrag ervan uitgaat dat gevaar zonder de aanwezigheid van een geestesstoornis niet tot een gedwongen opneming kan leiden. Dit betekent dat anders wordt omgegaan met personen met een beperking (in de vorm van een geestesstoornis in de zin van de wet). Dit lijkt in strijd met artikel 14 lid 1 van het verdrag.

Het College stelt vast dat het toepassen van dwangbehandeling, -middelen en –maatregelen op grond van de Wet BOPZ niet alleen bij wilsonbekwame, maar ook bij wilsbekwame patiënten kan plaatsvinden. Het College wijst er op dat het toezichthoudend VN-Comité bij het verdrag benadrukt dat gedwongen behandeling door psychiatrische en andere medische professionals strijd oplevert met de beginselen van het recht op persoonlijke integriteit (artikel 17), de vrijwaring van foltering (artikel 15) en de vrijwaring van geweld en misbruik (artikel 16). Mensen met een beperking hebben het recht een medische behandeling te kiezen. Het gedwongen opleggen van een behandeling is volgens het Comité dan ook een inbreuk op artikel 12 van het verdrag. Ook wanneer mensen in (psychiatrische) instellingen in crisissituaties geraken moet de Staat hun handelingsbekwaamheid respecteren.

Het College vraagt uw Kamer bij de behandeling van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg en de Wet zorg en dwang na te gaan of de verplichtingen ten aanzien van dwang in de zorg op grond van de verplichtingen uit het verdrag aanpassing behoeven.

 

De regering stelt een interpretatieve verklaring voor bij dit artikel. Een dergelijke verklaring is onnodig. Immers, het verdrag doelt op vrijheidsontneming vanwege het enkele bestaan van een beperking. Nu eventuele vrijheidsontneming gebaseerd moet zijn op het gevaar dat iemand vormt voor zichzelf of voor zijn omgeving, is duidelijk dat deze niet is gebaseerd op het enkele bestaan van een beperking.

Het College beveelt de Kamer aan te bewerkstelligen dat deze verklaring niet wordt opgenomen bij de ratificatie.

(bron: http://www.mensenrechten.nl/publicaties/detail/34841 )

 

Dit is echt een verandering!!! Het is nog pril, maar het blijft een echte mijlpaal!! Het College geeft een belangrijk signaal af, en toont aan dat het VN-verdrag in opkomst is. Hopelijk vinden we nu ook eindelijk een plek waar de klachten over dwang in de zorg wel serieus worden genomen. Het is dus een belangrijke mijlpaal dat het College voor de Rechten van de Mens zich nu uitlaat tegen dwang, en haar visie begint bij te stellen in lijn met het VN-verdrag. Dat is heel erg hoopgevend. Dan kunnen we constructief gaan samenwerken aan oplossingen (dat was ook de verandering die ik voelde toen ik met Dick Houtzager praatte). Ik ben echt blij met deze wending. Ik vond het dus wel een positieve bijeenkomst.

 

 

Verder werd ik ook nog gewezen op de Thematische Wetsevaluatie Gedwongen Zorg van ZonMW, zie http://www.zonmw.nl/nl/publicaties/detail/thematische-wetsevaluatie-gedwongen-zorg/?no_cache=1&cHash=3f72b13f461cbc5d3141aa73e2e13655

Deze publicatie was dan weer een stuk minder positief. Het zijn meer dan 500 pagina’s zonder vernieuwende visie. Het is geschreven door een groep onderzoekers van 3 universiteiten. In het rapport verdedigen zij het Nederlandse beleid, en doen de VN af als “globaal adviserend orgaan dat niet bindend is”, en VN-verdragen noemen ze “soft law” die men als “inspiratie” beschouwd in plaats van als internationale fundamentele universele RECHTEN. Deze houding insinueert dat het ondertekenen van VN-verdragen eigenlijk niets betekent ?!? … Dit is onjuist, want de VN-verdragen beschrijven juist dat de lidstaten een verantwoordelijkheid hebben in het waarborgen van deze RECHTEN, en als men daarvoor tekent (dmv ratificatie), dan verbindt men zich aan dat internationale contract. Het feit dat er geen boetes zijn bij contractbreuk, betekent niet meteen dat het contract niks waard is…..

 

Anyway, met een dergelijke denigrerende inleiding ten aanzien van de internationale fundamentele mensenrechten, is voor mij al wel duidelijk in wat voor een verdedigende toonzetting dit rapport geschreven is. De professoren pogen in 500 pagina’s uit te leggen welke details er nog afgestemd dienen te worden tussen de vele verschillende wetten die gedwongen behandeling regelen (BOPZ, WZD, WVGGZ, WFZ, Jeugdwet, PIJ enz. enz.). Zelf zou ik het boekwerk willen beschrijven als bureaucratisch, paternalistisch en lomp, en niet meer van deze tijd.

 

De Thematische Wetsevaluatie Gedwongen Zorg is trouwens een duidelijk voorbeeld van een “adviserende tekst die niet bindend is”, in tegenstelling tot getekende mensenrechtenverdragen.

 

 

Het is 2014. Het is tijd voor compassie in de zorg. Geen dwang meer. Het is tijd voor mensenrechten.

Wil je meehelpen om dwang te laten verdwijnen uit de GGZ?

Teken onze petitie: Wetgevers: Regel zorg in plaats van dwang in de GGZ

Advertenties